AKKERBOUW NPPL REPORTAGE
ming. “Om dit te verhelpen hebben we de uien tijdens de opkomst één keer met de haspel beregend.”
Goed voor milieu en beurs Op basis van de nu tweejarige ervaring, houdt Daniël Cerfontaine een goed gevoel over aan de druppelirrigatie. “Het zorgt voor zichtbaar sterkere en gezondere planten. Dit betekent minder ziektebestrij- ding, en dat is weer beter voor het milieu en resulteert in lagere gewasbeschermings- kosten. Ook dit droge jaar staan onze rode Red Tide-uien er weer goed bij. We zien wel dat de uien die verder van de slang groeien, kleiner zijn. Positief is verder dat door de continue bevochtiging de grond zijn fijne structuur behoudt.”
Duurzame teelt
In de ogen van Cerfontaine is sprake van een duurzame teelt als je als teler met tal van belangen zo goed mogelijk rekening houdt. Duurzaam niet alleen wat betreft de milieuaspecten, maar ook wat betreft het rendement. “Een gewas telen zonder of weinig water en/of inzet van gewasbescher- mingsmiddelen en/of geen kunstmest, resulteert uiteindelijk in slechte opbreng- sten. Dat houdt geen enkele teler lang vol. Daarnaast zullen we bewust moeten omgaan met gewasbeschermingsmidde- len, kunstmest en water. Anders roept de overheid ons vroeg of laat een halt toe.”
Kwantificeren
Om collega’s te kunnen overtuigen, is het noodzaak om de meerwaarde van
Uien van het druppelbevloeid perceel rijpten eerder af en waren aanmerkelijk grover.
bepaalde handelingen/investeringen te kunnen kwantificeren, ervaart Daniël. “Zo zien we zelf de duidelijke verschillen in de uien, maar we kunnen dit nog niet cijfermatig onderbouwen. Cijfers vertalen naar de praktijk is moeilijk. Als we een opbrengstmeting per perceel en ook nog verdeeld over het perceel kunnen realise- ren, zijn we ver genoeg.” Cerfontaine wil naast de maaidorsers ook de bieten- en
uienrooiers voorzien van een plaatsspeci- fieke opbrengstmeting. “Dat is nog niet zo gemakkelijk. Zo speelt de grondtarra in de bietenteelt op lössgrond een duidelijke rol. Het rooien van bieten onder alle mogelij- ke omstandigheden zorgt voor een sterke variatie in de grondtarra. Daarentegen is de tarra bij uien een redelijk constante factor. Die rooien we normaliter steeds onder droge omstandigheden.”
Zoeken naar een uniform bodemvochtmeetsysteem
Daniël Cerfontaine heeft verschillende merken bodemvochtsensoren in het veld. Deze geven allemaal de actuele situatie van het bodem- vocht weer. Maar: elk op een andere wijze. Ook de weergave van de zuigspanning verschilt. Ieder sensorsysteem meet en presenteert deze zuigspanning op een andere manier. “Deze verschillende weergaven ervaart
Daniël als een probleem. Voor ons als WUR interessant dit uit te zoeken en te kijken of er een systeem is dat deze gegevens wel uni- form presenteert.” Dat zegt Koen van Bohee- men. Hij is vanuit WUR bij NPPL betrokken als technisch onderzoeker precisielandbouw en smart farming. Een van de bedrijven die hij begeleidt is dat van Daniël Cerfontaine. “De bij WUR aanwezige kennis en ons uitge- breide netwerk helpen Daniël bij het vinden
52
van oplossingen voor de problemen waar hij tegenaan loopt”, aldus Boheemen. Hij is ook betrokken bij de opbrengst-
Koen van Boheemen van WUR: “Voor ons is het interessant om uit te zoeken of er een vochtmeetsysteem is dat gegevens uniform presenteert.”
metingen. “Op basis van onze ervaring en kennis denken we met hem mee wat, hoe en waarmee te meten. Ook begeleiden we hem in zijn weg naar een zo duurzaam mogelijk grondgebruik. Hij wil een dusdanig bodem- gebruiksysteem waarmee hij niet alleen nu goede opbrengsten behaalt, maar waarbij de grond zich ook over 30 jaar nog in een optimale conditie bevindt. Dus niet koste wat het kost nu de hoogste opbrengst halen, om vervolgens de grond uit te mergelen.” Aaltjes spelen daarbij een grote rol. Cerfon- taine maakt nu gebruik van de WUR-aaltjes- adviesmodule. “Het hieruit voortvloeiend aal- tjesadvies wil hij meenemen in zijn teeltplan.”
BOERDERIJ 106 — no. 4 (20 oktober 2020)
FOTO: JAN WILLEM SCHOUTEN
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76