Aantal overzomerende ganzen neemt toe Aantal getelde ganzen per soort, in juli.
Periode: 2013 - 2018 Grauwe gans
Boerengans
200.000 400.000 600.000 800.000
0 2013 2014 2015 2016 2017 2018
Groei aantal overwinterende ganzen vlakt af Gemiddeld aantal ganzen, per soort, per winterseizoen.
Kolgans Rotgans
provincies Friesland, Noord-Holland en Gelderland (zie kader). De cijfers geven de uitgekeerde schade weer, maar de werkelijke schade ligt vaak hoger. Volgens BIJ12 is de vergoeding niet bedoeld om boeren geheel schadeloos te stellen. “Door het telen van gewassen en het houden van dieren buiten is er altijd risico op schade van buitenaf. Dat is onderdeel van het bedrijfsrisico”, aldus een woord- voerder van BIJ12. Schade die aangericht wordt door lan- delijk vrijgestelde diersoorten (zoals de Canadese gans) wordt wel getaxeerd, maar niet uitbetaald. BIJ12 vindt dat een vrijstelling jaarrond voldoende mogelijkheid biedt om schade door dit soort te beperken (uitzonderingen gelden soms in Natura 2000-gebieden). Ook komt het voor dat aanvragen foutief ingevuld worden. Die worden per definitie afgekeurd. Bovendien constateert BIJ12 dat in sommige gevallen geen adequaat gebruikgemaakt is van de ontheffing om ganzen te bejagen. Dan wordt de schade wel getaxeerd, maar niet uitbetaald.
Eerste € 550 is voor eigen rekening Wel moeten boeren een eigen risico betalen. Dat weer- houdt sommigen ervan überhaupt een aanvraag in te dienen omdat de baten niet opwegen tegen de kosten. De minimale schade bedraagt € 250 per bedrijf per mel- dingsjaar, tot een bedrag van € 5.000 is getaxeerd. Boven dit bedrag geldt 5% (20% in Friesland) eigen risico. BIJ12 rekent bovendien sinds 1 oktober 2014 met leges van € 300 per aanvraag. Bij een aanvraag is de eerste € 550 dus voor eigen rekening. Sommige provincies betalen de leges terug als de aanvraag goedgekeurd wordt. Maar dat geldt niet voor elke provincie. Zo betaalt Noord-Brabant de
Varkens opzoek naar eieren van grauwe gan- zen langs het Amsterdam-Rijn- kanaal in Houten (U.). Een wanhoopsactie in de provincie Utrecht vorig jaar om iets aan de overlast van ganzen te doen. De effectiviteit en bijkomende gevolgen van de maatregel blijken discutabel.
200.000 400.000 600.000 800.000 1.000.000 1.200.000
0
1975 1981 1987 1993 1999 2005 2011 2017 Bron: Sovon Vogelonderzoek Nederland
Meer zomerganzen
Het aantal overzomerende ganzen (grafiek boven) neemt fors toe, blijkt uit het rapport Ganzen en ganzenschade in Nederland van Wageningen Environmental Research (WER). In juli 2018 waren dat er ruim 670.000, tegenover 155.500 in referentiejaar 2005 (+331%). In Zuid-Holland (22%), Noord-Holland (22%) en Gelderland (14%) verbleven in 2018 de meeste zomerganzen. De grauwe gans is het meest verte- genwoordigd en maakt de sterkste groei door. Een kantte- kening: niet van alle provincies waren elk jaar telgegevens beschikbaar. In 2013 gaat het om data van 8 provincies, in 2014 om 10, in 2016 om 11 en de rest om 12 provincies. Het aantal overwinterende ganzen (grafiek onder) bedroeg in de winter van 2017-’18 gemiddeld 901.546. Dat is 12,5% meer dan het aantal van 801.442 in referentie- jaar 2005. De cijfers geven een gemiddelde van het hele winterhalfaar. Het maximum aantal ganzen op een bepaald moment is vaak een momentopname.
leges alleen terug als het om schade in rustgebieden gaat, terwijl Friesland alleen terugbetaalt als er schade is door andere diersoorten zoals een wolf of bever. Limburg heft als enige provincie geen leges.
De hoogte van de vergoeding is afhankelijk van meerde- re factoren, zoals de gewasgroei, het type bedrijfsvoering
BOERDERIJ 106 — no. 4 (20 oktober 2020) 11 Brandgans Grote Canadese ans Kleine Rietgans
Grauwe Gans Nijlgans
Taigarietgans Winterperiode: 1975/76 t/m 2017/18 Toendrarietgans Brandgans Kolgans Canadese gans Indische gans Nijlgans
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76