016 Interview
in het dagelijks werk. Daarmee heeft het effect op onszelf, op het team én op de kwaliteit van zorg.” Met dat verhaal stapt ze naar haar opleider,
Matthijs de Hoog. Zouden ze deze vorm van coaching niet voor alle aiossen beschikbaar kunnen stellen? Haar opleider ziet aanvanke- lijk wel wat beren op de weg. “Is er behoefte bij de aiossen, gaan ze dit doen? Hoe gaan we dit financieren? Waar halen we de tijd van- daan?”, somt De Pagter de vragen op die De Hoog destijds op haar afvuurt. “Toch werd hij enthousiast: ‘Oké, ik financier een pilot, maar dan koppelen we er wel effectiviteitsonderzoek aan’. Dat doen we nog altijd: wetenschappelijk onderzoek is de ruggengraat van Challenge & Support.” Zo heet het coachingsprogramma dat is
voortgekomen uit de pilot. Het bestaat uit zes face-to-facesessies in een periode van tien maanden, met ‘onafhankelijke, ervaren coa- ches die een erkende opleiding hebben gevolgd én kennis hebben van de medische wereld’. Art- sen schrijven zich vrijwillig in (“Er is evidence dat coaching verplicht stellen niet werkt.”); me- disch specialisten betalen de kosten zelf, voor aiossen wordt het traject grotendeels vergoed uit het opleidingsbudget. “Bewust niet volledig; persoonlijke en professionele ontwikkeling is namelijk een gedeelde verantwoordelijkheid.” De coachsessies zijn altijd ‘individueel in een vertrouwelijke setting’, maar wél ingebed in een vakgroep of afdeling. “Wil je een individu- eel proces laten landen in de praktijk, dan moet de grond bouwrijp zijn.”
Welzijn vergroten Dat lijkt op steeds meer plekken het geval. Afge- lopen jaar hebben veertig vakgroepen en bijna duizend artsen deelgenomen aan Challenge & Support (C&S). Inmiddels loopt er ook een doch- terprogramma voor geneeskundestudenten (MATCH your future) en gaat er een onderzoek van start naar de effectiviteit van ontwikke- lingsgerichte ondersteuning bij andere beroeps- groepen, zoals verpleegkundigen. “Deze bewe- ging stopt niet bij dokters”, zegt De Pagter. “Het doel is niet coaching aanbieden, maar de zorg verbeteren, door het reflectievermogen en het welzijn van zorgprofessionals te vergroten.” Dat roept een vraag op die de oprichter en program- maleider van C&S vaker krijgt: moet er niet iets aan het systeem worden gedaan, in plaats van artsen bestendig(er) te maken tegen de (te) hoge werkbelasting? “Dat is ook belangrijk, maar dat hebben we als individu alleen niet in de hand. De effecten van coaching kunnen wel bijdragen aan verandering: als we echt reflectief naar onszelf en ons team kunnen zijn, dan kunnen we dat ook naar de organisatie.”
CURRICULUM VITAE
Anne de Pagter (1982) geboren in Middelburg
2000 – 2006
geneeskunde, Universiteit Utrecht
2007 – 2009
MD/PhD Traject, Towards a safer stem cell transplan- tation: viral reactivations
and immune reconstitution, Universiteit Utrecht 2010 – 2015
kinderarts in opleiding,
Sint Franciscus Gasthuis, Erasmus MC – Sophia
Kinderziekenhuis en LUMC – Willem-Alexander Kinder- ziekenhuis
2015 – 2018
fellowship kinderhematolo- gie, Erasmus MC – Sophia
Kinderziekenhuis en LUMC – Willem-Alexander Kinder- ziekenhuis
2017 – heden initiator en programma-
leider Challenge & Support; professionele persoonlijke ontwikkeling voor medisch professionals 2018 – heden
kinderhematoloog Erasmus MC – Sophia Kinderzieken- huis en LUMC – Willem-
Alexander Kinderziekenhuis 2019 – heden
initiator en programma-
leider MATCH programma: professionele persoonlijke ontwikkeling voor master-
studenten gezondheidszorg- studies Erasmus MC 2020- heden
stuurgroeplid Zin in Zorg 2020- heden
bestuurslid stichting ZWIC 2021 – heden
universitair hoofddocent professionele persoonlijke
ontwikkeling zorgprofessio- nals, Erasmus MC
De Pagter – AirPods in, open blik – doet haar verhaal half januari coronaproof via Teams. Ze is net terug van een korte vakantie in Zeeland, waar de kinderarts op de foto is gegaan bij de Oosterscheldekering, een plek die zij zelf uitkoos, met een reden. “Het is natuurlijk een uniek bouwproject geweest destijds, maar wat me het meest aanspreekt, is hóe het tot stand is gekomen. De plannen voor een dam lagen klaar, maar het werd een innovatieve storm- vloedkering. Wat veel mensen niet weten, is dat een groep Delftse studenten met dit vernieu- wende idee kwam; de ingenieurs van Rijks- waterstaat hebben het uiteindelijk omarmd. Het resultaat, 65 betonnen pijlers met daar- tussen schuiven die open- en dichtgaan, heeft Nederland op waterbouwkundig gebied wereld- wijd op de kaart gezet.” Ze ziet parallellen met C&S. “Op bescheiden schaal hoor, al is onze ambitie groot. Ik zie Challenge & Support als een pijler die bijdraagt aan een open cultuur in de zorg, waarin we ondersteuning, reflectie en groei normaal vinden. Gelukkig zijn er meer pijlers, meer initiatieven, zoals Zin in Zorg, een veelbelovende beweging. Ik hoop dat we met elkaar kunnen behouden wat goed is en ‘het achterland’ kunnen beschermen tegen wat niet goed is. Daar denk ik aan als ik langs de Delta- werken rijd.” Dat doet de kinderhematoloog geregeld, want
in Zeeland liggen haar roots, vlakbij Domburg. Daar woont nog steeds haar ‘eigen’, zoals Zeeuwen hun naaste familie noemen. In 2019 overleed haar moeder; De Pagter schreef in een persoonlijk essay in de Volkskrant over de profes- sionele en liefdevolle zorg die haar zieke moe- der ontving tot aan haar dood. De bezieling, de inzet buiten het takenpakket, het medeleven, de tranen van zorgverleners; het maakte een onuitwisbare indruk op haar. Of deze ervaring invloed heeft op haar eigen werk als dokter? “Ik ben me nog bewuster geworden van de waarde van echte verbinding. Enige professionele dis- tantie is nodig en nuttig in een behandelrelatie, maar ik ben minder bang om die distantie te laten zakken. Nog opener over wie ik ben. Wat iets met mij doet. In mijn opleiding leerde ik dat de ‘hard skills’ het belangrijkste zijn, daar- na komen de ‘soft skills’, die ik trouwens liever ‘human skills’ noem. Voor mij is dat – mede door de ervaring met mijn moeder – nu echt andersom: eerst komen de human skills, eerst echte aandacht, echte verbinding. Daarin ligt de sleutel voor de beste zorg.” Niet alleen in de relatie met patiënten en
ouders laat De Pagter zien wie er achter de witte jas zit, dat doet ze ook in het contact met collega’s. “Als je open bent, je kwetsbaar opstelt, dan is een ander daar ook eerder toe geneigd. Dat merk ik in het multidisciplinaire team
<
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76 |
Page 77 |
Page 78 |
Page 79 |
Page 80 |
Page 81 |
Page 82 |
Page 83 |
Page 84 |
Page 85 |
Page 86 |
Page 87 |
Page 88 |
Page 89 |
Page 90 |
Page 91 |
Page 92