praktijk Jaarverant oording
De Wet toetreding zorgaanbieders (Wtza) legt tandartsen de verplichting op om jaarlijks een jaarverantwoording in te die- nen. Tot 2024 gold voor de meeste tandartspraktijken de zo- genoemde pauzeknop. Dit jaar moeten alle praktijken gaan voldoen aan deze verplichting en over 2024 verantwoording afl eggen. Maar niet alle regels zijn voor iedereen hetzelfde.
TEKST: KAREL GOSSELINK / BEELD: SHUTTERSTOCK, BEWERKING: CURVE S
inds 1 januari 2022 hebben alle zorgaanbie- ders te maken met de Wet toetreding zorg- aanbieders. Deze wet bepaalt aan welke ei- sen zij moeten voldoen om zorg te mogen verlenen. Ook schrijft de Wtza voor dat zorg-
aanbieders jaarlijks openbaar verantwoording moeten af- leggen en waarover dat is. Het betreft hier onder meer de besteding van fi nanciële middelen. Ook moet de jaarver- antwoording inzicht geven in de fi nanciële bedrijfsvoering van zorgaanbieders. Deze informatie moet ervoor zorgen dat toezichthouders als de Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd (IGJ) en de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) risicoge- stuurd toezicht kunnen houden op de zorg, opdat fraude beter aangepakt kan worden.
Y Vier categorieën De verplichting vanuit de Wtza om jaarverantwoording af te leggen, geldt voor tandarts(specialist)en met een prak- tijk en personeel en voor zzp’ers die werken vanuit een be- sloten vennootschap (bv). Wat een tandarts moet aanleve- ren voor de jaarverantwoording is afhankelijk van de rechtsvorm of de omvang van de praktijk. Er worden vier categorieën van zorgaanbieders onder- scheiden: micro, klein, middelgroot en groot. De uitvoering van de jaarverantwoording ligt bij het Centraal Informatie- punt Beroepen Gezondheidszorg (CBIG). Dit is de uitvoe- ringsorganisatie van het ministerie van VWS.
Y Micro-zorgaanbieders Per januari 2025 worden binnen de jaarverantwoording ook zogeheten micro-zorgaanbieders onderscheiden. Voor micro-zorgaanbieders - waaronder naar schatting zestig procent van de mondzorgpraktijken valt – geldt een lichte- re verantwoording. Ze hoeven minder informatie aan te le- veren. Ook wordt minder informatie van hen openbaar ge- maakt om zo te voorkomen dat deze tot individuen herleidbaar is.
Een praktijk wordt als micro-zorgaanbieder gezien als deze op twee opeenvolgende boekjaren heeft voldaan aan minimaal twee van deze drie criteria: DBalanstotaal van maximaal 450.000,- euro. DMinder dan 900.000,- euro aan netto-omzet. DMaximaal tien fte aan werknemers gemiddeld over het boekjaar (zzp’ers worden niet meegeteld).
Wat doet de KNMT?
De KNMT heeft zich altijd kritisch uitgelaten over de Wtza en de fi nanciële verantwoording die tandartsen wordt opgelegd. De beroepsorganisatie meent dat de verplichting om een jaar- verantwoording in te dienen onterecht belastend is: de admi- nistratieve lasten worden hiermee onnodig opgevoerd. Via de Eerstelijnscoalitie is geprobeerd de wetgeving te versoepelen. Dat heeft deels succes gehad: er is onder andere bereikt dat de administratieve last voor micro-zorgaanbieders beperkt blijft. Zo’n zestig procent van de tandartspraktijken behoort daartoe.
FEBRUARI 2025 NT DENTZ 25
D
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68