search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Ook het verbouwen van eiwitrijk grasland is een van de maatregelen die in aanmerking komt voor een vergoeding vanuit het GLB. Het sluit aan bij de kringloopgedachte.


‘Niks zo effectief als akkerrandenbeheer’


Extra geld voor extra natuurbeheer. Dat is de reden waarom Hans Roeleveld, mede-eigenaar van Hasman Landbouw- bedrijf in Beuningen (Ov.), meedoet aan de Twentse GLB-pilot.


Roeleveld is een natuurliefebber en wil best investeren in natuur, maar daar moet dan ook wel een vergoeding tegenover staan. Een vergoeding uit het Agrarisch Natuur- en Landschapsbeheer (ANLB)- potje gaat echter niet op, want het grootste deel van Roeleveld zijn grond is daar niet voor aangewezen. Zo’n 150 hectare ligt in of rondom Natura 2000-ge- bied, waarmee deze grond uitgesloten is van agrarisch natuurbeheer. Juist voor deze gronden biedt het GLB-project dus perspectief.


van een maatregelenmenu, het ontwikkelen van een effectieve groenblauwe doorade- ring en het versterken van de relatie tussen overheidsideeën voor vergroening en ideeën vanuit de keten. De maatregelen zijn gericht op prestaties die ook zijn opgenomen in duur- zaamheidsprotocollen van de zuivelindustrie. Ongeveer veertig veehouders doen mee aan de pilot. 6. In Noordwest-Overijssel is het collectief op zoek naar een effectieve vergroening van de melkveesector, met de kievit als boegbeeld. In vier aangewezen pilotgebieden worden maat- regelen zoals plasdras, een beheermozaïek van maaien en weiden, kruiden- en insectenrijke stroken en een aangepast bemestingsregime toegepast. Boeren kunnen zelf kiezen wat binnen hun bedrijfsvoering en het landschap past. Hoe meer en zwaarder de maatregelen, hoe hoger de vergoeding. 7. Deze pilot moet boeren en tuinders meer kans geven om mee te praten over de beste duurzaamheidsmaatregelen op hun bedrijf. Dit gebeurt in twee fasen. In de eerste fase inventariseert LTO Nederland met een enquê- te en bijeenkomsten samen met boeren naar de mogelijkheden. In de tweede fase worden concrete bedrijfsplannen uitgewerkt. Het doel is een duurzaam, doelmatig en boerderijproof GLB te vormen.


GLB is nieuwe pad Het landbouwbedrijf zet zich al jaren in voor agrarisch natuurbeheer, bijvoor- beeld met percelen eiwitrijk grasland en grasklaver. “Dat vind ik interessant, maar het moet ook wat opbrengen”, vindt de melkveehouder. “Het nieuwe GLB met de vergroeningseisen is het nieuwe pad. Daar moeten we dan wel bij aansluiten.” Roe- leveld vindt overigens dat de agrarische collectieven zeer geschikt zijn voor de uitvoering van de projecten. “Zij hebben de kennis van het gebied en kunnen resul- taatgericht werken.”


Insectenparadijs Rondom de maispercelen zaait Roeleveld akkerranden. Op vruchtbare gronden vaak zaaimachine breed, ongeveer 3 meter. Op wat minder productieve percelen een veelvoud hiervan. Of dat beheer effectief is? “Er is niks zo effectief als akkerranden- beheer. Het wemelt er van de insecten, bijen, hazen en reeën. Ook de buurt vindt het prachtig.” Bovendien is het ook maar net hoe je ernaar kijkt, vindt Roeleveld. “Waar niets is (aan insecten en biodiversi- teit), kun je veel winst boeken. Waar al iets is, kun je het slechts verrijken.” Het landwerk doet Roeleveld zelf, ook het spuiten van de mais. “De akkerranden hebben het voordeel dat je een bufferzone creëert. Daardoor spoelen minder nutriën- ten en middelen uit naar de watergangen van het waterschap. Dat is een win-winsi- tuatie.”


Vergoeding Of het zaaien van die akkerranden en eiwitrijke grasmengsels rendabel is? “Natuurbeheer kost rendement”, is het overtuigende antwoord. “Je moet planten uit laten groeien en eerst laten bloeien, voordat je het maait. Dat kost kwaliteit en opbrengst.” Toch is Roeleveld te spreken over de vergoeding voor akkerranden, zo’n € 2.000 per hectare per jaar. De vergoe- dingen worden gebaseerd op opbrengst- verlies en de extra arbeid die nodig is.


370 stuks melkvee


175 ha grond in gebruik


150 ha in en rond Natura 2000-gebied


Hans Roeleveld (57) doet mee aan de GLB-pilot ‘Naar 50 tinten groen in het kleinschalige cultuurlandschap’. Hij doet vooral aan akkerrandenbeheer.


20 ha natuurlijk grasland BOERDERIJ 105 — no. 41 (7 juli 2020) 9


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76  |  Page 77  |  Page 78  |  Page 79  |  Page 80  |  Page 81  |  Page 82  |  Page 83  |  Page 84