RUNDVEEHOUDERIJ ACTUEEL Ledenaansprakelijkheid RFC terug op tafel
FrieslandCampina zoekt vermo- gensversterking. Het liefst van de eigen leden. Dat is ook het goed- koopst en eenvoudigst. Het komt echter niet zonder prijs.
Directe ledenaansprakelijkheid kan bij FrieslandCampina wel eens eerder terug zijn dan veel leden vermoeden. En dan zonder dat daarvoor de statuten wor- den gewijzigd. Het enige dat nodig is, is instemming van de leden om een deel van het melkgeld als onderpand aan te bieden voor een nog af te sluiten financiering. Het voorstel om bijvoorbeeld een maand melk- geld te verpanden aan financiers werd de afgelopen weken genoemd op al gehouden ledenbijeenkomsten.
Het is bekend dat FrieslandCampina op zoek is naar manieren om de financiën te versterken. Eind vorig jaar stemde de ledenraad al in met een voorstel om voor € 300 miljoen aan achtergestelde obligaties uit te geven aan externe financiers. Tot een daadwerkelijke uitgifte is het niet geko- men, mogelijk door de coronacrisis. Nu ligt er dus weer een verzoek bij de leden. Of zij willen bijstorten. Eigenlijk heeft dat de voorkeur boven andere opties, zo zei coö- peratievoorzitter Frans Keurentjes, op 26 juni in een toelichting. Hij sprak niet over verpanding van melkgeld. Volgens hem is de discussie nog open, maar al vragend werd duidelijk dat FrieslandCampina niet per se zit te wachten op een versterking van het vermogen in ledenobligaties, die goed zijn voor krap de helft van het totale eigen vermogen.
FrieslandCampina wil vrij beschikbaar geld, zoals het vermogen in de dode hand (dat is bij FrieslandCampina lager dan
Coöperatievoorzitter Frans Keurentjes geeft de voorkeur aan extra financiering via verpanding van melkgeld boven versterking van vermogen in ledenobligaties.
bij bij voorbeeld Arla). Maar het kan ook verpand melkgeld zijn. Toevallig of niet, de waarde van een maand melkgeld is ook zo’n € 300 miljoen. Daarmee kan al gauw het dubbele geleend worden op de kapi- taalmarkt. Voordeel van verpanding van melkgeld boven de uitgifte van een achtergestelde obligatielening buiten het bedrijf is dat hierover geen hoge rente hoeft te worden betaald. Dat drukt dus kosten. En alleen in geval van een faillissement is dan een deel van het geld weg dat de leden nu nog vast hebben staan in de vorm van ledenobliga- ties. Zover is het nog niet.
Er zijn echter ook nadelen. Niet alleen wordt het vermogen op naam uitgehold. Tevens gaat de constructie ten koste van de financiële soliditeit van ledenbedrijven. Nu hebben FrieslandCampina-boeren vaak
nog een streepje voor bij de banken omdat ze zo veel geld in de coöperatie hebben zitten. De vraag is hoe dat straks zal zijn. Los van de vraag of de leden mee willen financieren, blijft de toestemming om een achtergestelde ledenobligatie uit te geven wel overeind. FrieslandCampina zou uiteindelijk dus wel € 600 miljoen kunnen gaan belenen.
Grote vraag is wel, waarvoor al het extra geld nodig is, en kennelijk toch wel dringend. Daar lijkt de directie tot nog toe geen duidelijkheid over te geven richting leden. Moeten er gaten worden gedicht, of wil men meer investeren, en waarin dan? Tegen de achtergrond van teruglopende resultaten, een oplopende schuldenberg en een nog altijd (te) dure garantieprijs lijkt het niet te veel gevraagd dat de directie aangeeft waar het lek zit.
Nieuw Bedrijfsgezondheidsplan maakt KoeMonitor overbodig
De Stichting Geborgde Dierenarts legt de laatste hand aan een nieuw model voor het Bedrijfsgezond- heidsplan (BGP).
Met het nieuwe model wordt voldaan aan alle eisen die de EU stelt op grond van de Hygi- enerichtlijn voor de melkvee- houderij. Het geactualiseerde BGP maakt de omstreden
32
KoeMonitor van ZuivelNL overbodig, voor zover het om de wettelijke Europese eisen gaat. KoeMonitor bevat echter nog wel bovenwettelijke eisen, die nagenoeg alle Nederlandse zui-
velbedrijven inmiddels in hun leveringsvoorwaarden hebben opgenomen. Voor boeren is van belang dat met het geactualiseerde BGP alle vereiste handelingen verricht kunnen worden door de eigen veearts, op voorwaarde dat deze een geborgde dieren- arts is. Er vinden nog laatste onderhandelingen plaats
BOERDERIJ 105 — no. 41 (7 juli 2020)
tussen de NVWA, zuivel-toe- zichthouder COKZ en de SGD (geborgde dierenartsen). Om het toezicht goed en han- dig te kunnen uitvoeren, wordt een elektronische tool ontwik- keld voor de dierenartsen. Via de nieuwsbrief van de SGD zijn de aangesloten dierenartsen in- middels op de hoogte gebracht van de jongste ontwikkelingen.
FOTO: TON KASTERMANS
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76 |
Page 77 |
Page 78 |
Page 79 |
Page 80 |
Page 81 |
Page 82 |
Page 83 |
Page 84