search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
1060 | WEEK 6-7 5 FEBRUARI 2025


55


Arjen Mintjes (MAH) over uniforme binnenvaart: ‘Geharmoniseerd EU-opleidings- en examensysteem is zo goed als rond’


www.cesni.eu) houdt zich volgens Mintjes niet alleen bezig met de kwalificatiestan- daarden voor opleidingen en examinering, maar ook met de harmonisering van de me- dische eisen én de vereiste patenten voor de verschillende stukken vaarwater waar- voor extra kennis noodzakelijk is.


Afstandsbesturing Mintjes: “Daarnaast houden ze de vereiste standaarden up to date door regelmatig te bespreken waar door technologische ver- nieuwingen de vereiste standaard moet worden aangepast. Voorbeelden daarvan zijn de aangepaste standaarden voor het varen in vaarwateren met een maritiem ka- rakter en standaarden voor het werken met alternatieve brandstoffen of voor het op af- stand besturen van schepen.’’


Een van de andere activiteiten waaraan hard gewerkt wordt, is volgens Mintjes het aanpassen van de bemanningstabellen voor de verschillende soorten schepen en het digitaliseren van vaartijdenboeken en dienstenboekjes: “Dit gebeurt in nauwe sa- menwerking met de vertegenwoordigers van de EU en de werkgevers en werknemers uit de branche. Op de website van CESNI is daarover onder het ES -QIN alles te vinden. Binnen CESNI wordt ook gewerkt aan de standaarden op technisch gebied ( CESNI- PT) verzameld in het ES-TRIN en de stan- daarden op het gebied van Informatietechnologie (ES-RIS). Ook hier is het doel om te bereiken dat de in de EU toe- gepaste technische en informatie-eisen zo- veel mogelijk hetzelfde zijn in alle EU lidsta- ten.”


HARLINGEN Vergeleken met twee jaar terug is er op het gebied van uniformering van binnenvaartopleidingen in de lidstaten van de Europese Unie belangrijke vooruitgang geboekt. Zo beschikt de binnenvaart in de EU momenteel over een bijna geheel geharmoniseerd EU-opleidings- en examensysteem.


JAN SCHILS


Volgens Arjen Mintjes, directeur van de Ma- ritieme Academie Harlingen (MAH), kan ver- geleken met de situatie in 2023 worden ge- steld dat de Europese Richtlijn 2397/2017, die onder meer over de opleidingseisen in de EU-binnenvaart gaat, in bijna alle voor de deze sector belangrijke lidstaten van de EU is geïmplementeerd.


De regels zijn in nog niet alle lidstaten hele- maal doorgevoerd, volgens Mintjes, maar vanuit het EU-directoraat-generaal Transport (DG Move) is de druk op de lidsta- ten opgevoerd om een en ander volledig te realiseren. Van Nederlandse zijde was de di- recteur nauw betrokken bij het tot stand brengen van deze Europese Richtlijn, waar- voor hij in Brussel vele uren aan de onder- handelingstafel doorbracht. Zowel met ambtenaren van de Europese Commissie als met leden van het Europees Parlement. Intussen heeſt zijn MAH niet alleen in Nederland, maar ook in de andere EU- lidstaten en daarbuiten grote bekendheid en waardering verworven.


Vervanging vaarbewijzen Mintjes: “In de praktijk betekent de imple- mentatie van de genoemde richtlijn, dat het EU-kwalificatiecertificaat voor schippers op het gehele continent de vervanger is van de


nationale vaarbewijzen. Ook worden de er- kende opleidingen en de door hen afgege- ven diploma’s in de gehele EU erkend. De behaalde certificaten zijn opge- nomen in de Europese Crew Data Base. Alle erkende binnenvaart- opleidingen hanteren inmiddels dezelfde standaarden voor hun opleidingen en in elk land wor- den de examens voor matro- zen en schippers volgens die- zelfde standaarden afgenomen. Dat betekent niet dat de opleidingen en examens overal exact hetzelfde zijn. Elke lidstaat heeſt het recht de richtlijn op eigen wijze op nationaal ni- veau te implementeren. Er moet wel worden voldaan aan de stan- daarden.”


Praktijktoetsen Mintjes: “In veel landen wordt het groot-vaarbewijs- examen inmid- dels afgenomen middels een praktijktoets op een erkende binnenvaartsi- mulator.


Sommige lidstaten nemen het examen af aan boord van een schip, maar in alle gevallen wordt er niet meer al- leen gekeken naar wat ie- mand kent, maar met name naar wat iemand kán. Op de website EUR- Lex kan voor elke lidstaat bekeken worden hoe de richtlijn in dat land is vertaald naar de natio- nale wetgeving.”


Het EU-Comité dat zich bezighoudt met het op-


stellen van kwalificatie- standaarden voor de EU binnenvaart ,


CESNI – QP (zie


Binnenvaarttaal Mintjes: “Terugkijkend op de start van EDINNA in 2008, waarbij we ons als vereni- ging van alle EU binnenvaartopleidingen ten doel hadden gesteld dat er een gehar- moniseerd EU-opleidings- en examensys- teem moest komen voor alle bemannings- leden aan boord met een EU-groot vaarbewijs en een uniforme binnenvaart- taal, kunnen we nu stellen dat dat doel bij- na volledig is behaald. De officiële uniforme EU-binnenvaarttaal zal nog wel even op zich laten wachten, maar in de praktijk hoor je steeds meer ‘riverspeak’ ofwel binnen- vaart-Engels op de marifoon als de eigen taal niet voldoende is.”


Zijn er dan geen uitdagingen meer? Mintjes: “Jazeker: de branche wordt steeds interna- tionaler en digitaler. Examens voor het EU- certificaat schipper mogen in Nederland en Vlaanderen alleen maar in het Nederlands worden afgenomen en dat beperkt de in- stroom voor de sector. Het zou mooi zijn als er toestemming komt om deze examens ook af te mogen nemen in het Engels of Duits.”


Tenslotte wijst Mintjes erop dat nieuwe technieken zich razendsnel verspreiden: “Zo gaat het gebruik van de trackpilot aan boord erg hard, maar er is nog niets vastge- legd over wat iemand die met zo’n systeem vaart, moet kennen en kunnen. Hetzelfde geldt voor het gebruik van alternatieve brandstoffen of het werken met battery packs. Daar wordt hard aan gewerkt, net zoals aan het moderniseren van de be- manningstabellen en het digitaliseren van vaartijdenboeken en diensten- boekjes. Ook de komende 15 jaar is er nog genoeg werk aan de winkel.”


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60