search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
INTERVIEW


Op zijn bord geen rood vlees, meer plantaardig voedsel. In zijn glas steeds minder vaak alcohol. “Ik heb van nature een zwaar lijf, woog 100 kg. Dan kun je veel minder aan. Voor mij zou 90 kg een prima gewicht zijn, met mijn 1 meter 88. Gelukkig had ik altijd al een vrij strak regime van leven, met veel regel- maat. Met kinderen die hockeyen was ik veel buiten en sport speelt een voorname rol in ons bestaan. Ik merk wel dat ik nu meer slaap nodig heb. Om half elf ’s avonds lig ik plat. Ik ben alert. Zodra mijn lijf aangeeft dat het moet rusten, handel ik ernaar. Al weet ik als arts heel goed dat het lijf pas iets aan- geeft als het al te laat is.” Een ergotherapeut geeft hem inzicht in zijn lijf, zodat hij


beter weet hoe hij mogelijke ellende voor kan zijn. En soms is het ook niet erg om over je grens te gaan, betoogt Pim: “Als je er maar van leert. Dat je erkent: dit is niet goed voor mij.”


>


het gevoel dat er iets afgekneld was. Ik dacht: ach, ik zal vast verkeerd gelegen hebben. Maar ergens knaagde er al meteen iets in mijn hoofd. De tintelingen zaten in een raar gebied. Ik heb op mijn twintigste lymfeklierkanker gehad en het schoot door me heen: niet nog een keer toch? Ik besloot snel een MRI-scan te laten maken. Want bij een tweede aanval begon mijn arm te tintelen. En toen kwam toch de pijn en het wakker liggen.” Dankzij zijn achtergrond wist hij: niet afwachten. Snel


handelen. Meedenken. “Achteraf is dat heel goed geweest. Al heel snel hadden we de diagnose.” Die was niet fijn. Pim bleek multiple sclerose te hebben. “Het klinkt gek, maar mijn geluk was dat ik twee aanvallen heb gehad. De meeste mensen krijgen maar één aanval en denken: het komt wel goed. Maar iedere aanval geeft schade. Ik had ook best veel last, hoor. Was duizelig en de tintelingen zijn lang gebleven.”


Reserve inbouwen De snelle diagnose noopte hem tot een fiks aantal beslissingen die hem moeten helpen. “Ik ben van vier naar drie dagen op de praktijk gegaan. En het extra werk dat ik altijd deed en zo leuk vond, doe ik niet meer. Ik ben mijn voeding gaan verbe- teren, ben beter en bewuster gaan sporten. Ik doe meer aan krachttraining om vooruit te lopen op wat komt. Als ik meer schade krijg, moet ik zorgen dat andere, gezonde spieren sterker zijn om het op te vangen. Ik bouw een soort reserve in. Vanaf de dag dat ik hoorde dat ik MS had ben ik vooruit gaan denken: als dat… dan dit. Die manier van denken zet me steeds in de stand: wat kan ik wél, wat kan ik doen om het voor later draaglijker te maken?”


Waarden van het leven Naar MS wordt veel onderzoek gedaan. Voor de aanvalsgewijze vorm van MS lukt het stilzetten van de ziekte met medicatie inmiddels bij 80 procent van de patiënten. “Het is een kwestie van geluk hebben. Ik geef toe: ik ben bang voor een overgang naar een progressievere variant. Dat er straks steeds meer functies uitvallen. Daar zie ik erg tegen op. Waar sta ik na een aantal jaren? Als ik straks op mijn vijftigste dingen niet meer zelfstandig kan, niet meer goed kan nadenken? Waar haal je waarde van het leven uit en kun je daar dan nog aan voldoen?”


‘Ik heb door al mijn stappen een stap gezet’


In zijn geval zou er bij een verslechtering slechts één middel


nog kunnen helpen: een stamceltransplantatie. “Dat vind ik best heftig.” Strijdbaar: “Maar ik ben van plan de komende tien jaar geen verdere achteruitgang te hebben. Ik heb de hoop dat in die tien jaar onderzoek leidt tot het kunnen terugdringen van de ziekte.” In de tussentijd? “Twee keer per jaar krijg ik een infuus en


moet ik daar thuis van herstellen. Daarna voel ik me vrij snel weer goed. Maar ik heb wel de indruk dat die periodes van beter voelen steeds korter worden.”


Blijven bewegen Een angsthaas noemt hij zichzelf zeker niet en somber ook niet. “Op dit moment gaat het nog best goed. Ik functioneer cognitief op hetzelfde niveau als vroeger. En door mee te doen aan The May 50K was er een mooie metafoor: ik heb door al mijn stappen een stap gezet. En door iets gezonds te doen heb ik laten zien dat ik nog veel wél kan. Dat is de manier: blijven bewegen, goed met je lijf omgaan. Het was ontroerend om te zien hoeveel mensen gedoneerd hebben. En toen ik een verslag plaatste waren er 40.000 views. Gigantisch. Al die betrokken- heid, het doet me enorm goed.”


< aena • september 2026 45


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76  |  Page 77  |  Page 78  |  Page 79  |  Page 80  |  Page 81  |  Page 82  |  Page 83  |  Page 84