Dynamisch modelleren Met het oog op alle verschillende effec- ten van het innovatieve gat is in de ver- kenningsfase gewerkt met dynamisch modelleren. Daarbij is gebruik gemaakt van specialistische modellen voor kos- ten, businesscase, bouwwerkinforma- tie, waterkwaliteit en hydro-energie. Ele- menten uit die verschillende modellen zijn parametrisch geïntegreerd en slim verbonden. Daarmee worden allerlei va- rianten doorgerekend en hun effecten (op natuur, energie, fi nanciën en water- kwaliteit) zichtbaar gemaakt. Zo kunnen besluiten beter worden onderbouwd. Deze aanpak resulteert in een voorlopig ontwerp voor een doorlaat met getijden- centrale die voorziet in achttien afsluit- bare kokers (van acht bij acht meter), waarvan er elf zijn voorzien van een tur- bine. Variaties hierop zijn nog mogelijk, afhankelijk van de ontwerpuitgangspun- ten zoals de eisen voor het peilbeheer.
Stroomversnelling Na jarenlange voorbereiding is het pro- ject onlangs in een stroomversnelling geraakt, meldt Paulus. “De politiek heeft nu eindelijk extra geld vrijgemaakt, zo- dat we nu snel het plan moeten uitwer- ken. Gaat de getijdencentrale als on- derdeel daarvan door, dan wordt ook de governance voor dit project uniek. Waarschijnlijk een publiek-private sa- menwerking, maar het ei daarover is nog niet gelegd.” Er doen meerdere partijen mee met dit project: ministerie van LNV, ministerie van IenW, ministe- rie EZK, de twee provincies Zuid-Hol- land en Zeeland, de twee gemeenten Goeree-Overfl akkee en Schouwen-Dui- veland, Staatsbosbeheer en Rijkswa- terstaat. Deze organisaties zijn verte- genwoordigd in het ‘Werkverband Getij Grevelingen’. Dit brede samenwerkings- verband is een voorbeeld van opgave- gericht samenwerken tussen Rijk en re- gio.
Klimaat en energie
De extra investering in een getijdencen- trale in de Brouwersdam bedraagt naar schatting 60 miljoen euro en levert een jaarlijkse energieopbrengst van 50 tot 60 GWh (goed voor het elektriciteits- verbruik van 17.000 tot 20.000 huishou- dens). Daarbij wordt ongeveer 30 kilo- ton CO2-uitstoot vermeden. Rekening
12 Nr.2 - 2019 OTAR
houdend met de geldende energiesub- sidies komt de terugverdientijd op tien jaar. Na circa 20 jaar kunnen de turbi- nes worden ingezet als pomp. De getij- dencentrale kan daarmee tot 2085 in de functionaliteit van waterkwaliteitsverbe- tering voorzien.
Marktconsultatie In november 2018 vond in Utrecht een marktconsultatiedag plaats om de be- langstelling voor risicodragend partici- peren te peilen. Heutink: “Uit de markt- consultatie is de belangstelling van grote bouwbedrijven uit binnen- en bui- tenland gebleken. Marktpartijen heb- ben aangegeven welke risico’s er zijn en welke mogelijkheden er zijn. Het eindverslag van de marktconsultatie is beschikbaar via de website getijgre-
velingen.nl.” De marktconsultatie is on- derdeel van de afronding van de ver- kenningsfase. “Voor de overgang naar de planuitwerkingsfase moet de minis- ter een zogeheten MIRT-besluit nemen (in het kader van het Meerjarenprogram- ma Infrastructuur, Ruimte en Transport, red.). Dat is naar verwachting eind 2019. Als de getijdencentrale wordt meege- nomen in de planuitwerkingsfase, kun- nen we dan een marktpartij selecteren met wie we gaan samenwerken. Waar- schijnlijk komt er een consortium, waar- mee we een gedetailleerd plan maken. Na de planfase kan rond 2022 de bouw beginnen.”
Sociale innovatie
Alles overziend is er volgens Heutink ook sprake van sociale innovatie, met
Meer informatie:
www.getijgrevelingen.nl/
een vernieuwingsproces rond samen- werking. “Vroeger hadden we nog wel eens ‘vechtcontracten’, waarin het ging over budgetten, risico’s, tijdpaden en hoe om te gaan met financiële tegen- vallers. Als overheid waren we zelf lang aan het nadenken en dan gingen we de markt op voor aanbesteding. Nu heb- ben we samen met de markt een nieu- we marktvisie ontwikkeld, waarin par- tijen anders met elkaar omgaan en samenwerken, juist omdat we slimme innovaties nodig hebben om aan de am- bities invulling te kunnen geven rond kli- maat, CO2-reductie en energie.
In de aanstaande planfase werken we in een alliantie-achtige structuur veel nau- wer met elkaar samen en maken we ge- bruik van elkaars kennis: ‘wij willen dit, hoe zien jullie dat?’ Daardoor kan de maatschappij beter profiteren van in- novatieve ideeën in de markt. Op onze beurt hebben wij de kennis van het are- aal en weten we wat in het totale project realistisch is, waardoor de markt daar beter op kan inspelen. Daarbij staan wa- terveiligheid en beheer van het water- peil voorop. Dat kunnen we niet aan de markt overlaten, al het overige wel. De nieuwe delta-technologie die we zo sa- men ontwikkelen, biedt kansen op inno- vatie met mondiale uitstraling.’
Tekst: Hans van Eerden; een geactualiseerde publicatie i.s.m.
www.linkmagazine.nl
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48