winsten worden in de handel in ruwe olie gemaakt en in de productie van kerosine en diesel. Het grote manco van de Euro- pese raffinaderijen is dat ze hoofdzakelijk benzine produceren, waar de markt juist een steeds groter aandeel diesel vraagt. Met alle gevolgen van dien. Zo begint de export naar de Verenigde Staten, voor- heen een trouwe afnemer van jaarlijks 19 miljoen ton, weg te vallen. “De Ameri- kanen produceren meer biofuels uit maïs en suiker. En zij hebben hun raffinaderijen succesvol gemoderniseerd, in dit geval om zelf goedkoper benzine te produ- ceren.” Afrika blijft een kansrijke export- markt, aldus Correljé, “ware het niet dat daar ook de concurrentie uit het Midden en Verre Oosten op aast.” Een omschakeling naar de aantrek- kelijker productie van diesel ligt voor de hand. Nadeel hier weer van is echter dat de CO2
-emissies stijgen, betoogt
Europa kent al die lasten niet en dat zorgt voor een ongelijk speelveld.” Pernis lijkt inderdaad nog de beste papieren te hebben. Rooskleurig laat de situatie zich desondanks niet noemen, maar de raffinaderij van Shell in de Botlek is wel de minst kwetsbare van alle Euro- pese zusjes en broertjes. Echter, ook Pernis blijft niet onberoerd onder de malaise. Ondanks de gloednieuwe ontzwavelings- fabriek moet het concern vol aan de bak. De keuze om van Pernis de grootste raffinaderij van Europa te maken, waar dagelijks vierhonderdduizend vaten ruwe olie worden verwerkt, was van stra- tegische aard. Eerder zijn raffinaderijen in onder andere Engeland en Frankrijk verkocht. Maar ook bij Shell’s troetelkind blijven kostenverbeteringen en efficiency- slagen noodzakelijk, zei Shell-topman Peter Voser begin dit jaar nog in een inter- view in het Financieele Dagblad. Voser is somber over de vooruitzichten voor kleine en middelgrote raffinaderijen. ‘Hun winst- gevendheid zal verder onder druk komen te staan. Er komen meer sluitingen. Raffinaderijen met een verwerkingscapa- citeit van minder dan honderdduizend vaten per dag zullen zorgvuldig naar hun toekomst moeten gaan kijken’.
Gretig
Een op het oog tegenstrijdige ontwikke- ling lijkt de entree van de national cham- pions uit de opstomende economieën buiten Europa, zoals PetroChina, het Indiase Essar en de Russische conglome- raten Rosneft en Lukoil. Zij kopen gretig Europese raffinaderijen op om de afzet van eigen ruwe olie te borgen. Hun bemoeienis is de afgelopen vier jaar met 362 procent gegroeid, aldus het Cinde- rella-rapport. Onbedoeld blijft de over- capaciteit zo in stand. “Deze nieuwkomers zien Europa uitsluitend als afzetgebied. Het heeft voor hen geen prioriteit om in de aangekochte raffinaderijen te inves- teren”, zegt Correljé. Volgens Correljé staan de problemen van de sector nauwelijks op de politieke agenda. “Europese politici vinden het geen vraagstuk dat urgent aandacht behoeft. Er is immers geen voorzienings- probleem. Daarnaast ligt de politieke focus op duurzame energie en elektrisch rijden. Dus waarom nu investeren in fossiel, redeneren ze en met hen een deel van de Europese industrie. Daarnaast is er nog steeds het beeld van een rijke, kapi- taalkrachtige sector. Upstream wordt er nog steeds veel geld verdiend.” De grote
Beddoes van Europia. De uitleg hiervoor is technisch: het raffineren van een vat olie levert tien tot twaalf procent diesel op. Raffineren is al zeer energie-intensief, meer diesel maken vereist meer raffineren en vergt dus een hoger energieverbruik en daarmee hogere CO2
-emissies.
“De emissies van auto’s worden schoner, maar de raffinaderijen gaan dan meer broeikasgas uitstoten.”
Rijkdom
Ondanks de rijkdom kan de sector de problemen niet zelf oplossen, constateert Correljé. “In een gezonde markt delven verliezers het onderspit als de economie zich in een recessie bevindt. Dat geldt niet in de olie-industrie. Raffinaderijen stoppen niet zomaar. Ze zijn traag met het afvloeien van capaciteit en reageren niet op marktprikkels als het nodig is te investeren. Daarbij komt dat er nu spelers actief zijn op de Europese markt die in hun thuisland buiten Europa veel lagere operationele kosten hebben. Het wereld- wijde ongelijke speelveld gaat tegen de marktwerking in. Investeren onder deze omstandigheden is moeilijk. Een van de oplossingen is de accijnsvoordelen van diesel te schrappen. “Dat zou zeer efficiënt zijn en de vraag naar benzine opkrikken. Het belastingvoordeel op