search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
64 brieven


Deel uw mening in de brievenrubriek. Mail de redactie: checkpoint@mpg.today o.v.v. brieven. Of stuur uw brief naar Checkpoint, rubriek brieven, Postbus 862, 1180 AW, Amstelveen. De redactie behoudt zich het recht voor brieven te redigeren, in te korten of niet te plaatsen.


30 Interview 31 Interview auteur Bauke Geersing


w ‘Westerling as de ultieme zondebok’


Kapitein Westerling is geen oorlogsmisdadiger. Het beeld van Westerling als massamoordenaar is mede het gevolg van ideologisch gekleurde geschiedschrijving. Aldus Bauke Geersing.


Tekst Rein Bijkerk


Bauke Geersing (1944) begon als beroepsofficier, studeerde tegelijkertijd rechten en stapte vervolgens over naar de aca- demische wereld. Later kwam hij in dienst van de NOS, waar hij tussen 1992 en 2000 directeur was. Daarna volgden functies in het bedrijfsleven, met onder meer een commis- sariaat bij de KLM.


Onder grote belangstelling presen- teerde Bauke Geersing afgelopen november in het Haagse perscentrum Nieuwspoort zijn boek Kapitein Raymond Westerling en de Zuid- Celebes-aff aire (1946–1947), mythe en werkelijkheid. Hein Scheff er, voorzitter van het Veteranen Platform, en VOMI- voorman Leen Noordzij namen de eer- ste exemplaren in ontvangst. Geersing komt op basis van uitvoerig onderzoek tot de conclusie dat Westerling geen oorlogsmisdadiger is, maar juist suc- cesvol optrad op Zuid-Celebes, waar de bevolking werd geterroriseerd door gewapende groepen. Het huidige beeld van Westerling als massamoordenaar is volgens Geersing onterecht en mede het gevolg van vooringenomen en ideo- logisch gekleurde geschiedschrijving. Geersing is van huis uit geen historicus, maar is al lange tijd zeer geïnteresseerd in geschiedenis en zeker ook in die van Nederlands-Indië. Zelf heeft hij daar geen wortels, maar mensen met een Indische achtergrond speelden en spe- len een betekenisvolle rol in zijn leven. ‘Op zeker moment kwam ik bij het be-


studeren van het verleden van Indië uit bij de periode van de dekolonisatiestrijd en dus ook bij kapitein Westerling en zijn commando’s van het Depot Speciale Troepen’, zegt Geersing. ‘Ik had een heel extreem beeld van een meedogenloze, wrede man die op Zuid- Celebes moorddadig had huisgehouden. Want zo is hij de afgelopen decennia in publicaties en door de media afgeschil- derd. Maar vervolgens las ik dat tijdge- noten en Westerlings meerderen juist heel positief over hem oordeelden. Hij had met toentertijd legitieme middelen krachtdadig een einde gemaakt aan de terreur van criminele bendes. Dat had hem onder de plaatselijke bevolking, die zeer leed onder de situatie, zelfs populair gemaakt.’


Verdiepen Voor Geersing was het de reden zich grondig in de kwestie te verdiepen. Hij ontwikkelde er een ‘onderzoeksmodel’ voor – zo legt hij uit – met nadruk op schriftelijke bronnen, liefst uit eerste hand, en op de toenmalige militaire en juridische context. Hij bracht talloze


uren do le


n door in archieven en m t he


lezen van relevante literatuur. Hij kreeg ook de b


ieven en met het ratu


‘ Over zijn aanpak wordt verschillend gedacht’


ook de beschikking over bijzondere bronnen, zoals het persoonlijk dossier van de jurist Lambers – op Zuid- Celebes de vertegenwoordiger van de procureur-generaal – dat door diens kleindochter beschikbaar werd gesteld. Geersing: ‘Ik dacht: ik moet de onderste steen boven halen, want ik realiseerde mij dat het een heel gevoelig onderwerp is. Daarbij komt dat ik een groot recht- vaardigheidsgevoel heb. Ik houd er niet van mensen te veroordelen, maar probeer situaties te begrijpen.’


Zondebok In het vijfhonderd pagina’s tellende boek trekt Geersing heldere conclusies. Met zijn contraguerrillaoptreden, waar- bij ook de voor het oog van kampong- bewoners uitgevoerde standrechtelijke executies hoorden, handelde Westerling volgens Geersing in opdracht van de Indische politieke en militaire leiding en bewoog hij zich binnen de mili- tair-operationele en juridische kaders van die tijd. ‘Hij was allesbehalve een avonturier, maar trad goed voorbereid


en weloverwogen op. Het ging hem erom de schuldigen voor het terrorise- ren van de bevolking te treff en en niet de onschuldigen. Hij wist dat hij de plaatselijke bevolking voor zich moest winnen, want zonder die steun was er geen kans op succes’, aldus Geersing. ‘Westerling heeft onder de extreme omstandigheden waarin hij moest opereren zeker ook fouten gemaakt en over zijn aanpak wordt verschillend gedacht. Maar de excessen waarover naderhand terecht veel te doen was,


Reacties op het boek


Hans Moll Tijdens de boekpresentatie werd een eerste exemplaar aange- boden aan Hans Moll, voorzitter van de Federatie Indische Nederlanders. Moll noemde Geersings boek ‘een relativerend contrapunt’ dat hopelijk het ‘vertekende beeld van Westerling’ bijstelt en bevordert dat het lopende Indiëonderzoek ‘op een evenwichtige wijze de historische waarheid van destijds gaat beschrijven’.


John Jansen van Galen Oud-journalist en schrijver John Jansen van Galen – werkzaam voor de VPRO-radio en lange tijd een van de presentatoren van het bekende radioprogramma Met het oog op morgen – schreef voor het boek een persoonlijk voorwoord. ‘Ook Geersing zal niet geheel onbevooroordeeld aan zijn onderzoek (…) zijn begonnen (…), maar hij doet nauwgezet en optimaal moeite om zich daarvan los te maken.’ Met zijn op feiten gerichte geschiedschrijving levert hij ‘hoe men ook over de resul- taten van zijn onderzoek moge oordelen, een belangrijke bijdrage aan het voortgaande debat over de dekolonisatie van Indonesië.’


Excuses koning (1)


Kapitein Westerling (1)


Als veertienjarige scholier probeerde ik in 1960 tijdens een vormingsweek op mijn middelbare school kapitein Westerling te verdedigen. Met als gevolg dat de leiding mij publiekelijk verweet dat ik een kronkel in mijn hersens had. Naderhand zijn veront- schuldigingen aangeboden. Ik ben de heer Geersing erkentelijk voor zijn boek. Hierdoor wordt (helaas te laat) recht gedaan aan Westerling, Parinusa, Wattimena en vele anderen.


P. INGELSE


Kapitein Westerling (2)


Het stuk over Bauke Geersing in CP02 heeft mij gegrepen. Waarom? In de periode van kapitein Westerling was ik nog in Nederlands-Indië. Mijn vader was al terug in Nederland, nadat hij in Singapore aan de Birmaspoorweg heeft moeten werken. Mijn moeder kwam uit Semarang en ik uit Ambarawa, net uit het kamp. De bersiap was net begonnen en het was een vreselijke periode. Toen wij hoorden wat kapitein Westerling deed, vonden wij dat schitterend. Wij zagen zijn daden als een reactie op het handelen van de pemoeda’s en de aanhangers. Hulde aan Bauke Geersing.


P. VAN GELDERE


Ik ben geschrokken en ontdaan bij het horen van de uitspraak van onze koning bij zijn offi ciële bezoek aan Indonesië deze week, door excuus aan te bieden voor het leed welke Nederlandse militairen tussen 1945 en 1949 zouden hebben aangericht. In opdracht van de toenmalige Nederlandse regering waren wij in Indonesië, om daar vrede te brengen. Een politiek besluit dus! Een grove vergissing van onze koning om deze algemene excuses nu aan te bieden. Het leed is in de eerste plaats wat de Indonesiërs ten aanzien van hun eigen mensen en de Nederlanders hebben gedaan. Onmenselijke taferelen speelden zich af. Opgefokt door de Jappen stalen en beroofden ze hun ei- gen bevolking alsook de Nederlanders die pas bevrijd waren. De gevan- gengenomen Nederlandse militairen werden onherkenbaar toegetakeld. De kampongbewoners werden wreed behandeld door hun eigen landgenoten. Een verademing toen wij kwamen en ze bevrijdden, voorzagen van medicijnen, eten en kleren. Geen wonder dat ze aan ons vroegen om te blijven toen we weggingen. Geen excuus door de Indonesische regering, wel door de Nederlanders. En dat terwijl de Indonesische re- gering daar geen behoefte aan had. Verdraagzaam als ze zijn, die tijd is voorbij, we trekken nu samen op. Toen wij nog maar een paar jaar thuis waren kwam een kolonel uit Indonesië ons bezoeken. Terwijl wij oog in oog met hem gestaan hadden in de oorlog, nu was het vriendschap. Indonesië heeft


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76