Ooggetuige
53
In een spagaat tussen kerk en kazerne
‘ In 1992 vielen o alle stukjes
‘Binnen de kerkgemeenschap werd ik aangesproken op mijn werk als officier en op bewapeningskwesties zoals de kruisraketten. Men vond het raar dat ik – kort door de bocht – met vechten en wapens mijn geld verdiende. Door mijn collega’s op de kazerne werd er gevraagd naar mijn geloof en mijn visie op de houding van de kerk. Op een gegeven moment leken die twee elkaar zelfs te bijten. Zelf had ik er ook moeite mee om beide te verenigen. Terwijl kerk en Defensie bij me horen. Ik heb me altijd in beide werelden thuis gevoeld.’
B
Aan het woord is Jan Mulder (68). Hij blikt terug op een prachtige carrière bij Defensie. Maar ook na zijn flo had hij genoeg om handen. Want hij ziet geen reden om te stoppen met werken. ‘Er is nog genoeg te doen.’ Tot zijn spijt ging vorig jaar een volgende missie niet door: vier maanden als interim-directeur naar Syrië namens hulporganisatie ZOA. Een aanstelling werd geblokkeerd in verband met mijn defensieverleden. Jammer, maar er komt wel weer wat op mijn pad.’
Overtuigd pacifist In de jaren 80 was de verdeeldheid in Nederland groot. Alles was gepo- lariseerd. Denk aan studentenrellen, rechts tegen links, pacifist of voor de kruisraketten, grote demonstraties en het IKV van Mient Jan Faber. En Mulder voelde zich klem zitten tussen twee werelden. ‘Omdat ik een overtuigd pacifist was – overigens nog steeds ben – was ik van plan om de militaire dienst te weigeren. Ik had twee oudere broers en hoopte dat ik niet hoefde. Immers, twee jongens per gezin moesten gaan. Maar mijn oudste broer werd dominee en was vrijgesteld, vandaar dat ik een oproep ontving. Ik schoof mijn principes aan de kant toen ik te horen kreeg dat ik als sergeant fotograaf aan de slag mocht.’
p zijn plaats’
Mulder kwam terecht bij de Verbindingsdienst. Vanwege een tekort aan officieren kreeg hij het aanbod om de opleiding tot reser- veofficier te doen. Omdat hij voor zijn diensttijd al veel geprobeerd had en nergens zijn draai had gevonden, besloot hij zijn geluk bij Defensie te beproeven. Hoewel hij er op zijn plaats was, vond Mulder het ook lastig. ‘Ik ben gelovig en bezocht trouw de kerk. Daar vroegen medekerkgangers mij wat ik in het leger deed. Hetzelfde op de kazerne. Soms had ik het gevoel dat ik een spagaat zat. Ik kon die eindjes niet bij elkaar brengen: kerk en kazerne.’ Voor buitenstaanders is het misschien ook lastig uit te leggen. Lastige vragen zijn bijvoorbeeld: is het wel ver- antwoord om bij Defensie te werken en mogelijk in de situatie komt dat je mensen moet doden? En wat staat er in de Bijbel over jezelf verdedigen? En is het een goede zaak om te inves- teren in Defensie als het geld wellicht beter aan mensen in nood besteed kan worden? Ook voor Mulder: ‘Het bleef een groot ongemak dat ik niet goed kon uitleggen. En toen draaide ik mijn eerste missie in voormalig Joegoslavië
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76