DOSSIER DIESEL
Het milieuvoordeel is aanzienlijk, terwijl de meerkosten beperkt zijn
ven, dan kan men zeker 100 procent HVO tanken. Steeds meer fabrikanten geven hun motoren vrij. TNO en ook de NEN stellen dat een toevoeging van 30 procent HVO binnen de norm EN 590 valt. Future Fuels gaat zelfs tot 50 procent HVO en heeſt laten vaststellen dat zijn speciale manier van mengen aan de EN-590-specificaties voldoet. Met 50 procent HVO direct uit de pomp valt in de praktijk goed te leven. Het milieu- voordeel is aanzienlijk, terwijl de meer- prijs ten opzichte van gewone diesel de helſt is van pure HVO.
Op de kaart van de distributeur Future Fuels staan 27 tankstations, meestal van Tamoil. Daarvan liggen er zeven- tien in Friesland. Niet zo vreemd, want blauwe diesel werd in Friesland populair na het fossielvrije evenement de Elfwe-
Vergeleken met zwavelvrije standaard diesel EN 590 (%) 0
-10 -20 -30 -40 -50 -60
0 Emissietestcyclus
stikstofoxide koolmonoxide koolwaterstof
gentocht in 2018. GoodFuels20 heeſt zes verkooppunten in Zuid-Holland en Brabant. Greenpoint Fuels verkoopt in Oude-Tonge een B25 rechtsreeks uit de pomp. CO2
Saving Diesel in Rossum
levert direct 30 procent HVO. Het aantal verkooppunten neemt snel toe. De prijs van 100 procent HVO ligt gemiddeld 10 tot 20 cent per liter boven de prijs van normale diesel.
20 40
50% HVO
60
80
100
Hoeveelheid HVO toevoeging aan standaard diesel EN 590 (vol-%)
Dieselterminologie
Blending Het mengen van verschillende dieselbrandstoffen noemt men blending. Voor tankstations en bulkvoorraden worden speciale blends gemaakt. HVO-samenstel- lingen variëren, omdat gebruikers aan specifieke milieueisen willen voldoen. B20, B30, B50 en B100 zijn gebruikelijk. De blend van FutureFuels van 50 procent, zon- der biodieselaandeel, kan binnen de norm EN 590 veilig worden getankt. Zelf mengen met 50 pro- cent B7 en de andere helft HVO kan technisch goed. Alleen worden de beoogde milieueigenschappen door het percentage biodiesel beïnvloed.
76
Common-rail Diesels worden in plaats van de oude pompverstuivers tegenwoor- dig van een directe inspuiting voorzien, waarbij de brandstof onder zeer hoge druk in een buis wordt gebracht, de common-rail. Deze rail staat met de elektrisch bediende injectoren in verbinding.
Cetaangetal
Het cetaangetal duidt op het uit- stel van de ontsteking van de die- selbrandstof. Dit is de tijd tussen het inspuiten van de brandstof en het begin van de verbranding. Het getal geeft aan hoe makkelijk de brandstof zal ontbranden. Bij een laag getal duurt verbranden langer,
met wat vermogensverlies en een hogere uitstoot tot gevolg. Voor EN 590 is het cetaangetal minimaal 51. Voor EN 15490 geldt het cetaange- tal 70 als minimum. Het in diverse tests gemeten cetaangetal voor GTL en HVO is 80 en 84.
CO2-emissie De uitstoot van CO2 is op verschil-
lende manier te definiëren. WTT is well to tank: de totale productie, inclusief het vervoer tot in de brandstoftank. TTW is tank to wheel: het gebruik in de camper om de energie van de brandstof om te zetten in beweging. WTW is well to wheel: de gehele keten, van bron tot en met gebruik.
Dichtheid De dichtheid van dieselolie is de massa per volume-eenheid, uitgedrukt in kg/m3
. Hoe hoger de
dichtheid, hoe meer energie per liter. De norm voor dieselolie met EN 590 geeft een spectrum van 820 tot 845 kg/m3
aan. Voor HVO
en GTL onder EN 59040 is dit 765 tot 800 kg/m3
. Beide brandstoffen
vallen door de lagere dichtheid in zuivere vorm niet binnen deze norm. Door gedeeltelijke men- ging met pure diesel wordt de dichtheid aangepast en kan op die manier binnen EN 590 vallen.
KAMPEERAUTO 5 - 2019
WWW.NKC.NL
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76 |
Page 77 |
Page 78 |
Page 79 |
Page 80 |
Page 81 |
Page 82 |
Page 83 |
Page 84 |
Page 85 |
Page 86 |
Page 87 |
Page 88 |
Page 89 |
Page 90 |
Page 91 |
Page 92 |
Page 93 |
Page 94 |
Page 95 |
Page 96 |
Page 97 |
Page 98 |
Page 99 |
Page 100 |
Page 101 |
Page 102 |
Page 103 |
Page 104 |
Page 105 |
Page 106 |
Page 107 |
Page 108