‘ALS JE ALLE KOSTEN VAN OPEN SLEUFTECHNIEKEN GAAT KAPITALISEREN, KOM JE VAAK OOK VEEL HOGER UIT’ ANE JUTTE, VOORZITTER NSTT
Ane Jutte en Jelle de Boer Kosten
Jutte knikt instemmend en vertelt dat in steeds meer bestek- ken gekozen wordt voor boor- en reliningstechnieken. “Het is duidelijk dat steeds meer mensen overtuigd zijn geraakt van de voordelen die sleufl oze technieken met zich meebrengen. Men hoort het van anderen, gaat op bezoek bij werken in uit- voering, maar men komt ook steeds vaker rechtstreeks bij de NSTT om informatie vragen. Men heeft geleerd dat de ver- eniging ergens voor staat. Men leert ook dat de kosten van No-Dig niet langer opwegen tegen de kosten van open sleuf- technieken, want als je alle kosten van open sleuftechnieken, inclusief de gevolgen voor de omgeving - ik denk alleen al aan winkels en bedrijven die een tijd lang moeilijk te bereiken zijn en daardoor omzet verliezen - gaat kapitaliseren, kom je vaak ook veel hoger uit. Dat is politiek niet langer te verant- woorden.”
No-Dig in stedelijke omgeving Jutte noemt als voorbeeld een rioleringsproject in Rijswijk waar deze zomer aan wordt gewerkt en waarbij gekozen is voor meerdere sleufl oze technieken. “Het gaat daar om de re- novatie van 4,5 km riolering. Als daar voor de oude metho- de gekozen zou zijn, dus in open ontgraving, hadden enorm veel extra voorzieningen getroffen moeten worden en zou enorme overlast zijn ontstaan. De leiding loopt namelijk on- der een heel druk verkeerskruispunt door, met veel winkels en een trambaan die tijdelijk omgelegd had moeten worden. De leiding ligt ook deels in een waterkering. De totale kosten zouden rond de 18 miljoen euro zijn geweest, terwijl men nu uitkomt op 8 miljoen en er nauwelijks overlast voor de activi- teiten bovengronds optreedt. Het is een schoolvoorbeeld van de voordelen van No-Dig in stedelijke omgeving. En dan te bedenken hoe enorm veel rioolleidingen in Nederland aan ver- vanging toe zijn. Dan spreek je over vele miljarden. Daar moet met No-Dig toch een aardig bedrag op te besparen zijn?” Jelle de Boer vult aan: ”Het is niet alleen economisch een aantrekkelijke oplossing, maar ook een duurzamere: minder restproducten, minder buismateriaal, minder grondverzet, minder transportbewegingen, minder CO2-uitstoot en fi jnstof. Die maatschappelijke aspecten gaan ook steeds meer tellen. Maar kijk ook naar de vergevorderde koustechnieken waar- mee wij bestaande rioolbuizen kunnen renoveren. Vervangen
12 Nr.6 - 2013 OTAR
betekent per defi nitie materiaal- en kapitaalverlies. Renoveren is, juist ook in deze economisch mindere tijden, zeer interes- sant omdat de levensduur van de leidingen met 50 en soms zelfs 100 jaar kan worden verlengd.”
Doorboringen rioolbuizen
Een aantal maanden geleden luidde Stichting Rioned (rioolbe- heerders) de noodklok vanwege het grote aantal doorborin- gen van rioolbuizen waar kabels en leidingen dwars doorheen zijn gegaan. Hoe kijkt de NSTT daar tegenaan? De Boer: “Dat leverde direct een redelijke discussie op. Het genoemde aan- tal doorboringen blijkt aanmerkelijk minder dan men in eer- ste instantie had verwacht. We zijn overigens met Rioned in gesprek om de problemen op te lossen en te kijken hoe we doorboringen in de toekomst nog verder kunnen voorkomen. Overigens is de schade die door open ontgravingen ontstaat
De Nieuwe Warmteweg
De foto’s bij dit artikel zijn genomen in Rotterdam, waar op dit moment wordt gewerkt aan ‘De Nieuwe Warm- teweg’, een ‘extra large’ verwarmingsbuis, waarmee warmte die over is in de haven als restwarmte via een ondergronds warmtenet naar woningen en bedrijven wordt getransporteerd. De totale lengte bedraagt 26 km. Een bijzonder project waar verschillende bedrijven en (deel)gemeenten bij zijn betrokken. De werkzaamhe- den duren tot eind van dit jaar voort langs de route tus- sen Rozenburg, Hoogvliet, Albrandswaard, IJsselmon- de, Charlois en Feijenoord en wordt in oktober 2014 in gebruik genomen.
De warmte die wordt getransporteerd via deze leiding is voldoende om 95.000 huishoudens van warmte te voorzien. Het tracé is verdeeld in vier loten, waarvan Visser & Smit Hanab de eerste twee heeft aangenomen. Het werk bestaat uit het aanleggen van een dubbele leiding Ø700/900 Staal-PUR-PE, beiden van bijna 10 km lengte vanaf de AVR tot knooppunt Kethelplein. Het bevat negen persingen (MicroTunneling) variërend van 47 tot 111 meter en drie HDD’s van 404 tot 955 meter (Ø700/900 SiS), waarvan de langste de onderdoorgang van de Nieuwe Waterweg is.
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48