ONDERNEMEN Mestproductie onder plafonds
De Nederlandse mestproductie is in 2018 opnieuw gedaald. Zowel fosfaat als stikstof zitten onder de mestplafonds.
Door Wim Esselink D
e mestproductie van de Neder- landse veestapel in 2018 ligt definitief onder de plafonds die met Brussel zijn afgesproken. De totale hoeveelheid stikstof daalde met 2% ten opzichte van 2017 en komt uit op 503,5 miljoen kilo. Het plafond is vastge- steld op 504,4 miljoen kilo. De hoeveelheid fosfaat daalde met 4% naar 162 miljoen kilo, ruim onder het plafond van 172,9 mil- joen kilo. Dat blijkt uit de definitieve cijfers over de mestproductie in 2018 van het Cen- traal bureau voor de Statistiek (CBS). Melkvee produceerde in 2018 bijna 290 miljoen kilo stikstof (- 4%) en 78,7
Melkvee na middeling onder
stikstofplafond Stikstof- en fosfaatproductie melkvee, x 1 miljoen kilo plafond (2002)
2018 CBS
2018 na middeling ruwvoergehaltes 281,8 290,8 277,4
84,9 stikstof melkvee 78,7 81,5 fosfaat melkvee Bron: CBS
Na middeling van gehalten in ruwvoer is de totale mestproductie 489,9 miljoen kilo stikstof en 165,3 miljoen kilo fosfaat.
Het stikstofgehalte van gras is de laatste jaren relatief hoog, mede daardoor is de stikstofpro- ductie in mest van melkvee gestegen.
miljoen kilo fosfaat (- 7%). Daarmee zit de fosfaatproductie door melkvee ruim onder het sectorplafond en stikstof nog net iets erboven. De daling komt door lagere melkveeaantallen en door lageren gehalten in het mengvoer. Dat komt bij stikstof niet naar voren omdat het stikstofgehalte in het ruwvoer duidelijk hoger was in het uit- zonderlijk droge jaar 2018, een jaar waarin bovendien het aandeel gras en graskuil in het rantsoen steeg ten koste van snijmais. Het voergebruik per koe steeg in 2018, voornamelijk door de hogere gemiddelde melkproductie die uitkwam op 8.850 kilo per koe per jaar (8.675 in 2017). Voor de beoordeling van het Nederland- se mestbeleid door de Europese Commis- sie zijn afspraken gemaakt over middeling van mineralengehalten in ruwvoer. Daarbij wordt gemiddeld over de afgelopen 5 jaar,
Fosfaat in mest fors onder plafond in 2018
stikstof- en fosfaatproductie per diercategorie, x 1 miljoen kilo (2002 = plafond) stikstof fosfaat 2002 2017
melkvee vleesvee varkens
pluimvee
overige diersoorten totaal
bron: CBS, 28 juni 2019
2002 2017 2018 281,8 38,3 99,1 60,3 24,9
303,5 33,6 97,4 58,9 18,8
289,9 37,5 96,8 56,7 22,7
504,4 512,0 503,5
84,9 12,5 39,7 27,4 8,4
86,6 10,8 37,5 27,5 6,6
2018 78,7 12,1 37,7 25,9 7,7
172,9 169,0 162,0
zonder de kalenderjaren met de hoogste en laagste waarde. De mestproductie van melkvee komt dan uit op 277,4 miljoen kilo stikstof en 81,5 miljoen kilo fosfaat. Beide waarden liggen dan onder de afgesproken sectorplafonds.
De fosfaatproductie van vleesvee steeg in 2018 met 12% naar 12,1 miljoen kilo fosfaat.
Varkens stabiel
De mestproductie van de varkensstapel was in 2018 vrijwel gelijk aan 2017 en kwam uit op 96,8 miljoen kilo stikstof en 37,7 miljoen kilo fosfaat. Het aantal varkens daalde licht, maar het fosforgehalte in het voer was iets hoger.
De fosfaatproductie van de pluimveesta- pel is duidelijk gedaald, met 6% naar 25,9 miljoen kilo. Ook de stikstofproductie daalde met 6% naar 56,7 miljoen kilo. Dat ligt in beide gevallen ruim onder het sec- torplafond. Vooral de mestproductie van vleeskuikens daalde, voor een belangrijk deel door de andere telmethode van dieren die nu is gebaseerd op het I&R-systeem voor pluimvee.
Bij de overige diersoorten steeg de fosfaatproductie met 16% naar 7,7 miljoen kilo. Dat werd vooral veroorzaakt door de mestproductie van paarden en pony’s. Melkgeiten produceerden 16% meer fos- faat en kwamen binnen deze categorie uit op 2,3 miljoen kilo fosfaat.
BOERDERIJ 104 — no. 40 (2 juli 2019) 15
FOTO: HENK RISWICK
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76