ACHTERGROND
>
anoniem met collega’s en met Veilig Thuis.” Of er altijd een vertrouwensarts
beschikbaar is voor overleg? “Vaak wel. Maar gelukkig zijn wij niet alleen. Er zijn ook anderen, niet-artsen, die profes- sionals een eind op weg kunnen helpen. Wie met een arts wil overleggen, moet soms iets meer geduld hebben.”
Beroepsgeheim doorbreken Of je nu met een arts of niet-arts van Veilig Thuis overlegt: deel geen herleid- bare gegevens. Dat drukt Agatha Hielkema, jurist gezondheidsrecht bij VvAA, zorgverleners op het hart. “Er wordt weleens gedacht: een vertrouwens- arts is een collega, die heeft ook een beroepsgeheim, dat zit wel goed. Maar jíj hebt een behandelrelatie met een patiënt; Veilig Thuis staat buiten de be- handelovereenkomst. Wees je er dus van bewust dat je je beroepsgeheim door- breekt zodra je persoonsgegevens deelt.” Op het moment dat iemand een
melding doet (stap 5 van de meldcode), ontkom je daar niet aan. “Voordat je zover bent, moet je het stappenplan zorgvuldig doorlopen én alle stappen goed vastleggen.” Hielkema en collega’s krijgen jaarlijks ‘enkele tientallen vragen’ van VvAA-leden over hoe zij dit moeten aanpakken. “Voor velen is het onbekend terrein. De meldcode beslaat flink wat
pagina’s, dus vragen zorgverleners ons mee te kijken: waar moeten we op letten, wat zijn de bananenschillen? En dat snap ik heel goed, want je vaart op adviezen van collega’s, van ons, van de KNMG Artsen- infolijn misschien, van Veilig Thuis. Maar uiteindelijk ben je als zorgverlener ver- antwoordelijk: als het tot een tuchtzaak komt, sta jij aan het hekje.”
Jurist Agatha Hielkema:
‘Praat niet óver maar mét mensen’
Een advies dat Hielkema altijd geeft: praat niet óver maar mét mensen. “Neem een echtscheidingssituatie waarin de zorg voor een kind niet van de grond komt. Dat komt geregeld voor. Een van de ouders geeft geen toestemming om te starten met EMDR of laat het afweten bij de orthodontie- of logopediebehande- ling. Volgens de letter van de wet kun je dat als kindermishandeling zien, maar als je dit met ouders bespreekt, lukt het vaak alsnog om het samen op de rit te krijgen. Lukt dat niet, geef dan aan dat dit voor jou reden kan zijn om een melding te doen bij Veilig Thuis. Ook dat kan een eyeopener zijn: vind je
het zo ernstig? En nogmaals: leg deze stappen zo feitelijk mogelijk vast. Van scenario’s (‘als de behandeling niet doorgaat, kunnen dit de gevolgen zijn’) tot gesprekken met ouders, collega’s en Veilig Thuis, zodat je achteraf kunt laten zien hoe je tot je besluit bent gekomen.” Een duidelijke scheiding is daarbij van belang: “In het patiëntdossier noteer je dát je hebt overlegd, maar de afwegingen bewaar je apart op een veilige plek op je computer. Als je dat allemaal zorgvuldig doet, hoef je niet bang te zijn. Gegrond verklaarde klachten gaan altijd over een stap uit de meldcode die niet zorgvuldig is doorlopen.”
CIJFERS 2025
Psychologen Huisartsen SEH-artsen Jeugdartsen
Verloskundigen
Ambulancediensten Tandartsen
Fysiotherapeuten Logopedisten
Aantal adviesvragen 4.880 (+775) 4.095 (+615) 1.900 (-10) 620 (+35) 445 (-15) 415 (+10) 155 (+40) 70 (-5)
40 (+10)
Aantal meldingen 1.155 (+115) 1.550 (+65) 2.915 (-130) 155 (-15) 235 (+25)
3.090 (-480) 55 (+25) 15 (+5) 0 (-10)
Het aantal meldingen en adviesvragen van de beroepsgroepen die in dit artikel genoemd worden, met tussen haakjes het verschil met 2024. Bron: CBS.
Impactvol Maar ook als een klacht ongegrond wordt verklaard, is de impact groot. “Het zijn lange en zware trajecten”, weet Hielkema als geen ander. “Onlangs stond ik iemand bij in zo’n Veilig Thuis-zaak: het melden speelde zich af in 2024, de procedure liep heel 2025 en pas in 2026 volgde de uitspraak. De klacht werd ongegrond verklaard, maar het traject leidde bij deze zorgverlener wel bijna tot een burn-out.” Nu leiden verhoudings- gewijs niet veel Veilig Thuis-meldingen tot een tuchtzaak, maar alleen tot een melding komen en daadwerkelijk melding doen, is ook al impactvol. “Het kost tijd en energie om het stappenplan zorgvuldig te doorlopen”, zegt Hielkema. “Het is complex, het is spannend. Het medisch beroepsgeheim voelen zorgver- leners echt van binnen; dat doorbreken is een grote stap. En wat haal je je op de hals? Een vertrouwensbreuk, agressie, een tuchtklacht? Dat maakt dat sommi- ge zorgverleners denken: ik brand mijn vingers er niet aan.” Vertrouwensarts Witte begrijpt die
terughoudendheid, maar spreekt tege- lijk de hoop uit dat zorgverleners tóch durven handelen, ondanks de impact en alle drempels. “In de zorg maken we de beweging van ziekte en genezen naar gezondheid en voorkomen. Dat geldt hier ook. Vraag jezelf af: wat kan ik nú bijdragen, waar kan ik verant- woordelijkheid voor nemen? Als iedere zorgverlener die stap zet, zijn we al een heel eind.”
< 24 aena • juli/augustus 2026
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76 |
Page 77 |
Page 78 |
Page 79 |
Page 80 |
Page 81 |
Page 82 |
Page 83 |
Page 84 |
Page 85 |
Page 86 |
Page 87 |
Page 88 |
Page 89 |
Page 90 |
Page 91 |
Page 92 |
Page 93 |
Page 94 |
Page 95 |
Page 96 |
Page 97 |
Page 98 |
Page 99 |
Page 100