Interview 029
CV
Janneke van der Wijk (1971) studeerde historische pedagogiek aan de Universiteit van Amsterdam. In maart van dit jaar werd ze benoemd tot directeur Publiek van het Rijksmuseum. In die hoedanigheid is ze verantwoordelijk voor publiek, educatie, com- municatie, en marketing en development van het Rijksmuseum. Hiervoor gaf ze 3 jaar leiding aan ELJA Foundation, een vermogensfonds in de kun- sten. Eerder was ze onder andere 11 jaar directeur van het Conservatorium van Amsterdam.
‘Waar mensen het
leven. Die vraag wordt in ons museum namelijk het aller- vaakst gesteld. Zo verbinden we verleden en heden, en maken die relevant voor de toekomst.”
het moeilijkst hebben, maakt kunst verschil’
Laat mensen zelf ervaren “We zijn het nationale museum voor kunst en geschiedenis, een grote verantwoordelijkheid. We zijn continu op zoek naar verbinding met het publiek en de samenleving als geheel. Daar geven we op verschillende manieren invulling aan. Onze museumdocenten spelen hier een belangrijke rol in. Zij kun- nen als geen ander bezoekers — kinderen en volwassenen — door een andere bril laten kijken, en zo nieuwe perspectieven bieden. We organiseren ook allerlei workshops en cursussen, offline
en online, in de hoop zoveel mogelijk mensen te raken en te inspireren. Pas dan krijgt onze collectie echt betekenis. Inter- actie gaat immers om méér dan alleen kennis overdragen. Door bezoekers zelf dingen te laten ervaren, bereiken we een diepere laag en zetten we mensen hopelijk aan het denken.”
Ga naar buiten “Net zoals dat voor de zorg geldt, wil het Rijksmuseum er voor álle Nederlanders zijn. Maar voor sommige mensen is het fysiek niet meer mogelijk om naar ons toe te komen. Daarom zijn we 5 jaar geleden gestart met het Rijksmuseum on Tour. Met een levensgrote replica van de Nachtwacht gaan we langs bij verpleeghuizen. Bewoners krijgen informatie over het kunstwerk en we stellen quizjes, workshopideeën en ansichtkaarten beschikbaar. Zo brengen we kunst naar de mensen toe. Dat doen we trouwens ook met ons brievenproject, ontstaan toen het museum in coronatijd noodgedwongen was gesloten.
Sindsdien schrijven medewerkers elke 2 weken brieven aan geïnteresseerden. Over de collectie en hun favoriete kunst- werken. Zo schreef een collega van de afdeling publicaties een keer over hoe een schilderij van Hendrick Avercamp haar leerde dat je alles kunt worden, ondanks of juist dankzij een beperking. En iemand van onze beveiliging deelde een verhaal over 400 jaar oude schoenen uit onze collectie die zijn teruggevonden bij Nova Zembla. Wie zich voor dit project opgeeft, ontvangt de brieven gratis, per post of per mail. En heel bijzonder: soms wordt er ook teruggeschreven. Een prachtige manier om meer verbondenheid en begrip te creëren.”
Creëer een schooltuin “Over naar buiten gaan buiten gesproken: sinds 2020 liggen in de tuinen van het Rijksmuseum ook schooltuintjes. Ieder jaar kiezen we, in overleg met de gemeente, één klas die zich dat schooljaar over deze bijzondere tuintjes mag ontfermen. Afgelopen jaar was dat groep 7 van de openbare basisschool Oscar Carré uit Amsterdam-Zuid. In principe is onze schooltuin er één als elke andere, waar
kinderen groenten zaaien, verzorgen en oogsten. Maar als extra dimensie brengen de kinderen ook altijd een bezoek aan het museum. Zo worden de verbeelding en creativiteit van de leerlingen extra gestimuleerd. En samen met chef- kok Joris Bijdendijk bereiden ze met de oogst bijzondere gerechten. Zoiets is misschien ook een leuk idee voor andere organisaties.”
Gun iedere patiënt de beleving van kunst “Als ik één dag directeur van een zorginstelling mocht zijn, zou ik het mogelijk maken dat in iedere kamer een kunst- werk in de vorm van een schilderij, beeld of foto te zien is. Dat stimuleert de verbeelding. Kunst kan een positieve impact hebben op de gezondheid en het welzijn van mensen, daar wordt steeds meer onderzoek naar gedaan. Dat heb ik zelf ook ervaren toen ik regelmatig met mijn vader in een groot ziekenhuis kwam. Ieder kunstwerk in de hal daar leidde tot bijzondere gesprekken. Gelukkig zie je in veel zorginstellingen steeds meer kunst.
Het zou mooi zijn als we hier nog meer ruimte voor zouden kunnen maken. Juist op plekken waar mensen het het moei- lijkst hebben, maakt kunst een wezenlijk verschil.”
<
<
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76 |
Page 77 |
Page 78 |
Page 79 |
Page 80 |
Page 81 |
Page 82 |
Page 83 |
Page 84 |
Page 85 |
Page 86 |
Page 87 |
Page 88 |
Page 89 |
Page 90 |
Page 91 |
Page 92