search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Tekst: Erik van Dam


Ondernemen 025


Status zzp-wet: nieuwe vertraging ligt op de loer


Rondom het zomerreces zette het demissionaire kabinet fl ink vaart achter de nieuwe zzp-wet. Daarna volgde het verkiezingsseizoen. Tijd om de balans op te maken. Waar staan we nu en vooral: waar gaat het naartoe?


I


n aanloop naar de verkiezingen is het beeld ontstaan dat het kabinet het zzp-thema wat uit het oog verloren was. Maar dat is zeker niet het geval. Ook in verschillende


demissionaire vormen: het kabinet wilde de afgelopen maanden juist vaart maken met de nieuwe zzp-wet Verduidelijking beoordeling arbeidsrelaties (Vbar). Nota bene ín het zomerreces stuurde toen malig SZW-minister Van Hijum het defi nitieve wetsvoorstel Vbar naar de Tweede Kamer. Nog geen 2 weken ná het zomerreces kwam de nieuwe demissionaire minister, Paul, al met het besluit (‘de AMvB’) dat het wetsvoorstel nader uitwerkt. Het werd ter consultatie voorgelegd aan het veld. Op basis hiervan startte afgelopen oktober de behandeling van deze wet, hoewel voorzichtig, met de eerste schrif- telijke inbreng.


Weinig draagvlak Het demissionaire kabinet kwam met deze versnelling omdat het nog steeds uitging van inwerkingtreding van de Vbar op 1 juli 2026. Maar of het opgevoerde tempo daartoe zal leiden, is maar zeer de vraag. Kijken we bijvoorbeeld naar de verkiezingsprogramma’s of uitspraken van Kamerleden dit najaar, dan bespeu- ren we nog maar weinig draagvlak voor het wetsvoorstel Vbar. Daarnaast kwam afgelopen voorjaar


nota bene vanuit de Tweede Kamer zelf een concept voor een alternatief zzp-wetsvoorstel: de Zelfstandigenwet. Hoewel dit voorstel nog slechts in de ontwerpfase zit, misschien nog niet erg evenwichtig is en technisch-juri- disch hier en daar nog rammelt, krijgt het maatschappelijk en politiek wel de


nodige sympathie. Dat dit alternatief begint bij een zelfstandigentoets – waar de Vbar slechts blijft toetsen op de arbeidsovereenkomst – is in elk geval verfrissend te noemen. Nu er twee concurrerende wetsvoor-


stellen liggen, is de vraag welke richting het opgaat. Vbar, Zelfstandigenwet of wellicht toch nog een andere variant? De samenstelling van een nieuw kabinet en de inhoud van het regeerakkoord


voorstelbaar dat de Tweede


Kamer wacht op een nieuw kabinet


zullen naar alle waarschijnlijkheid meer duidelijkheid scheppen. Het is goed voorstel baar dat de nieuwe Tweede Kamer hier met de verdere behandeling van de Vbar op wacht. Inwerkingtreding op 1 juli volgend jaar is in dat geval moeilijk voor te stellen. Een uitgerijpte Zelfstandigenwet evenmin. Een nieuwe vertraging in de zoektocht naar meer duidelijkheid ligt dus serieus op de loer.


Status quo Dat zou betekenen dat de huidige status quo nog langer overeind blijft. Voor het toetsingskader vallen we dus nog steeds terug op het aloude begrip arbeidsover- eenkomst uit het burgerlijk wetboek (BW). En daarin zit nu juist de onduidelijkheid


Het is goed


Erik van Dam is senior consultant kennis- en stakeholdermanagement bij VvAA. Op deze plek bespreekt hij ontwikkelingen die relevant zijn voor praktijkhouders, zzp’ers en andere ondernemers in de zorg


over de grens tussen loondienst en zelfstandigheid. Want veel meer dan het benoemen van de algemene termen ‘arbeid, loon en werken in dienst van’ doet het BW niet. Voor de concretisering daarvan zijn daarom altijd de gerechtelij- ke uitspraken van belang geweest, zoals met name de Deliveroo-uitspraak van de Hoge Raad in 2023. De elementen hiervan met korte uitleg zijn te vinden op vvaa.nl/deliveroo.


Deliveroo-meetlat Het is van belang om met deze ‘Deliveroo- meetlaat’ de arbeidsrelatie zelf serieus na te lopen en indien nodig na te denken over alternatieven. Dit jaar geldt nog een terughoudend handhavingsregime van de Belastingdienst (‘de zachte landing’) met slechts beperkt gerichte bezoeken en onderzoeken, en zonder boetes. Een wens vanuit een deel van de Tweede Kamer om dit regime te verlengen, veegde het demissionaire kabinet dit najaar van tafel. Ook weten we inmiddels dat de Belastingdienst in geaccordeerde modelovereenkomsten geen vrijbrieven ziet. En echt conform die overeenkom- sten werken – alleen dan hebben ze hun waarde – blijkt meestal niet eenvoudig in de gezondheidszorg.


Een schematische samenvatting van beide zzp-wetsvoorstellen is terug te vinden op vvaa.nl/vbar en vvaa.nl/zelfstandigenwet.


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76  |  Page 77  |  Page 78  |  Page 79  |  Page 80  |  Page 81  |  Page 82  |  Page 83  |  Page 84  |  Page 85  |  Page 86  |  Page 87  |  Page 88  |  Page 89  |  Page 90  |  Page 91  |  Page 92