Juli 1947 Aankomst van 2 Divisie ‘Palmboom’ in Nederlands-Indië. Het embleem van 2 Divisie: een palmboom.
47
21 juli 1947 Eerste Politionele Actie Het kabinet besluit na het mislukken van de onderhandelingen een militaire actie tegen de Republiek te voeren. Dit is de Eerste Politionele Actie. Het doel is om de Republik
Internationale druk Het Nederlandse optreden leidt ertoe dat de internationale gemeen- schap inclusief de Verenigde Staten de kant van de Republiek kiest. Opnieuw maakt zware internationale druk een eind aan de actie, op 5 januari 1949.
49
7 mei 1949 De Van Royen-Roem-overeenkomst biedt uitzicht op een definitieve politieke oplossing van het conflict. Zonder een overgangsperiode onder Nederlands toezicht en beheer. Wel houdt Nederland vast aan de
Indonesia tot politieke inschikkelij k- heid te dwingen. Maar ook om de belangrij kste productiegebieden op Java en Sumatra in handen te krij gen en de economie weer op gang te brengen. De actie is ingegeven door financiële nood: de bodem van de Nederlandse schatkist komt in zicht.
Na afloop van de actie breekt een periode van moeizame strij d aan. De Republikeinse troepen zij n niet uitge- schakeld en zetten de strij d voort in
de vorm van een guerrilla. Generaal Spoor meent dat hij deze guerrilla snel kan bedwingen, maar hij onder- schat deze fase van de strij d.
17 januari 1948 De Renville-overeenkomst is getekend tussen Nederland en de Republiek. Het is grotendeels een bevestiging van het akkoord van Linggadjati. Nederland hoopt dat de guerrilla-strij d daardoor afneemt, maar dat gebeurt niet.
19 december 1948 Tweede Politionele Actie De onderhandelingen over een defi- nitieve politieke regeling lopen stuk. Nederland lanceert opnieuw een groot militair offensief: de Tweede Politionele Actie. Het doel is om Djokjakarta, de rest van Java en een zo groot mogelij k deel van Sumatra te veroveren. En om de Republikeinse regering ten val te brengen en de Republikeinse strij dkrachten te vernietigen.
48
vorming van een federatie van Indonesische staten verbonden met Nederland in een unie. En met de koningin als staatshoofd.
Ontruiming Yogyakarta De overeenkomst heeft ook militaire consequenties. De Nederlandse troepen moeten Yogyakarta prij s- geven en ontruimen. Terwij l zij enkele maanden eerder deze stad hebben veroverd. Dit zorgt voor grote span- ningen in het leger. De ontruiming van Yogyakarta begint op 30 juni.
27 december 1949 Koningin Juliana ondertekent de overdracht van de soevereini- teit aan de Verenigde Staten van Indonesië. De eerste president wordt Soekarno. Er komt een einde aan 350 jaar Nederlandse bestuurlij ke en militaire aanwezigheid in de Indische
archipel. Alleen Nieuw-Guinea blij ft Nederlands bezit.
1950 Uitroepen eenheidsstaat De Indonesische regering maakt in 1950 al een eind aan de federale structuur (de ‘Verenigde Staten van Indonesië’) en roept de eenheids- staat uit. In 1956 maakt zij ook een eind aan de unie met Nederland. Zij blij ft zich inspannen voor de inlij ving van Nieuw-Guinea bij Indonesië.
26 juli 1950 Opheffing KNIL Op 26 juli 1950 komt een eind aan het bestaan van het koloniale leger. Op dat moment telt het nog ongeveer 65.000 militairen. Van de 15.000 Nederlandse militairen gaan er 7.500 over naar de landmacht. 7.500 mili- tairen zwaaien af (demobiliseren).
Van de 50.000 inheemse militairen gaan er 26.000 over naar het leger van Indonesië. 20.000 demobiliseren en 4.000 komen naar Nederland. Van de Indonesische regering mogen zij niet terugkeren naar de Molukse eilanden vanwege de politieke toestand daar. Het besluit is dat ze ‘tij delij k’ naar Nederland gaan.
50
KNIL-traditie Het Regiment Van Heutsz zet de traditie van het KNIL in Nederland voort. De oprichtingsdatum van het regiment is 1 juli 1950.
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76 |
Page 77 |
Page 78 |
Page 79 |
Page 80 |
Page 81 |
Page 82 |
Page 83 |
Page 84 |
Page 85 |
Page 86 |
Page 87 |
Page 88 |
Page 89 |
Page 90 |
Page 91 |
Page 92 |
Page 93 |
Page 94 |
Page 95 |
Page 96 |
Page 97 |
Page 98 |
Page 99 |
Page 100 |
Page 101 |
Page 102 |
Page 103 |
Page 104 |
Page 105 |
Page 106 |
Page 107 |
Page 108