26
‘Het laat gewoon zien dat er zwaar gemoord is door Nederland’
Die hardere blik op de koloniale tij d maakt ook de discussies harder, het gaat steeds meer over wie de schuld moet krij gen. Goedkoop: ‘Voor mij leidt dat eigenlij k alleen maar af van iets veel wezenlij kers. Niemand kon de strij d zoals die is gelopen helemaal overzien. Of het nou over de Indonesische kant gaat of de Nederlandse, over de dienstplichtigen die we uitstuurden of over de politici die achter de schermen aanstuurden, ze waren allemaal het slachtoffer van hun beperkte kennis en hun blinde vlekken. Je kunt één partij als kwaadaardig proberen aan te wij zen, maar voor de verwerking van die rottij d is het zoveel vruchtbaarder als we erkennen dat zo’n beetje iedereen slechter is geworden van die oorlog en dat we die tragiek met alle partij en delen. Die tragiek zien, dat zou veel helpen om uit de verbittering te komen.’
Verjaagd Goedkoop heeft de helft van een televisieserie over de dekolonisatieoorlog op de plank liggen. In Nederland heeft de redactie de opnames afgerond. Het plan om vervolgens in Indonesië opnames te maken en interviews af te nemen is door corona nog niet gelukt. Goedkoop: ‘Het levert belangrij ke inzichten op om ook daar met betrokkenen in gesprek te gaan. Ik vind het sowieso raar dat er van oudsher vrij wel alleen Nederlanders aan het woord komen als het over dit onderwerp gaat. Om die strij d te snappen zul je ook de vij and moeten leren snappen.’ Goedkoop haalt het voorbeeld aan van een Indonesische collega-historicus die hij sprak. ‘Wij hebben het over een dekolonisatieoorlog, terwij l hij zegt: “Hoezo? Jullie waren al weg, verjaagd door Japan. Het was een rekolonisatiestrij d”. Volgens Goedkoop is het tij d voor compassie. ‘Ik heb gehoord van veteranen die een terugkeerreis maakten en daar hun vroegere vij and huilend in de armen vielen. Soms denk ik dat het barmhartigheid is wat de partij en verder kan helpen.’
Complexiteit Goedkoop deelt de nieuwe harde blik op de koloniale geschiedenis, maar hij ziet ook sterk de tragiek van de Nederlandse veteranen. ‘Dat kan namelij k prima naast elkaar bestaan. Zij werden met een opdracht eropuit gestuurd en konden niets anders doen dan die te volbrengen. We moeten de complexiteit voor ogen houden.’ Voor Goedkoop komt dat samen als hij aan zij n grootvader denkt. ‘Hij was een aardige man, een lieve opa, en bovendien een militair die zich met indrukwekkende toewij ding heeft opgeofferd voor een zaak die groter was dan zij n eigen geluk. Maar tegelij kertij d was hij een echte KNIL-man. En de KNIL hield al meer dan honderd jaar de lokale bevolking onder de duim. Dit politieleger had als taak om witte machthebbers in het zadel te houden. Voorheen werd er gesproken over excessen als het over het geweld ging, maar dat klopt niet. Het harde geweld van de KNIL was systematisch en paste precies in hun jarenlange traditie.’ Goedkoop is erg benieuwd naar het rapport. Vooral wil hij weten: waar kwamen de orders vandaan? Kwamen die van de hoogste legertop of recht- streeks uit Den Haag? ‘Natuurlij k ben ik ook geïn- teresseerd in de rol van mij n opa. Ik maak mij geen illusies over het harde optreden van mij n grootvader. Daarover heeft hij zelfs tegen mij wel eens iets losgelaten tij dens een wandeling. Hij vertelde dat hij tij dens een patrouille ploppers gevangen had genomen. Hij nam ze liever niet mee in de auto over de slechte wegen in het donker. Het was een gevaar- lij ke rit omdat de gevangenen achter in de auto herrie maakten om hun makkers te waarschuwen. “Dus wat denk je dat we met die ploppers deden…?”
‘Om die strij d te snappen, zul je ook de vij and moeten leren snappen’
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76 |
Page 77 |
Page 78 |
Page 79 |
Page 80 |
Page 81 |
Page 82 |
Page 83 |
Page 84 |
Page 85 |
Page 86 |
Page 87 |
Page 88 |
Page 89 |
Page 90 |
Page 91 |
Page 92 |
Page 93 |
Page 94 |
Page 95 |
Page 96 |
Page 97 |
Page 98 |
Page 99 |
Page 100 |
Page 101 |
Page 102 |
Page 103 |
Page 104 |
Page 105 |
Page 106 |
Page 107 |
Page 108