Achtergronden
Stekker uit pensioenakkoord ‘geen verstandige optie’
Kort voor de verkiezingen van vorig jaar juni, zijn de vakbonden en werk- gevers de hoofdlijnen van een nieuw pensioenakkoord overeengekomen. Op dit moment zijn er onderhandelingen gaande binnen de Stichting van de Arbeid (STAR) over de uitwerking van het akkoord en met het (nieuwe) Kabinet om het akkoord ook in de benodigde wettelijke regels te vertalen. Maar er is nog geen witte rook. Hoe zit het nu? TEKST CNV | FOTO IS
markten verloren de pensioenfondsen in 2009 miljarden euro’s. De meeste fondsen raakten hun financiële buffers kwijt. De dekkingsgraden zakten tot ver onder de verplichte 105 procent. Ook het feit dat pensioengerechtigden steeds langer leven en dat de pensi- oenfondsen dus steeds langer moeten uitkeren, maakt een ingrijpende herzie- ning van het Nederlandse pensioenstel- sel noodzakelijk.
W
Hoe werkt pensioen nu? De meeste werknemers bouwen pensi- oen op bij een pensioenfonds. Werkge- ver en werknemer dragen daar samen maandelijks aan bij. De fiscus betaalt indirect ook mee, want de pensioen- opbouw is belastingvrij. De inleg moet leiden tot een pensioen van ongeveer 70 procent van het gemiddeld verdiende loon. Deze 70 procent is inclusief AOW en krijg je als je tenminste over alle jaren pensioen hebt opgebouwd en je pensioenfonds steeds goede rende- menten op de beurs heeft behaald. Pensioenfondsen proberen ervoor te zorgen dat het ingelegde geld vervol- gens zoveel rendement oplevert, dat er uiteindelijk voldoende is om genoeg te
32
aarom zijn er nieuwe pensi- oenregels nodig? Door de crisis op de financiële
kunnen uitkeren. Het geld dat we inleg- gen is namelijk maar een klein deel van het bedrag dat we uiteindelijk krijgen.
Wat is het probleem? Zoals gezegd is het door verschillende oorzaken de laatste jaren moeilijker geworden voor pensioenfondsen om aan hun verplichtingen te voldoen. Werkgevers en werknemers bereikten daarom een akkoord om ons pensioen- stelsel aan te passen. Nu onderhande- len de sociale partners met de regering over invoering daarvan.
Volgens Sociale Zaken zou het pensioenak- koord juridisch moei- lijk haalbaar zijn
Hoe ziet de oplossing van werkgevers en bonden eruit? Op hoofdlijnen: De AOW gaat in 2020 naar 66 jaar en wordt flexibel. Dat betekent dat iedereen die eerder wil stoppen met werken kan kiezen om de AOW op 65 jaar te laten ingaan. De uitkering is dan
per leeftijdsjaar 6,5 procent lager en voor wie langer doorwerkt 6,5 procent hoger. Door keuzevrijheid in dit systeem en de opwaardering van de AOW via de verdiende lonen kan iedereen, dus ook mensen met een zwaar beroep, er voor kiezen desgewenst met 65 jaar te stop- pen met werken. De sociale partners kunnen in sectoren en bedrijven aan- vullende afspraken maken over men- sen met een lang arbeidsverleden. Ook de aanvullende pensioenen worden gekoppeld aan de levensverwachting en dat maakt ons pensioenstelsel toe- komstbestendig. De opbouw van het pensioen met de rekenleeftijd van 66 jaar start in 2011, daardoor kunnen mensen kiezen tussen een lagere uit- kering of iets langer doorwerken. Een jaar langer leven betekent ongeveer een half jaar langer werken. Als pen- sioenfondsen onvoldoende op sterkte zijn, wordt de rekening solidair betaald door werkenden, gepensioneerden, door jong en oud. Het is belangrijk dat de kansen voor oudere werknemers op de arbeids- markt toenemen en zij daadwerkelijk aan een baan geholpen worden. De sociale partners zijn overeengekomen daar afspraken over te maken.
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40