ACTUEEL
RUNDVEEHOUDERIJ Robot floreert in krimpende markt
Het aantal melkveebedrijven is de eerste negen maanden van 2019 gedaald met bijna 350 stuks. Toch neemt het aantal bedrijven met een melkrobot toe.
Na driekwart jaar is het aantal renovaties, opleveringen en uitbreidingen van melkin- stallaties al bijna gelijk aan het totaal aantal van heel 2018. Toen waren dat er 730; nu staat de teller op 672. Dat blijkt uit de statistieken van stichting Kwaliteitszorg Onderhoud Melkinstallaties (KOM). Met name met de automatische melksystemen gaat het goed. Van de 672 uitbreidingen of opleveringen in de eerste drie kwartalen van 2019 zijn er 488 melk- boxen bijgeplaatst. Dat is bijna driekwart van het totaal en ook al een heel veel meer dan over heel 2018, toen er 386 boxen zijn geplaatst.
Het totaal aantal melkveebedrijven dat met een automatisch melksysteem werkt, groeit dan ook snel. Dit jaar is het aantal al toegenomen met 172 bedrijven tot een to- taal van 4.321 bedrijven. Deze groei wordt gerealiseerd in een markt waarbij het aan- tal bedrijven afneemt. Volgens KOM zijn er nu 16.885 bedrijven, tegen 17.228 begin 2019. De melkrobot bezet op basis van deze cijfers een marktpositie van 25,6%.
De afgelopen jaren is het aantal bedrijven met een of meer melkrobots toegenomen. Het gaat inmiddels om meer dan een kwart van de markt.
Na de melkrobot neemt de zij-aan-zij- melkstal de meeste renovaties of uitbrei- dingen voor zijn rekening. Tot nu toe zijn dat er 99, maar dat is slechts iets meer dan de helft van het totaal van vorig jaar, toen er 188 uitbreidingen, nieuwbouw of renova- ties waren.
Uit de cijfers wordt duidelijk dat het ook vooral om uitbreidingen en renovaties gaat, want het totaal aantal zij-aan-zijmelk-
stallen in gebruik is nagenoeg ongewijzigd (-6) met het aantal bedrijven (3.925) dat in het begin van het jaar ook met zo’n systeem werkte.
Visgraatmelkstal
De grootste afname vindt nog altijd plaats bij de visgraatmelkstallen. Dat aantal ligt nu op 5.858; bijna 400 stuks minder dan begin dit jaar.
Rabo: Eerst economisch duurzaam, dan pas kringlooplandbouw
Alles hoeft niet in één keer anders om te kun- nen voldoen aan de kringloopvisie van het ministerie van landbouw.
“Melkveehouders doen al veel aan kringlooplandbouw”, zei Marijn Dekkers, sectorspeci- alist melkveehouderij Rabo- bank, tijdens de presentatie van de nieuwe zuivelvisie ‘Blij- ven bouwen aan een duurzaam verdienmodel’. Hij spreekt liever van een evolutie naar kringlooplandbouw in plaats van een transitie.
Er gaat in de melkveehou- derij al veel goed en dat moet
volgens Dekkers niet zomaar worden losgelaten. Melkvee- houders kunnen op bedrijfsni- veau kijken wat bij ze past. Er is nog veel laaghangend fruit, zoals het beperken van veld- en voerverliezen, nauwkeuriger mest aanwenden en nauwere samenwerking met akkerbouw- bedrijven. Voor vooruitgang op grote schaal moet flexibiliteit of zelfs aanpassing in regelge- ving volgens hem bespreekbaar zijn. Bijvoorbeeld het flexibeler toerekenen van grond die in gebruik is van derden, of het inzetten van mineralencon- centraten uit dierlijke mest als vervanger van kunstmest. Dekkers vindt kringloop- landbouw een erg ruim begrip
kringlooplandbouw moet wel economisch duurzaam zijn. Daar begint het.”
Er zijn snelle stappen te zetten in duurzaamheid door veld- en voerverliezen te beperken.
dat nog moet worden geladen. “Melkveehouders kunnen na verdere verduurzaming van hun bedrijfsvoering en met de helft van de huidige produc- tie niet net zoveel verdienen als nu. Zeker niet op korte termijn”, aldus Dekkers. “En
BOERDERIJ 105 — no. 3 (15 oktober 2019)
Dekker ziet dat de retail moeite heeft een meerprijs te realiseren voor geleverde inspanning op duurzaamheid. Concepten als de PlanetProof- en de Albert Heijn-melkstroom geven een deel van de sector de kans hun marge te verbeteren. Al is het de vraag of die meer- prijs op termijn blijft. Extra eisen in concepten worden vaak na verloop van tijd de basis. Zo kan deelname aan concepten ook leiden tot een stijging van de kostprijs. “Het is dan ook belangrijk dat men efficiënt melk produceren niet uit het oog verliest.”
53
FOTO: KOOS GROENEWOLD
FOTO: MARK PASVEER
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76