search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
FOTO: RONALD HISSINK


VARKENSHOUDERIJ


Duitsland en België heeft deze methode geen navolging gekregen. Elk land kiest voor een eigen aanpak, waarbij onderzoek laat zien dat elke methode voor- en nadelen heeft.


‘Duitsland wil garanties dat de verdoving goed gebeurt. Biggen mogen gewoon geen pijn hebben’


Naast de verdoving tijdens de castratie is er recent nog een handeling bijgekomen, namelijk bestrijding van de napijn. Het idee is dat biggen niet alleen pijn hebben rondom de ingreep maar ook lange tijd daar- na. Nederlandse varkenshouders die leveren onder het Duitse QS moeten de pijn sinds vorig jaar nabehande- len. Sinds dit jaar geldt het voor alle IKB-deelnemers. In Nederland zijn op dit moment twee diergeneesmiddelen geregistreerd voor dat gebruik: Novem 5 en Melovem 5. Helemaal onbekend zijn de middelen overigens niet, want veel varkenshouders gebruiken ze al in hogere concentraties bij zeugen en vleesvarkens. Een eenmalige injectie voor het castreren zorgt voor pijnstilling en is tevens koorts- en ontstekings- remmend. De middelen zijn via de dierenarts verkrijgbaar.


Niet omarmd


Het verdoven tijdens castra- tie, en later de napijnbestrij- ding, is door de sector nooit echt omarmd. Dat blijkt uit een rondgang langs een aantal dierenartsenpraktij- ken en varkenshouders. Er lijkt bij een deel van de sector een mentaliteit van ‘don’t


ask, don’t tell’. De IKB’s controleren op naleving van de eisen, maar alleen op basis van de afgenomen hoeveel- heid CO2


pijn valt wel mee.”


en pijnbestrijdingsmiddel. Bij niet voldoen aan de eis van verdoving tijdens de castratie volgt in principe een sanctie; voor het nalaten van de napijnbestrijding geldt in het eerste jaar nog een waarschuwing. John Vonk, dierenarts bij De Varkenspraktijk in Oss, begrijpt wel dat varkenshouders moeite hebben met deze ingrepen, en nu sinds kort met toepassen van na- pijnbestrijding. “Het verschil tussen wel en geen napijn- bestrijding is kort na de ingreep moeilijk te zien want ook zonder die ingreep liggen de biggen weer snel bij de zeug te drinken. Varkenshouders kunnen redeneren: De


Het lastige van napijnbestrijding is dat de varkens- houder volgens de bijsluiter het prikje een half uur voor de behandeling moet geven. Praktisch betekent dat dus eerst een ronde biggen injecteren en een half uur later de biggen verdoven voor de castratie. Dat maakt deze toepassing van napijnbestrijding onpraktisch. De clustervoorzitter landbouwhuisdieren bij de KNMvD vindt dat de discussie niet moet gaan of het middel wel op het juiste tijdstip is gegeven, maar wat het doet in de praktijk. Nog mooier vindt hij het als blijkt dat napijnbestrijding bijdraagt aan bijvoorbeeld een lagere uitval. “We hebben dat jaren geleden bij verdo-


Berengeur voorkomen is mogelijk, maar materie is complex


Castratie van beren heeft één doel: voorkomen van berengeur. Berengeur draait om het mannelijk hormoon androstenon en de afraakproducten skatol en indol. Maar ook in vlees van gelten worden soms hogere gehalten gevonden, wat de complexiteit aangeeft. Meerdere factoren zijn van invloed:


z Genetica Pietrain, York en landrassen scoren vaak gunstig voor be- rengeur. In het algemeen hebben beren met veel rugspek vaker berengeur. Ook binnen rassen zitten aanzienlijke verschillen.


z Voeding Voerinhoudelijk (aminozuren, organische zuren), qua voersysteem (droog of nat, beperkt of onbeperkt) en voermanage-


50


ment (vreetruimte, voeronthouding voor afleveren) zijn verschil- len aangetoond in mate van berengeur.


z Management Het aflevergewicht is belangrijk maar het effect wis- selend, blijkt uit studies. Een veilig aflevergewicht lijkt 110 kilo le- vend gewicht. Schone vloeren en een lage bezetting verlagen het risico. In de zomer worden hogere skatol-niveaus gevonden. Ge- mengd opleggen of rekening houden met sociale hiërarchie lijken geen verschil te maken.


z Traceren Controle op berengeur in de slachterij is belangrijk, maar biedt geen 100% garantie. Er is geen eenduidige voorspeller hoe een consument berengeur ervaart.


BOERDERIJ 106 — no. 16 (12 januari 2021)


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76