search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
014 Interview


we doen, wat ik ook jarenlang deed. Toen ik eenmaal in therapie ging, vroeg de psycholoog: waar zit je gevoel? Ik dacht: ho even, als ik alles ga voelen, dan kan ik toch niet verder?” Door die ervaring en door de verhalen die


ze hoorde van andere artsen met psychische klachten, bedacht Oostindiër dat het goed zou zijn om een instelling uitsluitend voor zorg- verleners te beginnen, waar zij zich veilig én be- grepen zouden voelen. “Zoals dat voor mensen uit het leger al veel langer bestaat, die hebben net als artsen hun eigen codes, hun eigen mores. Als je met gelijkgestemden bent, voelt het ook niet zo schaamtevol.”


Verborgen ellende Toch liep het na de start in 2015 bepaald geen storm. “Die schaamte is niet zomaar weg. Én we doen alsof we gezond zijn. Ons mankeert niets en al helemaal psychisch niet, want dat is voor gewone mensen al eng, laat staan voor dokters. We zijn meesters in bagatelliseren en verdringen, waardoor we slechte gewoon- tes ontwikkelen. Zoals nog harder werken of verdoven, door te sporten, door middelen te gebruiken, door naar alcohol te grijpen. Dat laatste komt veel voor. Het wordt bijna normaal gevonden om veel te drinken.” Na een artikel over AerreA in Medisch Contact stroomden in 2017 plotsklaps wel de aanmeldingen binnen. “Van mensen die zó ziek waren, dat ik dacht: dat je überhaupt nog kunt werken. Er waren erbij die moesten worden opgenomen. Ik wist dat er veel verborgen ellende was en dat we veel te lang doorgaan, maar dat het zo erg was, daar schrok ik van.” Na die piek is de praktijk in de jaren daarna


gestaag gegroeid. Er werken nu twaalf hulpver- leners die zowel individuele als groepsthera- pieën geven, het meest aan huisartsen. “Dat is de grootste groep. Huisartsen durven zich over het algemeen kwetsbaarder op te stellen dan medisch specialisten. Vooral de hardcore- specialisten, ‘de snijders’, zien we relatief weinig. Eigenlijk alleen bij disfunctioneren, wanneer ze min of meer gedwongen een traject ingaan. Dan knappen ze trouwens enorm op, omdat ze voelen dat ze hier gewoon kunnen zeggen waar ze mee zitten.” Dat inmiddels steeds meer medici de weg


naar AerreA lijken te vinden, betekent overi- gens niet dat het stigma is verdwenen. “Dat we moeten toegeven dat we zelf ook zorg nodig hebben, blijft een moeilijke boodschap die me nog steeds niet altijd in dank wordt afgenomen. ‘Waar heb je het over? We zijn best open, het valt wel mee’, dat soort reacties. Maar hier in de praktijk hoor ik dagelijks het tegenoverge- stelde. Mensen die hier forse therapie krijgen, zeggen tegen collega’s dat ze in een coachgroep-


je zitten. En wie met een paniekaanval het ziekenhuis of de praktijk uitloopt, verzint een smoes.” Wat wel en niet met collega’s wordt gedeeld, hangt vaak af van de diagnose. Oostindiër spreekt van een ‘soort hiërarchie in labels’, al is ze zelf niet van het labels plakken. “Beetje kort door de bocht hoor, maar een burn- out mag, want dan heb je hard gewerkt. PTSS kan ook, dat heeft iets heroïsch, maar midde- lengebruik, angst, depressie, suïcidale neigin- gen, psychoses – daar praten we niet over.”


CURRICULUM VITAE


Antoinet Oostindiër (1961) geboren in Arnhem


1981-1988 geneeskunde,


Universiteit Utrecht 1988-1990


wisselassistentschap, Merwedeziekenhuis, Sliedrecht 1990-1992


huisartsopleiding, Leiden


1992-1998


huisarts, Amsterdam en Midden-Beemster 1992-1998


docent vakgroep


huisartsgeneeskunde, VU 1998-2003


opleiding tot psychiater,


GGZ Ingeest, Haarlem e.o. 2004-2005 psychiater,


GGZ Dijk en Duin


(nu Parnassia), Castricum 2004-2014


psychiater, praktijk


Oostindiër, Koog aan de Zaan


2015-heden


oprichter en psychiater, AerreA, ggz-instelling voor zorgverleners, Engewormer


Gevoel uitzetten Op het moment van spreken, kort na de zomer- vakantie, gaat de telefoon in de boerderij in Engewormer geregeld. “We hebben geen wacht- lijst, dat willen we per se zo houden, al moet ik me drie slagen in de rondte werken, maar het is momenteel wel een uitdaging.” Dat juist in deze fase van de pandemie de hulpvraag toeneemt, is volgens de psychiater logisch te verklaren. “Dokters hebben geleerd om onder druk te werken. Om het vol te houden, zet je je gevoel uit. Pas als je tijd hebt om te reflecteren, merk je dat het niet goed gaat. Dat zien we nu terug in het aantal aanmeldingen, waarbij velen aangeven dat ze nog geen tijd hebben om langs te komen. Ze kunnen geen vervanging vinden of er zijn al collega’s ziek, ‘dan kan ik toch niet zeggen dat ik ook wat heb?’ En dus werken ze nóg langer door terwijl ze al met de tong op de schoenen lopen, waardoor de problemen nog ernstiger worden, vaak op meerdere vlakken. Dat ondermijnt natuurlijk ook de kwaliteit van zorg: er worden meer fouten gemaakt.” Gevolg van dat uitstellen, is ook dat degenen


die uiteindelijk bij Oostindiër over de drempel stappen, vaak lang in zorg zijn. “Zelden hebben we aan tien sessies genoeg. Maar uiteindelijk komen ze er beter uit. Gaan ze bijna allemaal als gezonde dokter weer aan de slag. Maar daarvoor is het wel nodig eerst te erkennen wat en waar het fout gaat. Eerst door het dal, dan pas kun je groeien. Soms denkt men dat dit een afvoerputje is. ‘Als je hierbinnen bent, dan is het gedaan met je.’ Nee, het uitgangspunt is altijd dat men weer aan het werk gaat, en dat gaat makkelijker en sneller als je eerder aan de bel trekt.” De psychiater is van mening dat er nog veel


meer gedaan kan en moet worden in het kader van preventie. “Je leert ook niet zwemmen als je bijna verdronken bent, je krijgt van tevoren zwemles. Op een COVID-afdeling draagt ieder- een beschermingsmiddelen, maar voor psychi- sche problemen hebben we geen PBM. We doen ook net of we die niet nodig hebben, terwijl we meer kans hebben om psychisch ziek te worden dan niet-dokters.” Als het gaat om ‘psychische PBM’ dan reiken ziekenhuizen wel het nodige


<


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76  |  Page 77  |  Page 78  |  Page 79  |  Page 80  |  Page 81  |  Page 82  |  Page 83  |  Page 84