search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Afbeelding 1: Wanneer bij bepaalde symptomen een diagnose geformuleerd wordt en aan de randvoorwaarden wordt voldaan, zullen de symptomen verdwijnen en wordt er een positieve meerwaarde gecreëerd. Wordt er geen of een foutieve diagnose gesteld of worden de randvoorwaarden niet ingevuld, dan persisteren symptomen en wordt er geen meerwaarde gecreëerd.


DYNAMISCHE SYSTEMATISCHE DIAGNOSTISCHE METHODIEK


RISICOPROFIEL CARIES


PARODONTITIS OCCLUSALE PROBLEMATIEK MEDISCH


GENETISCH SYSTEMISCH


TOXICO-/FARMACOLOGISCH OPBOUWEN Tx LIFESTYLE MANAGEMENT


BIOFILM MANAGEMENT/IMMUNE FITNESS


FORCE MANAGEMENT


ORTHODONTIE / -PEDIE DENTITIE SKELET


FUNCTIE MONITOREN cpo (moe) OMA


Afbeelding 2: Overzicht van de 3 risicofactoren, de cofactoren en de esthetische initiator. De patiënt heeft zelfbeschikkingsrecht en mag zelf zijn behandel richting kiezen: opbouwen, monitoren indien mogelijk of afbouwen.


PATHOLOGISCHE GRENS GLAZUUR-DENTINE GRENS


AANHECHTINGSVERLIES (4 MM) NIET SCHERP GEDEFINIEERD ESTHETISCH FACIALE ANALYSE


DENTOGINGIVALE ANALYSE ELEMENT ANALYSE


AFBOUWEN


Y Abductief denkproces Deductie en inductie zijn bekende vormen van wetenschap- pelijk redeneren en vormen het fundament van ons hande- len: ‘evidence based dentistry’. Het stellen van een tandheel- kundige, medische diagnose is een abductief denkproces. Hierbij wordt een mogelijke verklaring voor een verschijnsel als de juiste gekozen. Door verschillende abducties af te wegen, ontstaat ‘inference to the best explanation’. Voor dit diagnostisch proces is het inschatten en vaststellen van de individuele risicoprofi elen van de patiënt van primordiaal belang, zowel voor de behandeling als voor de achteraf te leveren nazorg. Bij het volgen van de juiste stappen wordt het stellen van een tandheelkundige diagnose een inzichte- lijk proces. Tevens is het een handig communicatiemiddel, enerzijds richting de patiënt, die zo ook zijn eigen verant- woordelijkheid dient op te nemen, en anderzijds binnen het tandheelkundig team, waar elk teamlid zijn bijdrage kent. Op deze wijze komt de patiënt centraal te staan in het zorg- proces en krijgt deze gerichte zorg op maat.


Y Risicoprofi el Er zijn drie risicoprofi elen te onderscheiden: cariës (c), parodontitis (p) en occlusale problematiek (o) (zie afbeel- ding 2). Cariës is het eerste risicoprofi el met een duidelijke microbiologische component is. Te vaak wordt cariës curatief benaderd, zonder aandacht te besteden aan het herstel van de microbiologische balans in de mond. Om hierover bewustzijn te creëren bij onze patiënt dient voorlichting gegeven en aandacht besteed te worden aan ‘lifestyle management’1.


Hier ligt een grote taak voor de STEFAN MEUTERMANS


behaalde in 1996 zijn tandartsdiploma aan de Katholieke Universiteit Leuven. Sinds 1998 voert hij in Hilvarenbeek samen met zijn enthousiast team van bevlogen medewerkers een algemene praktijk die uitgroeide tot een verwijspraktijk voor restauratieve tandheelkunde. Hij volgde intensieve bij- en nascholing in binnen- en buitenland alsook het 3-jarige CEPCD-programma in Oisterwijk onder leiding van Jan Smeekens. Hier is hij nu gastdocent. In 2014 werd hij erkend door de NVVRT als restauratief tandarts en in 2015 door de EPA als prosthodontist.


44 NT DENTZ FEBRUARI 2024


mondhygiënisten en preventie-assistenten in de praktijk. Coaching van de patiënt vraagt een hoge mate van com- municatieve vaardigheid. Taalbarrières, zowel bij patiënten als bij zorgverleners, kunnen hier grote uitdagingen op- leveren. De pathologische grens waarop wij vaak in actie komen ligt rond de glazuur-dentinegrens, waarbij cavitatie een belangrijke indicator is. Als tweede risicoprofi el valt parodontitis te benoemen. In essentie is dit het optreden van aanhechtingsverlies ten gevolge van een lokaal afweerprobleem, vaak geasso-


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76