Checkpoint Barry
Droomvrouw O
p een morgen werd ons peloton ingezet om vluch- telingen op te halen uit een dorpje dat onder de voet
was gelopen door Servische troepen. Jochies van mijn leeftijd, getooid met zonnebril en gewapend met minach- ting en een kalasjnikov liepen langs ons heen. Geen enkele autoriteit, maar alle macht en wij waren opgeroepen om de rommel van hun machtsvertoon op te ruimen. Mensen gedegradeerd tot afval. Overbodig en een potentiële kostenpost wanneer er een kogel aan verspild zou moeten worden. Het eerste wat opviel, was dat het voor- namelijk vrouwen, kinderen en oude- ren waren die op ons wachtten. Geen man of jongen te bekennen. Zo goed en zo kwaad als het ging, hiel- pen we de mensen achterin in de laad- bakken van onze viertonners. Het was een warme en stoffige voorjaarsdag. Mensen zweetten en zuchtten, bepakt en bezakt met wat ze konden dragen. Kinderen huilden en ouderen steun- den. Een man, gelegen op een brancard, moest ook nog mee. Mensen bewogen onhandig en onwennig. Niemand wilde weg, maar iedereen wilde mee. Het alternatief liet zich raden. Achterin de overvolle vrachtwagens werd het alsmaar warmer onder het zeil. Mensen begonnen flauw te val- len, uitgeput als ze waren. We haalden het dekzeil van onze laadbak, deelden
We zijn allemaal vluchtelingen
water uit en gingen door met zoveel mogelijk mensen in de laadbakken te proppen. Vijfentwintig kilometer verderop her- haalde zich het ritueel in omgekeerde volgorde. Je kan alleen uit de bak van een viertonner stappen als je dat ach- terstevoren doet. De bovenste trede klapt uit als de laadklep zakt, maar de onderste trede is een gat in de laadklep. Een kleine, gezette vrouw van middel- bare leeftijd, met volgens mij wel vijf lagen kleding over elkaar en een koffer in haar hand, stapte verkeerd om uit en miste daardoor de laatste trede. Ze viel met haar volle gewicht in mijn armen. Mijn uzi gleed van mijn schouder en mijn helm zakte over mijn ogen. Zweet stroomde langs haar gezicht en ik kon haar lichaamsgeur ruiken. Het was een zeer intiem moment. Zij in haar totale nood en ontreddering en ik die haar vasthield. We waren allebei even machteloos. Ik liet haar los en ze hob- belde weg met de stroom mensen, op weg naar de sporthal waar ze de nacht zou doorbrengen. ’s Avonds keken we naar het nieuws in de kantine. Berichten over bestanden en afspraken en de zoveelste spoed- vergadering in een groot gebouw ver weg van de oorlog. Berichten over mensenlevens in de vorm van abstracte getallen. In een van die getallen zat misschien wel de vrouw verborgen die ik die ochtend had opgevangen, maar
misschien was haar zelfs die eer niet gegund. Ik denk de laatste weken veel aan die vrouw die ik twintig jaar geleden uit die vrachtwagen hielp. Ik hoor haar weer zuchten en steunen terwijl ze naar houvast zoekt en ik voel haar gewicht weer op mij drukken. Ik ruik haar oude zweet en voel haar dikke jas weer tegen mijn wang schuren. Haar vertwijfelde blik laat me niet met rust, wanneer ik ’s avonds het nieuws kijk, gevolgd door de reclames en ander- soortige verstrooiing. Ik zet de tv uit en bedenk: we zijn allemaal vluchte- lingen, verdwaald in een illusie die we hebben geschapen met geld dat niet bestaat, om spullen te kunnen kopen die we niet nodig hebben, om indruk te maken op mensen die we niet mogen. En ik ben blij. Ik lees dat in de gemeen- tes Tholen, Brunssum en Voorst gebou- wen zijn beklad met hakenkruizen en SS-tekens. En ik ben blij. Ik lees dat in mijn mooie stad Utrecht een demon- stratie is met sprekers uit de internatio- nale neonazi-scene. En ik ben blij. Blij dat die vrouw uit Bosnië dit alle- maal niet hoeft mee te maken.
Barry Hofstede maakte van november ’92 tot mei ’93 als dienstplichtig chauffeur deel uit van het 1e NL/BE VN Transportbataljon in Centraal-Bosnië, waarna hij tien jaar nodig had om die periode enigszins een plek te geven. Sinds 2002 ontplooit hij zich als (toneel)schrijver. Hij schrijft over uiteen- lopende zaken, maar oorlog en veteraan zijn in Nederland zijn terugkerende thema’s in zijn werk. In 2013 verscheen zijn eerste boek, NL-Peacekeeper. Daarnaast is hij hartstochtelijk muziekliefhebber. Hij denkt nog iedere dag aan wat hij heeft gezien en meegemaakt tijdens zijn uitzending.
NOVEMBER 2015 25
Column
Foto: Birgit de Roij
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65