RUNDVEEHOUDERIJ
Bij vleeskalveren nog geen krimp, wel verschuivingen
Van krimp is in de Nederlandse vleeskalverhouderij nog niks te merken. Het ondoorzichtige middenveld is vooralsnog meer in beweging.
Door René Stevens N blank
700 600 500
200 300 400
a een jarenlange daling van het aantal vleeskalveren is die trend sinds 2017 gestopt en stijgt het aantal kalveren weer. In de sta-
tistieken van het CBS zijn in 2019 af gerond 683.000 blanke kalveren en 382.000 rosé- kalveren (jong en oud) geteld (grafiek 1). Ongeveer driekwart van de rosékalveren valt onder jongrosé. Tot een paar jaar terug nam het aantal jongrosés hard toe. Een aantal kalverhou- ders stapte min of meer verplicht over vanwege de wens van de contractgever. Ook wilde een deel van deze kalverhouders voor eigen rekening gaan mesten. Het aantal rosés neemt nog steeds licht toe, maar minder snel dan het aantal blanke kalve- ren. Ondanks dat er meer blanke kalveren zijn, zijn er wel meer bedrijven met rosé- kalveren (grafiek 2). De rosébedrijven zijn doorgaans een stuk kleiner qua omvang. Opvallend is dat het aantal bedrijven bij beide categorieën de laatste jaren is toege-
MeervleeskalvereninNederland Aantal vleeskalveren jonger dan 1 jaar, x 1.000.
ros
nomen. De toename van rosébedrijven is waarschijnlijk voornamelijk te wijten aan gestopte melkveebedrijven die kalveren zijn gaan houden. Ook de dreigende problemen voor uitbreiding in met name Brabant heeft een aantal ondernemers er- toe genoopt bestaande vergunningen snel te realiseren.
De toename van het aantal vleeskalveren komt terug in de slachtcijfers (grafiek 3). Typerend is dat het aantal slachtingen van blankvlees- en jongrosékalveren (jonger dan negen maanden in de telling van het CBS) nog steeds stijgt, terwijl het aantal slachtingen van oudrosés (ouder dan negen maanden) al jaren daalt. Het is een bekend fenomeen in de kalverhouderij; op de kalvermarkt is de wet van communice- rende vaten van toepassing. Als marktdruk ontstaat, schakelt een deel van de mesters over op een andere categorie.
Meer kalveren in voergeld Aan de kant van de slachterijen is er de afgelopen jaren weinig structureel veran-
Daling kalverbedrijven stagneert Aantal bedrijven met vleeskalveren. blank
ros
1.000 1.100 1.200 1.300
2011 2013 2015 2017 2019 Bron: CBS
De daling van het aantal blanke kalveren is gestopt. Het aantal rosékalveren neemt al jaren gestaag toe, maar gaat nu minder hard dan bij blank.
36
700 800 900
derd. VanDrie Group en Pali zijn zowel bij de blanke kalveren als de rosékalveren veruit de grootste spelers met in totaal vier slachterijen. Bij de rosés is een aantal an- dere partijen actief, zoals Veal Fine Group, en wordt onder andere geslacht bij Ameco in Apeldoorn. Opvallend is de strakke orga- nisatie met relatief weinig spelers. Heel anders is de kalverlogistiek in het zogenoemde middenveld georganiseerd. Deze wereld is voor buitenstaanders on- doorzichtig, met onderlinge afspraken en belangen in elkaars bedrijven. Aanbieden van contracten gebeurt door integraties (slachterijen en/of voederfabrikanten) maar ook door een aantal handelaren. Ook zijn er grote kalverhouders die afspraken hebben met andere mesters. Naar schat- ting heeft VanDrie een krappe helft van de contracten in handen; Denkavit een kwart en overige partijen de rest. In de blanke sector is minder dan 10% vrije mesters; bij rosé ligt dat aandeel boven de helft. Het aantal handelaren is de afgelopen jaren steeds kleiner geworden, waarbij een
Meer slachtingen blanke kalveren Aantal slachtingen in Nederland, x 1.000. < 9 maand 9-12 maand
1.000 1.500
500 2011 2013 2015 2017 2019 Bron: CBS
Net als in andere sectoren nam het aantal kalverbedrijven jarenlang af. De laatste twee jaar is deze trend gestopt en zijn bij het CBS zelfs meer bedrijven geteld.
BOERDERIJ 105 — no. 39 (23 juni 2020) 0 2011 2013 2015 2017 2019 Bron: CBS
Het aantal binnenlandse slachtingen van blanke vleeskalveren stijgt al jaren, terwijl het aantal bij rosé onder druk staat. Er lijkt nu wel sprake van afvlakking.
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76