search.noResults

search.searching

dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
936 | WEEK 18-19 29 APRIL 2020


25 INVOTIS X


27 28


AFSTANDS-ARMBANDEN TERUGGANG DIT JAAR VERWACHT VAN 10 TOT 20 PROCENT Overslag haven Rotterdam daalt in bizar eerste kwartaal


aanvoer van mineralen, als gevolg van dalen- de industriële productie in Duitsland. De bio- massaoverslag steeg met 106 procent. Deze verdubbeling werd veroorzaakt doordat de inzet van biomassa in de Amer 9 centrale in Geertruidenberg werd opgevoerd naar 80 à 90 procent.


De containeroverslag zal pas later dalen.


ROTTERDAM De overslag in de haven van Rotterdam is in het eerste kwartaal met 9,3 procent gedaald ten opzichte van dezelfde periode vorig jaar tot 112,4 miljoen ton, waar- bij aangemerkt dient te worden dat het eer- ste kwartaal van 2019 desondanks recordvo- lumes zag in zowel containeroverslag, LNG als biobrandstoffen.


Allard Castelein, CEO Havenbedrijf Rotterdam: “We staan gesteld voor ongekende disrupties, waarbij de haven van Rotterdam als vitaal pro- ces een bijdrage wil blijven leveren aan de sa- menleving. De impact van vraaguitval door de coronacrisis zal vanaf april echt duidelijk worden. Een afname van het overslagvolume tussen 10 en 20 procent op jaarbasis lijkt zeer waarschijnlijk. Deze prognose is afhankelijk van de duur van maatregelen en de snelheid van herstel van productie en wereldhandel”.


Als gevolg van de coronaviruspandemie wordt het eerste kwartaal van 2020 gekenmerkt als een zeer uitzonderlijke periode met ernstige verstoringen in productieprocessen en logis- tieke ketens op mondiale schaal. Gesloten fabrieken, strengere grenscontroles en res- tricties in persoonlijke bewegingsvrijheid heb- ben wereldwijd samenlevingen ontwricht. Deze ongekende situatie en de gevolgen daar- van hebben direct effect op knooppunten van internationale handelsstromen, zoals de Rotterdamse haven.


Foto Danny Cornelissen/ Port of Rotterdam


In het eerste kwartaal waren er ook lichtpunt- jes. De overslag van containers bleef vrijwel ge- lijk aan die in dezelfde periode vorig jaar. Ook de overslag van biomassa bleef maar groeien. Grote investeringsprojecten gaan ondertussen gewoon door, zoals de aanleg van de Container Exchange Route, het Theemswegtracé en ha- veninfrastructuur voor de productielocatie van smoothie-maker Innocent. Minder overslag was er voornamelijk te zien in de segmenten kolen, ruwe olie en olieproducten. Stijging was er in de overslag van ijzererts, biomassa, LNG en overige natte bulk.


Droog massagoed Er werd 16,7 miljoen ton droog massagoed over- geslagen in het eerste kwartaal. Dat is 14 pro- cent minder dan in hetzelfde kwartaal in 2019. Er was een substantiële afname van de overslag van kolen (-39,6 procenr), bijna 3 miljoen ton minder. De voornaamste reden daarvoor was dat er in Duitsland en Nederland minder stroom werd opgewekt met kolen. Een toename was er in de overslag van erts met 15,7 procent (920K ton). Staalbedrijven hebben in het afgelopen kwartaal meer voorraad ingekocht dan vorig jaar, terwijl de productie niet steeg.


Overig droog massagoed daalde met 21 pro- cent (-694K ton). Dat had te maken met uitge- stelde bouwprojecten en de aanvoer van zand en bouwmaterialen die daarvoor nodig is. Ook zag het eerste kwartaal een verminderde


Nat massagoed In nat massagoed nam de overslag van olie- producten af met wel 32,8 procent. Er was we- derom een forse daling van handel in stookolie tussen Rusland en Singapore - waar Rotterdam de laatste jaren de overslagplek voor was. In plaats daarvan ging veel van de stookolie rechtstreeks van Rusland naar de Verenigde Staten voor raffinage. De overslag van diesel- brandstoffen nam eveneens af. Voor wat be- treſt de overslag voor export van diesel werd dit veroorzaakt door toegenomen lokaal ge- bruik voor zeeschepen als gevolg van nieuwe IMO-regels voor uitstoot van scheepsmotoren. Er werd in het voorbije kwartaal 8 procent minder ruwe olie aangevoerd. Daarbij gold dat de voorraden die vorig jaar werden opge- bouwd in het afgelopen kwartaal werden ge- bruikt voor productie. De overslag van LNG nam toe met 18 procent tot meer dan 2 mil- joen ton. Er werd vooral meer LNG overgesla- gen naar het Europese gasnet. De lage gas- prijs zorgde voor meer gebruik van gas voor elektriciteitsproductie. In overig nat massagoed was een overslagtoe- name van 710k ton (9,3 procent) te zien. Deze aanwas betrof vooral een toename van che- mieproducten en biodiesels. De haven van Rotterdam wordt voor deze producten in toe- nemende mate een centrale logistieke locatie in Europa met zowel im- als export naar andere Europese landen.


Containers De containeroverslag in tonnen was in het eerste kwartaal vrijwel gelijk (-0,3 procent in tonnen, -4,7 procent in teu) aan dezelfde pe- riode vorig jaar – destijds een recordkwar- taal voor containers (+5,9 procent in tonnen, +7,3 procent in teu). Deep sea en feedercon- tainers lieten een toename zien terwijl short sea een afname liet zien van 4,5 procent. Achterliggende oorzaken waren de zwakkere economie van het laatste halfjaar in Europa en de stagnerende wereldhandel als gevolg van handelsconflicten.


Effecten van de coronacrisis waren eind maart nog maar beperkt merkbaar door minder aan- voer vanuit China na de gedeeltelijke lock- down daar in februari. Zeeschepen doen vier tot vijf weken over de reis, waardoor het effect in Rotterdam pas later merkbaar is. Het volu- me containers vanuit Azië was 2,8 procent la- ger dan in het eerste kwartaal 2019.


Stukgoed RoRo-overslag daalde met 7,3 procent ten op- zichte van het eerste kwartaal vorig jaar. Als ge- volg van de uitbraak van het coronavirus was er minder vervoer van mensen en goederen tussen het Verenigd Koninkrijk en Rotterdam in maart 2020. Daarbij moet tevens worden aangetekend dat maart 2019 een recordover- slag te zien gaf, als gevolg van hamsteren in de aanloop naar een destijds op handen lijkende Brexit. De overslag van overig stukgoed was licht lager (-3,2 procent) als resultaat van te- ruggang van de economie.


Slechte vooruitzichten De sterk teruglopende wereldeconomie als ge- volg van de coronapandemie zal ook een grote impact hebben op de haven van Rotterdam. De impact van vraaguitval door de coronacrisis zal vanaf april echt duidelijk worden. Een afname van het overslagvolume tussen 10 en 20 pro- cent op jaarbasis lijkt zeer waarschijnlijk. Deze prognose is afhankelijk van de duur van maat- regelen en de snelheid van herstel van produc- tie en wereldhandel.


In het containersegment vindt op dit moment een reductie plaats van ongeveer 25 procent van de capaciteit tussen Azië en Europa, door minder vraag naar transport. Deze capaciteits- krimp zal in het komend kwartaal ook in de Rotterdamse haven duidelijk merkbaar zijn. Het RoRo-verkeer wordt direct geraakt door de mindere economische activiteit in Europa en zal – zo lang de lockdown in verschillende landen voortduurt - een fors lager volume ken- nen. De aanvoer van ijzererts en kolen voor de Duitse staalindustrie zal daarnaast afnemen als gevolg van vraaguitval uit de auto-industrie en de bouw. De afname in het gebruik van olie- producten voor transport zorgt voor minder noodzaak tot aanvoer van ruwe olie.


Volatiliteit in de oliemarkt kan echter wel zor- gen voor een toename van handelsstromen.


ESPO: ‘Europese havens spelen belangrijke rol in herstelproces economie’


ROTTERDAM De European Seaports Organisation (ESPO) pleit ervoor dat na de coronacris Europese havens ondersteund zullen worden om de gevolgen van de crisis op te kunnen vangen. “Meer dan ooit heb- ben Europese havens hun rol getoond als es- sentiële en kritieke infrastructuur die een cruciale rol speelt bij de levering van nood- zakelijke goederen. Als groeimotoren zullen Europese havens een belangrijke rol spelen in het herstelproces”.


In deze tijden hebben de Europese havens noodplannen geactiveerd om ervoor te zor- gen dat de havens volledig operationeel blij- ven. Er wordt nu al gebruik gemaakt van tijde- lijke noodmaatregelen, zowel op Europees als nationaal niveau. Deze kunnen helpen om de


gevolgen op korte termijn op te vangen en zul- len helpen om zo snel mogelijk een inhaalslag te maken als de beperkende maatregelen zijn opgeheven.


De Europese havens zijn wel van mening dat de EU moet beslissen over een herstelstrate- gie voor het overwinnen van de economische crisis waarmee Europa nu en straks wordt geconfronteerd.


Volgens ESPO kunnen Europese havens alleen het huidige niveau behouden en verbeteren als er geïnvesteerd blijſt worden, de havens state-of-the-art blijven en de connectiviteit met het achterland verder wordt verbeterd. De Europese havens vragen EU-beleidsmakers dan ook om de bestaande steun en financiële


instrumenten voor infrastructuurprojecten in havens te versterken.


Havens met belangrijk passagiersverkeer en/ of toerismegerelateerde activiteiten onder- gaan een nog grotere activiteitsdaling en moeten speciale aandacht krijgen volgens ESPO. Er moeten initiatieven worden ontwik- keld om het vertrouwen in de duurzaamheid, gezondheid en veiligheid van het passagiers- verkeer te herstellen.


Isabelle Ryckbost, secretaris-generaal van ESPO, licht toe: “In alle Europese havens is het nu echt alle hens aan dek om operationeel te blijven en hun cruciale en essentiële rol in de toeleveringsketen te vervullen. De nood- plannen werken goed. Ik kan zeggen dat de


Europese havens volledig operationeel blij- ven. Het is nu belangrijk om ons voor te be- reiden op wat er na de crisis komt. Het ha- venecosysteem wordt geconfronteerd met ernstige economische gevolgen, maar havens hebben in het verleden bewezen veerkrachtig te zijn. Om snel bij te benen zodra de gezond- heidscrisis onder controle is en om hun rol als groeimotor in het economisch herstel van Europa te spelen, is het belangrijk dat havens en de getroffen bedrijven in de haven worden ondersteund waar en wanneer dat nodig is. De steun moet helpen bij het overbruggen van deze periode van geen of verminderde eco- nomische activiteit. Het is ook belangrijk dat haven- en vervoersinfrastructuurprojecten en investeringen volgens plan kunnen worden uitgevoerd en indien mogelijk zelfs versterkt”.


SCHLOSS UPPSALA


OOSTERWIJK VOORZITTER CBOB


31


21


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32