search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Tekst: Flip Vuijsje Beeld: Tamar Smit


021


Médicine libérale


Wettelijk gegarandeerde gezondheidszorg voor iedereen, in combinatie met grote keuzevrijheid (médicine libérale) voor zorgaanbieders en


patiënten: dat is het geheim van Frankrijks zorgstelsel. Op 10 en 24 april zijn er presidentsverkiezingen. Stelselhervorming zal in de campagne


geen groot issue zijn: de Fransen zijn tevreden met hun zorg. Ook internationaal staat die goed aangeschreven. Maar knelpunten zijn in opmars.


I


n de aanloop naar de Franse presidentsverkiezingen van 2017 kwam de kandidaat van conser- vatief-rechts, François Fillon, met het voorstel om te gaan bezui- nigen op de Assurance Maladie, de publieke tak van Frankrijks


zorgstelsel. Die zou alleen nog de kosten moeten vergoeden van chronische en le- vensbedreigende aandoeningen. De rest moesten de mensen maar zelf regelen. Een stroom van boze reacties volgde, en Fillon moest zijn woorden al snel weer intrekken. Ook het voorstel van Marine Le Pen, de kandidaat van extreemrechts, om zorg te onthouden aan illegale im- migranten viel bij veel kiezers niet goed, ook niet bij de meeste medische profes- sionals. Bij de eindoverwinning van Emmanuel


Macron, zelf zoon van twee dokters in Amiens, heeft ook dit een rol gespeeld. Morrelen aan de gezondheidszorg is in Frankrijk niet populair. Want de Fransen hóuden van hun


zorgsysteem. In een land waar bijna iede- re dag wel ergens tegen wordt gestaakt of geprotesteerd, is dit best bijzonder. En hoewel de Franse burger goed beseft dat sommige dingen in de zorg nog


beter kunnen, zoals de kwaliteit van het eten in publieke ziekenhuizen, is grosso modo de tevredenheid groot. Je krijgt in Frankrijk waar voor je geld, met zorg die betaalbaar en toegankelijk is voor iedereen en van hoge kwaliteit. In dit positieve beeld klinken nog


steeds de uitkomsten na van een ver- gelijkend onderzoek uit 2000 door de Wereldgezondheidsorganisatie, naar de kwaliteit van 191 zorgstelsels. Nederland kwam hieruit naar voren als nummer zeventien, en Frankrijk op plaats één. Dit onderzoek heeft de WHO later nooit meer herhaald: er waren achteraf twij- fels over de gevolgde methode. Maar dat idee van ‘beste zorgstelsel’ is sindsdien hardnekkig blijven hangen, internatio- naal, maar ook in Frankrijk zelf. Een rol hierbij speelt een gevoel van


nationale trots dat wij in Nederland veel minder kennen. Maar ook objectief bezien is de gezondheidszorg in Frank- rijk zonder meer van goed niveau en mag die daarom ook best wat kosten.


Complete keuzevrijheid In 2019, het meest recente pre-COVID- jaar waarover de Organisatie voor Euro- pese Economische Samenwerking (OECD)


cijfers publiceerde, besteedde Frankrijk 11,1 procent van het bruto binnenlands product aan gezondheidszorg. Samen met Duitsland en Zwitserland stond het land hiermee aan de top van zorgbeste- dingen in de EU, flink boven het gemid- delde van 9,9 procent. Nederland stond op plaats acht, met 10,2 procent. De Fransen betalen voor hun zorg dus wat meer dan wij, maar in persoonlijke financiën van alledag is dit niet direct scherp voelbaar. Wij in Nederland wor- den steeds opnieuw pijnlijk herinnerd aan de hoge kosten van gezondheidszorg. Door de maandelijkse zorgpremie. En in december als het weer tijd wordt om wel of niet van verzekeraar te veranderen, met alle financiële hoofdbrekens die hierbij horen. In Frankrijk gaat dit anders. Ook daar


is iedereen wettelijk verplicht om zich te verzekeren, bij de staatsgerunde Assu- rance Maladie. Maar zonder dat hierbij wat te kiezen valt. Bijna alle Fransen zijn vanzelf aangesloten bij het grootste publieke verzekeringsfonds, de Cais- se Nationale d’Assurance Maladie des Travailleurs Salariés, dat een aandeel heeft van 92 procent. Daarnaast zijn er nog wat kleinere fondsen, zoals voor


<


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76  |  Page 77  |  Page 78  |  Page 79  |  Page 80  |  Page 81  |  Page 82  |  Page 83  |  Page 84  |  Page 85  |  Page 86  |  Page 87  |  Page 88  |  Page 89  |  Page 90  |  Page 91  |  Page 92