42
9 vooroordelen over de veteraan
Afblaffen en push-ups?
Veteranen herken je niet per se aan hun uiterlij k. Maar hun manier van leidinggeven verraadt misschien wel een militaire achtergrond. Er bestaan bij burgers nogal wat vooroordelen over (oud-)militairen en hun manier van managen. Tekst Els Mannaerts Illustratie Gitteke van der Linden x AI
1. Altij d op tij d Een leidinggevende geeft altijd het goede voor- beeld en is altijd op tijd. Een horloge is geen sieraad, maar een gebruiksvoorwerp. Vier uur ’s middags – excuus: 16.00 uur – is ook daad- werkelijk 16.00 uur en dus niet vijf minuten eerder of later. Een militair spreekt nooit vage tijdstippen af als ‘in de loop van de ochtend’; een loop kent hij alleen van een geweer.
2. Marcheren is het devies Daar komt de oud-militair dan aan voor de afspraak om 16.00 uur. In marstempo, want waarom zou je slenteren als je weet waar je naartoe gaat? Marcheren dus, of het nou een tandartsafspraak of een afscheidsbijeenkomst betreft. Volgens niet-militairen kunnen militai- ren zelfs geen stap zetten zonder in formatie te lopen, ook bij alledaagse kantoorrituelen als de gang naar de koffi eautomaat. Je kunt ze bijna horen denken: ‘links, twee, drie, vier!’ Het liefst zouden ze met een trompet de lunchpauze aankondigen.
3. Tiptop verschij ning Wat de gelegenheid ook is: de leidinggevende veteraan ziet er tiptop uit, op elk moment van de dag. Zelfs de pyjama en de zwembroek wor- den slechts in gestreken toestand aangetrok- ken. Het zal de leidinggevende niet overkomen dat er ’s ochtends nog snel een overhemd uit
Nederlands Veteraneninstituut
de wasmand moet worden gevist, omdat er geen schoon exemplaar meer in de kast hing. Alles was immers de avond tevoren al klaarge- legd. Op volgorde van aantrekken, uiteraard.
4. The devil is in the detail Voorbereiding gaat niet alleen over kleding. Elke afspraak, elke bezigheid wordt tot in detail gepland. Burgers denken dat militairen alles zo gedetailleerd plannen dat zelfs de lunchpauze een operatiecode heeft. Oud- militairen maken een boodschappenbriefje op volgorde van de schappen in de supermarkt.
5. Cleandeskpolicy De werkplek is al even proper: een opgeruimd bureau is net zo vanzelfsprekend als adem- halen. Elk detail wordt nauwkeurig geïnspec- teerd, van de positie van de pennen tot de hoek waarin de bureaustoel staat. Zelfs de prullen- bak moet op een specifi eke plek staan en mag niet overvol zijn. De lucht is doordrongen van een mengeling van schoonmaakmiddelen en de geur van vers papier. Het is een omgeving waar orde en discipline heersen, en waar elke afwijking van de norm onmiddellijk wordt opgemerkt en gecorrigeerd.
6. Afblaffen Vragen bestaan niet, commando’s wel: haal koffi e! Elke discussie op de werkvloer klinkt
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76