VERLICHTING IN DE PRAKTIJK
Vaak een ondergeschoven kindje
Hypermoderne apparatuur, ergonomische behandelstoelen en werkkrukken, microscopen; er wordt veel geïnvesteerd in mondzorgpraktijken. De juiste verlichting daarentegen is een ondergeschoven kindje, constateert Bouke Hoekstra, specialist in werkplekverlichting voor de tandheelkunde. “Om prettig, ontspannen en gezond te kunnen werken, is de juiste praktijk- verlichting van essentieel belang.”
TEKST: ANITA ZIJLSTRA / BEELD: SHUTTERSTOCK
K
lachten als concentratie- problemen, vermoeidheid, branderige ogen en het
aannemen van een verkeerde werk- houding zijn mondzorgverleners niet vreemd. “Vaak hebben ze het zelf niet door, maar veel is te wijten aan de verlichting. Je kunt nog zo’n goede operatielamp boven de behandelstoel hebben hangen of nog zo’n geavan- ceerde prismaloepbril met verlichting op hebben, als de omgevingsverlich- ting niet klopt, kunnen er problemen ontstaan”, vertelt Bouke Hoekstra, eigenaar van Dental Ligthouse in Maarssen.
“Het is zaak om licht te hebben dat zo 40 NT DENTZ SEPTEMBER 2026
dicht mogelijk bij natuurlijk daglicht komt, omdat we daarbij nu eenmaal het beste functioneren. Als je gecon- centreerd zit te werken in de juiste lichtbundel maar je even wegdraait om een instrument te pakken, op de computer te kijken of om je armen of schouders even te ontspannen, is die overgang van het felle licht van de tandartslamp in de mond naar het omgevingslicht een enorme aanslag op je ogen. Die moeten zich direct aanpassen aan licht dat opeens nog maar een fractie van de sterkte van de operatielamp is. Alsof je met mooi weer een tunnel inrijdt, dat merk je ook meteen aan je zicht. Een fractie zie je niks, schitteringen soms. Als
mondzorgverlener heb je dus de hele dag door last van dit ‘tunneleffect’.” Idealiter heeft niet alleen de be- handelkamer maar hebben ook de gangen, omloop en sterilisatieruimte hetzelfde licht dat zo dicht mogelijk bij natuurlijk daglicht komt. “Onder- steunend personeel loopt de hele dag heen en weer in de praktijk. Ook zij kunnen er last van krijgen als de verlichting niet optimaal is. Dat kan worden voorkomen door ook daar te werken onder volspectrum daglicht- lampen, die het natuurlijke daglicht simuleren.” Voor algemene werkplekken, zoals kantoren, geldt een richtlijn van vijfhonderd lux. “Omdat aan de stoel
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52