search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Praktijk Jeugd


Y Schijnkeuzes Wat volgens de twee ook goed werkt, is om een kind keuzes te geven, waardoor het het gevoel heeft iets in te brengen te hebben. Een truc daarvoor is het aanbieden van schijnkeuzes: je geeft het kind een keuze, terwijl het voor jou als zorgverlener niets uitmaakt wat wordt gekozen. Zo mogen de kinderen in de Leidse praktijk tijdens het eerste consult een spiegeltje uitzoeken in een kleur die ze mooi vinden en dit meenemen naar huis. “Dat geeft een gevoel van autonomie”, aldus Scholte-Scheepstra. Zo’n schijnkeuze voorkomt ook dat het kind ‘nee’ zegt op een vraag. Vraag niet alleen of het kind in de behandelstoel wil zitten, maar laat het kiezen tussen de stoel of bij mama op schoot. Het maakt dan zijn eigen keuze en werkt beter mee. Immers, als je een open vraag stelt, kan het antwoord ook ‘nee’ zijn. En wat moet je dan…? Een valkuil is volgens de tandarts-pedodontologen ook dat de mondzorgverlener dreigt richting het kind. Bijvoor- beeld: als je niet meewerkt, krijg je ook geen cadeautje. Dat maakt een negatieve indruk, maar het beter om dat te voorkomen. Het idee van het geven van een cadeautje na het consult is juist bedoeld als positieve bekrachtiging.


Y Weinig affiniteit Het kan zijn dat je als mondzorgverlener geen of weinig affiniteit hebt met het omgaan en behandelen van heel kleine kinderen. Dan adviseren de twee om binnen je praktijk na te gaan wie er wel affiniteit mee heeft en naar deze collega te verwijzen. Is er binnen de praktijk geen oplossing te vinden, verwijs dan naar een externe collega die wel affiniteit heeft met deze doelgroep. Z


MEER LEZEN? -De Jong-Lenters M., Polak E., Hoe zorgt u dat ouders zich openstellen voor uw adviezen?, Quality Practice Tandheelkunde, februari 2020, pag. 19-23 -De Jong-Lenters M., Polak E., Kinderpsychologie in uw praktijk, Over stappenplannen en spaarpotten, Tandartspraktijk, april 2020, pag. 23-29


DECEMBER 2024 NT DENTZ 33 8


tips voor de omgang met ouders en het jonge kind


1 Zorg ervoor dat ouders zich met hun jonge kind welkom voelen in de praktijk.


2 Geef ouders en kind complimenten over wat er allemaal al goed gaat thuis (positieve


bekrachtiging).


3 Bereid het kind spelenderwijs voor op het kijken in de mond. Humor en liedjes zingen


kunnen hierbij helpen.


4 Gebruik de ‘knee-to-knee’-methode om de mond van het kind te inspecteren.


5 Pas je taalgebruik en -niveau aan ouder en kind aan zonder te bagatelliseren. Gebruik


geen verkleinwoordjes als ‘tandje’ en ‘mondje’.


6 Voorkom dat je alleen maar aan het zenden bent. Luister vooral naar ouder en kind en stel


vragen.


7 Wees niet te belerend en gebruik geen dreigende taal.


8 Bied het kind (schijn)keuzes. Dat vergroot het gevoel van autonomie.


Geef complimenten. Dat zorgt voor positieve bekrachtiging.


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76