search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Diepgang Mr. Boris Emmerig


waarin zzp’ers geen collega’s zijn, maar passanten”


per 1 januari echt met een nieuwe werkelijk- heid te maken. Waarin zzp’ers geen collega’s zijn, maar passanten. Ze doen een klus, voor zekere tijd, en ze gaan weer. Hun beloning is bij voorkeur niet per uur maar veel meer op resultaat of omzet gebaseerd. Bijna vanzelf- sprekend gebruiken ze de behandelstoel van de praktijk: betaal daar huur voor. Betaal ook mee aan de uren van de praktijkassistent met wie je werkt, want die is op dat moment niet inzetbaar voor de praktijkhouder.”


Zou het kunnen dat tandarts-praktijkhou- ders het straks niet meer aandurven en de praktijk verkleinen of eerder stoppen? “Dat durf ik niet te voorspellen. Ik verwacht dat genoemde ‘Beschikkingen geen verze- keringsplicht’ in groten getale aangevraagd gaan worden. Er is een enorme behoefte aan duidelijkheid. Het is nu te vroeg om te spe- culeren over de beslissingen die mensen dan gaan nemen. Wel is mijn indruk dat tandartsen tot het meer eigenwijze deel van de beroeps- bevolking behoren. Daar past het onderne- merschap beter bij dan het werknemerschap. Dus kun je geen ondernemer meer zijn in een meewerkende rol, dan kan dat precies de prikkel zijn om zelf te investeren in een pand en apparatuur en een bord met je eigen naam aan de muur te spijkeren. Zelfs een herleving van solopraktijken is denkbaar – dan trekt niemand je ondernemerschap meer in twijfel.”


werkelijkheid


Van de opleidingen Tandheelkunde krijgen studenten soms het advies om met het di- ploma op zak eerst eens een paar jaar rond te kijken als zzp’er. “Dat lijkt mij een tamelijk incomplete manier van voorlichten. Zzp’en is niet het makkelijke alternatief voor ergens in loondienst treden: je moet wel degelijk commercieel risico lopen en jezelf profileren en presenteren als zelf- standig ondernemer. Dat jij niet of nog niet in loondienst wilt, doet totaal niet ter zake in de beoordeling van de arbeidsrelatie. Daar komt bij dat op geen enkele manier sprake mag zijn van een gezagsverhouding. De meewerkend tandarts moet in staat zijn alle tandheelkun- dige behandelingen geheel zelfstandig uit te voeren. Is dat niet zo dan lijkt de situatie meer op de patroon-stagiairverhouding zoals we die in de advocatuur kennen: een schoolvoor- beeld van een gezagsverhouding.”


Kunnen zzp’ers zich vanuit een maatschap aanbieden op de manier waarop kaakchi- rurgen aan ziekenhuizen verbonden zijn? “Dat kom je op LinkedIn nogal eens tegen als aangeboden standaardpakket: richt een


maatschap of een bv op en je hebt nergens meer last van. De Belastingdienst heeft op meerder seminars al aangegeven dat dit uitsluitend papieren constructies zijn. Be- oordeeld wordt de feitelijke werkwijze in de praktijk. Wat daar verder tussen zit als maat- schap, coöperatie of bv, daar kijken ze waar nodig dwars doorheen. En dan hebben ze de bestaande jurisprudentie aan hun kant.”


Het is duidelijk: voor relativering is geen ruimte meer. Maar is er nog een overgangs- regeling? “Die overgangsregeling besloeg de afgelopen acht jaar en acht maanden. Die is per 1 januari definitief voorbij. Er is hoogstens nog iets van een zachte landing ingebouwd: opdrachtge- vers krijgen in 2025 nog geen boete. Maar dat zal niet echt als zacht worden ervaren: de normale belasting moet je gewoon betalen. Ik heb eerlijk gezegd ook niet zo veel begrip voor ondernemers die nu opeens enorm gaan kla- gen. Dat heeft namelijk geen enkele zin. Deze verandering is blijvend, mooier kan ik het niet maken. Dus pak het maar op.” Z


“Een


WAT DOET DE KNMT? Behalve het beschikbaar stellen van relevante informatie voor zowel praktijkhou- ders als zzp’ers verkennen de KNMT en coalitiepartners LHV, FMS en VvAA met de Belastingdienst en het ministerie van VWS hoe er voldoende ruimte kan blijven voor de inzet van zzp’ers in de zorg. Hierbij vraagt de beroeporganisatie nadrukkelijk aan- dacht voor de specifieke situatie in de mondzorg. Ook blijft de KNMT haar zienswijze onder de aandacht brengen bij de Tweede Kamer. Verder wordt er door de KNMT gewerkt aan een trainingsaanbod en worden alterna- tieve vormen van samenwerken ondersteund, zoals werken in loondienst. Ook gaat de KNMT een aantal praktijken helpen bij het aanvragen van beschikkingen bij de Belastingdienst, zodat kennis kan worden opgebouwd over de feitelijke manier waarop deze beoordeelt.


DECEMBER 2024 NT DENTZ 17


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76