search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
876 | WEEK 02-03 10 JANUARI 2018


Afdelingsbestuur Schuttevaer Werkendam in omvang terug


WERKENDAM Het afdelingsbestuur Werkendam van Koninklijk BLN-Schuttevaer gaat in omvang terug van negen naar zeven personen. Door twee van de drie reglemen- tair aſtredende leden niet te vervangen, kan het bestuur in afgeslankte vorm verder.


Op de door honderden schippers bezochte jaarvergadering in Fort Altena deed voorzit- ter Chris Kornet eind december geen enkele moeite om vervangers te vinden. Al blijſt het in de dagelijkse praktijk naar eigen zeggen nog altijd moeilijk om voldoende (varende) bestuursleden met regelmaat rond de tafel te krijgen. Kornet noemde de snelle moderne communicatiemiddelen als hoofdreden om het bestuur niet meer in volle omvang te laten zitten. Aſtredend waren de leden Leen van der Stelt (na 19 jaar), Bert Brijder en Jan van der Stelt. Laatstgenoemde had al aangegeven een jaar langer te willen aanblijven. Onder luid ap- plaus van de goed gevulde zaal werd oudge- diende Leen van der Stelt vervolgens tot erelid van de afdeling benoemd.


Opiniepeiling Tijdens de jaarvergadering werd er met wis- selend succes een uitgebreide online opinie- peiling gehouden onder de honderden schip- pers in de zaal van Fort Altena. De binnenvaart gerelateerde onderwerpen lieten zich raden en werden zelfs even humoristisch: de inge- voerde afstandsbediening bij sluizen en brug- gen en de soms deplorabele staat van onder- houd van de natte infrastructuur in diverse Europese landen.


Maar na meerkeuzevraag 5 ontstond er een verlammende storing in het computer- systeem, waarna Leny van Toorenburg en Marleen Buitendijk van het BLN-hoofdkantoor de gecrashte vragenronde – door de zaal lo- pend met microfoons – soepel overnamen. Tussendoor was er nog volop tijd voor enkele presentaties. Zoals van de Vlaamse oud-schip- per en Donau-cartograaf Pierre Verberght, die de aanwezigen in de zaal op de hoogte bracht van de plannen en veranderingen binnen het Belgische binnenvaartwereldje.


WAAR LIG JE?


Vastgeketend in sluis 1 GÉ VAN DE ZON


‘Waar lig je’ gaat vaak over leuke en interes- sante plekken waar we langskomen, vanwege ons varend bestaan. Maar dit keer is ‘waar lig je’ wel heel erg letterlijk… we liggen en lijken voorlopig te blijven liggen bij sluis 1, de eerste sluis op het kanaal d’Heuilley*, zoals schip- pers het noemen. Het is een schattig sluisje; er staat een schuurtje naast de sluis met achter de openstaande deuren een uitnodigende sofa en allerlei boeken die de toevallige passant zou kunnen verleiden hier plaats te nemen. Minder leuk is het, als je gedwongen wordt om van deze gastvrijheid te ‘genieten’; klemvast zaten we. Tijdens het zakken van de sluis merkten we dat het schip achterin de sluis bleef liggen, en welke schipper wil zijn roer kwijtraken doordat het blijſt hangen op de drempel? Wij in ieder geval niet. Maar hoewel er loos gegeven werd in het touw voorop, ging het schip niet vooruit: integendeel, naarmate we zakten, werden we naar achteren getrokken. Eenmaal beneden durfden we de schroef niet te gebruiken of het roer recht te draaien want dat er iets mis was, dat wisten we wel… Maar wat? Achterop kijkend zagen we een soort waterval door de deuren stromen, dus het viel niet mee te ontdekken dat een touw of staaldraad (?) ons gevangen hield. Kennelijk had het op de bodem van het kanaal gelegen en was het net achter de hak van het roer gehaakt. Zo hadden we het meegenomen door de deuren van de sluis. Die waren dichtgegaan, de sluis was af- geschut en daarmee was het touw (of draad?) klemvast tussen de deuren strakgetrokken.


Afdelingsvoorzitter Chris Kornet spreekt zijn jaarrede uit. Foto Mark van Dijk Vlaanderen werkt aan aangepast pakket vergroeningssubsidies voor binnenvaart


BRUSSEL De Vlaamse Waterweg, de beheer- der van de waterwegen in Vlaanderen, geeſt toe dat de twee Vlaamse steunmaatrege- len voor ‘hermotorisering van kleine sche- pen’ en ‘toepassing van nabehandelings- technieken’, die twee jaar geleden werden gelanceerd, allesbehalve een succes zijn ge- worden. Ze komt – mogelijk al in februari 2018 - met een aangepaste subsidieregeling.


JAN SCHILS


Vanaf het begin van de subsidieaanvraagpe- riode heerste er meteen verwarring, onzeker- heid en bijgevolg groot ongenoegen bij de rechthebbende binnenvaartondernemers. Ook het feit dat de betrokken Vlaamse over- heidsdienst niet of nauwelijks communiceert over de vertraging bij de afhandeling van de subsidieaanvragen, heeſt veel kwaad bloed gezet. Zo is nooit bekendgemaakt of er wel überhaupt subsidies zijn toegekend en – als dat het geval is – om hoeveel geld het gaat, waarvoor en aan wie.


Oorspronkelijk zat in de subsidiepot voor dit specifieke binnenvaartdoel twee miljoen euro. Tegelijkertijd heeſt de Vlaamse minister van mobiliteit dezer dagen een niet-verplich- te subsidie vergeven aan de federale regering om (uitsluitend) voor Vlaanderen belangrijke spoorweginfrastructuurprojecten versneld uit te voeren.


Ook nu heeſt de Vlaamse Waterweg de mis- lukking van de subsidieregeling maar schoor- voetend willen toegeven. Volgens een woord- voerder van de Vlaamse Waterweg is men “de initieel vooropgestelde steunmaatregelen aan het herwerken”. Hij kondigde voorts aan, dat “zodra de nieuwe ontwerpen over deze vergroeningsmaatregelen met de sector zijn doorgesproken, de aanpassing verwerkt zal worden in een definitieve versie”. Er wordt volgens de woordvoerder gemikt op februari 2018 om dit alles af te ronden. Nu wordt dus een verbeterde vergroeningsregeling voor de binnenvaart uitgewerkt, die ongetwijfeld ook een groter budget nodig zal hebben om meer binnenvaartondernemers in staat te stellen om eraan deel te kunnen nemen.


Hoge eisen Sommige binnenvaartondernemers en leve- ranciers van scheepsmotoren spraken al bij het bekend worden van de Vlaamse steun- maatregelen van een regelrechte flop. Ze wij- zen op het feit dat eisen werden opgesteld om in aanmerking te komen voor steun, waaraan een deel van de binnenvaartonder- nemers ofwel helemaal niet kon voldoen of op aanzienlijk hogere kosten zou worden ge- jaagd. Dat was vooral het gevolg van de ver- plichte aanschaf van een peperduur nabe- handelingssysteem voor scheepsmotoren ter verbetering van het leefmilieu. Dat was een absolute voorwaarde voor het verkrij- gen van subsidie. “Op die manier was deze


subsidieregeling in feite een vergiſtigd ge- schenk”, zegt een binnenvaartondernemer.


De steunmaatregelen ter vergroening van de binnenvaart kwamen er nadat met de verte- genwoordigers van de sector, van de verla- ders en van Vlaamse overheid een consen- sus was bereikt om voor de kleinere schepen tot CEMT klasse IV een steun voor hermo- torisering uit te werken. Het was belangrijk om de steunmaatregel in de markt te zetten vooraleer vanuit Europa regels worden opge- legd waaraan motoren moeten voldoen.


Moeilijk en ingewikkeld Waterwegen & Zeekanaal (W&Z), de dienst achter de vergroening, die op 1 ja- nuari 2018 samensmelt met de Vlaamse Waterweg, had tot en met 30 september van dit jaar de tijd om een einde te maken aan de malaise rond de subsidieaanvra- gen. Ambtenaren bij de dienst gaven eer- der de achterstand bij de beantwoording van de aanvragen voor de steunmaatrege- len toe. Als excuus werd aangevoerd, dat het om “moeilijke en ingewikkelde dossiers ging waarmee zij veel werk hadden”. Later bleek dat het onmogelijk was om nieuwe moto- ren, die weliswaar aan de milieueisen vol- doen, te subsidiëren omdat ze niet gehomo- logeerd zijn voor gebruik in de binnenvaart. Daardoor kwam het hele subsidieplan op de helling te staan.


Op de achtergrond speelt ook het feit, dat de normen die aan scheepsmotoren worden gesteld, steeds strenger worden gemaakt en dat de Europese wetgeving mogelijk bin- nen afzienbare tijd met nieuwe voorwaarden komt, waaraan onder meer scheepsmotoren moeten voldoen. Volgens ambtenaren bij de Europese Commissie zal dat mogelijk eerder zijn dan in 2030, het jaar dat de lidstaten van de EU moeten voldoen aan eerder overeen- gekomen klimaatmaatregelen om de emis- sie van broeikasgassen, waaronder CO2


, te- rug te dringen.


Sceptisch Verschillende binnenvaartondernemers blij- ven sceptisch tegenover de nieuwe aanpas- singen aan de subsidieregeling. die nu in voorbereiding is. Ze zijn vooral beducht voor de hoge extra kosten en voor de strenge sub- sidievoorwaarden die de overheid volgens hen zal stellen en de daarmee gepaard gaan- de bureaucratische rompslomp en controles. Bovendien zijn reders met zicht op pensioen al helemaal niet bereid om subsidie aan te vragen.


Binnenvaartondernemers met wel enige fi- nanciële draagkracht blijven eerder geneigd om naar een bank te stappen. Zo hoeven zij niet te voldoen aan mogelijke strenge voorwaarden van de overheid en vermij- den ze de gevreesde zinloze bureaucratische rompslomp.


En daar zaten we dan, onderin de sluis - met een enorm kabaal van die kolkende water- massa door de deuren achter ons. Toen het al donker werd, kwam eindelijk een VNF-beamb- te die als eerste zei: “Je moet maar snel de ver- zekering bellen, want de VNF is nergens meer voor verantwoordelijk.” (Ondanks het betalen van vaartrechten). Wat ze ook wist te vertellen: de brandweer die altijd voor dit soort zaken werd benaderd omdat zij duikers en expertise hebben, is gereorganiseerd. Dat betekent dat tegenwoor- dig de gemeenten over de brandweer gaan, en die rekenen grote bedragen om te komen. Dat hielp niet echt. Vervolgens gebeurde er niets en was het 19.00 uur geweest; dan gaat de VNF naar bed. Daar lagen we dan, onderin de sluis vastgeketend. In een oorverdovend lawaai van het water dat door de deuren geperst werd, zodat we nauwelijks met elkaar konden praten. En dan moet je daar ook nog proberen te slapen. Een schipper gaat niet af zitten wachten. Dus hebben we een zaag aan de hakenstok gebonden en zo kregen we na langdurig lange-afstand-zagen het touw (gelukkig geen staaldraad!) doorgezaagd. Na het schip op de hand wat voor- en achteruit getrokken te heb- ben (voorzichtig, want de deuren waren dicht) bleek het touw los te komen. ’s Ochtends voeren we voorzichtig (niets beschadigd? Zijn we echt los?) later uit dan gepland: de chef die polshoogte kwam nemen, had de verkeerde sleutel bij zich. Eindelijk bevrijd! * Het kanaal van Champagne en Bourgogne, beter bekend als het kanaal van de Marne naar de Saone of kanaal van Heuilley, is een Frans kanaal. Het is een vervolg van het kanaal van de Hoge Marne. Het verbindt Vitry le François met Maxilly sur Saone.


19


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34