search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
021


nen behouden, ben ik daar helemaal voor. Zolang alle betrokken partijen de uitgangspunten van huisartsenzorg maar onderschrijven en bewaken.” Zowel Blanker als CZ vindt het belang-


rijk om, samen met toezichthouders en huisartsen, de ervaringen met Co-Med te evalueren en daar lessen uit te trekken. Alleen is het daar volgens de zorgverze- keraar nog niet het juiste moment voor. Zwaan: “Onze focus ligt nu op het vinden van een structurele oplossing voor pati- enten van de voormalige huisartsenketen (zie kader, red.).” Vooruitlopend op een evaluatie gooit hij wel alvast een knuppel in het hoenderhok. “Niet alleen zorgver- zekeraars moeten in de spiegel kijken. Een belangrijke reden dat Co-Med voet aan de grond kon krijgen, was doordat huisartsen hun praktijk aan de keten wilden verkopen.” Blanker is het met hem eens dat ook


daarover het gesprek moet worden ge- voerd. “Het is noodzakelijk dat we als beroepsgroep kritisch naar onszelf blij- ven kijken. Er zijn collega’s geweest die hun praktijk aan Co-Med hebben overge- daan, terwijl er in de regio genoeg jonge opvolgers klaarstonden. Daar heb ik moeite mee, ja. Niet voor niets hebben we het in het maatschapscontract van mijn eigen praktijk verkoop aan een commer- ciële partij onmogelijk gemaakt.” Voor het voortbestaan van zelfstandige


praktijken is het volgens hem nood- zakelijk dat oudere huisartsen – hij is zelf 52 – meegaan met de tijd. “Soms eisen collega’s dat een opvolger hun praktijk op exact dezelfde manier voortzet. Dat is niet realistisch en werkt commerciële overnames in de hand.” Hij benadrukt dat hij huisartsen die als waarnemer bij Co-Med hebben gewerkt niets kwalijk neemt. “Vaak ontdekten zij pas op de werkvloer hoe groot de misstanden waren.”


Eigen regie Daarover gesproken: hoe is het huis- arts Sandra Kievit vergaan nadat ze bij Co-Med vertrok? “Ik wilde heel graag een eigen praktijk starten om te laten zien dat huisartsenzorg ook anders kan. Als ik de kans had gekregen, had ik de praktijk van Co-Med overgenomen. Helaas stond het bedrijf daar niet voor


open. Daarom ben ik op 1 februari een nulpraktijk in Oirschot begonnen, samen met twee assistentes uit de voormalige Co-Med-praktijk. Ook zo’n 300 patiënten zijn meegegaan.” Maanden later zijn hun dossiers nog steeds niet allemaal op orde. “De door Co-Med aangeleverde infor- matie klopte op veel punten niet”, aldus Kievit. “Sommigen patiënten bleken verhuisd of geëmigreerd te zijn. Er stond zelfs een dossier op actief van ie- mand die een jaar eerder was overleden.” De belangrijkste les die zij van de


Co-Med-periode heeft geleerd, is dat het onmogelijk is een praktijk te runnen met


alleen waarnemers. “Zoals Marco Blanker zegt, gaat dat ten koste van de continu- iteit en daarmee de kwaliteit. Je hebt praktijkhouders nodig die regie voeren en zich verantwoordelijk voelen voor de patiëntenpopulatie. Zelf ben ik in België opgeleid. Daar is het veel vanzelfspreken- der dat je als jonge arts praktijkhouder wordt. In de opleiding wordt onderne- merschap ook echt gestimuleerd. Ik denk dat het goed zou zijn als er in Nederland tijdens de studie meer aandacht wordt besteed aan de voordelen van praktijk- houderschap en de vaardigheden die je daarvoor nodig hebt.”


<


Hoe verder met patiënten?


Als zorgverzekeraars eind juni het contract met Co-Med opzeggen, staan er zo’n 45.500 patiënten ingeschreven bij praktijken van de keten. Een maand later, op 24 juli, is voor bijna een derde van hen een blijvende oplossing gevonden: 14.900 patiënten kunnen zich direct inschrijven of alvast aanmelden bij een andere, vaste huisartsenpraktijk. Eveneens een derde (14.300 patiënten) kan tijdelijk met vragen terecht bij Arene. Deze online huisartsenpraktijk voerde tot 24 juli 4.600 consulten uit, gemiddeld 220 per dag. In zo’n 9 procent van de gevallen werd doorverwezen naar lokale huisartsen waar Arene mee samenwerkt. De overige 16.300 patiënten worden tijdelijk opgevangen door huisartsen in de regio.


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76  |  Page 77  |  Page 78  |  Page 79  |  Page 80  |  Page 81  |  Page 82  |  Page 83  |  Page 84