Artikelkop rechts
57
column
BARRY HOFSTEDE
‘Eerbetoon en nazorg zijn twee
handen op één buik’
I
In Checkpoint nummer 6 las ik het artikel over veteranenzorg in Amerika. Daaruit kwam een (deels) ontluis- terend beeld naar voren. De helden- cultus in de VS rondom veteranen in het bijzonder, en militairen in het algemeen, is ongetwijfeld oprecht en goedbedoeld, maar ik kan mij niet aan de indruk onttrekken dat het ook deels voor de bühne is. Sterker nog, ik durf te beweren dat een deel van de lof waarmee veteranen worden overladen enkel uit eigenbelang wordt geuit. Stem op mij! Daarnaast is het ook een prima middel om politieke onkunde te verhullen. Ten tijde van Balkenende-IV moest in Den Haag alles uit de kast worden gehaald om de Nederlandse bijdrage aan de oorlogen in Irak en Afghanistan te rechtvaardigen. Het was held voor en held na in het nieuws. Kritiek op de oorlogsdeel- name werd daarmee kritiek op de mannen en vrouwen die daarginds hun leven waagden. Ordinaire emoti- onele chantage. Een land kan op vele manieren zijn veteranen eren. Vlaggen, medailles en mooie woorden horen daar zeker bij, maar dan wel zonder verborgen agenda en niet ter meerdere eer en glorie van degenen in wiens handen het lot van al die jonge levens rust. De andere pijler waarop veteranen-
beleid steunt, is zorg. Afgelopen april had ik de eer en het genoegen een zaal vol internationale gasten toe te spreken op een congres dat was georganiseerd door het Landelijk Zorgsysteem voor Veteranen (LZV). Wetenschappers, militairen en beleidsmakers van over de hele wereld waren drie dagen samen in Amsterdam om veteranenzorg met elkaar te bespreken. Er werden onderzoeken gepresenteerd en ervaringen uitgewisseld. Er werd veel gesproken en aandachtig geluisterd. Allemaal om elkaar te inspireren en tot een zo goed mogelijk systeem te komen waarin de zorg voor de veteraan centraal staat en waarin die zorg zo goed en zo passend mogelijk kan worden aangeboden. Eerbetoon en nazorg zijn twee handen op één buik, die, als het goed is, elkaar stevig vasthouden en onder- steunen. Want eerbetoon is een vorm van nazorg en nazorg is een vorm van eerbetoon. Het is het minste en tegelijkertijd het meeste wat een land kan doen voor zijn veteranen.
Barry Hofstede vertrok als dienst- plichtig soldaat vrijwillig naar Bosnië. Hij was van november 1992 tot mei 1993 vrachtwagenchauffeur op een viertonner bij het 1ste NL/BE VN Transportbataljon. Een halfjaar lang hebben hij en zijn kameraden door centraal Bosnië gereden om de lokale bevolking van hulpgoederen te voorzien, terwijl om hen heen een totale oorlog woedde. Barry heeft veel over zijn ervaringen geschreven. Tegenwoordig kan hij er ook over praten. Barry werkt als tekstschrijver.
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76