search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
50


het verlies om ongemak te voorkomen


praten over


meegemaakt. Het is daar allemaal weer een beetje gaan leven. ‘Zo gek dat ik me nu pas realiseer dat hij echt weg is’, merkte Ellen, de vrouw van René op.’


Eigen keuzes In een Chinook worden ze naar de plek gevlogen waar de helikopter veronge- lukt is. Het laatste stukje moeten ze lopen in een temperatuur van rond de


stellen en Vragen


60 graden. ‘Ik had ernstig slaaptekort en met die hitte en door alle emoties trok ik het niet meer’, herinnert Karin zich. ‘Ik dacht halverwege: hier stopt het voor mij. Het is goed zo. Dat bezoek heeft ons heel veel gebracht. Ik had het gevoel dat hier de cirkel van zijn leven rond werd.’ ‘Mam, ik ben zielsgelukkig.’ Plompverloren zegt Ernst dit tegen zijn moeder, tijdens de kerst voor hij naar Mali gaat. Karin koestert dat moment: ‘Ik ben blij dat hij zijn eigen keuzes heeft mogen maken. Ik zou eerder een schuldgevoel hebben als hij dat niet gedaan had.’ Door de dood van haar zoon wordt Karin Giebel niet alleen met het onme- telijke verdriet geconfronteerd, maar ook met sommige uiterst ongemakkelij- ke reacties van haar omgeving. Karin: ‘Het verandert alles. Ik ben niet meer Karin Giebel, ik ben de moeder die haar kind verloren heeft.’ In haar gezin wordt veel gesproken over de dood van Ernst. Maar ze is verbaasd dat kennissen en sommige vrienden haar verlies niet ter sprake durven brengen of, soms onbe- wust, vanuit hun eigen onverwerkte trauma’s reageren. Vaak moet zij juist helpen om haar verlies bespreekbaar


te maken. ‘Er rust een taboe op. Dat doet pijn. Ik was daar ook totaal niet op voorbereid. Maar er waren natuurlijk ook veel mooie reacties. De vader van Ernsts oudste vriend stond op gegeven moment in mijn tuin en zei: "Ik vind het doodeng om hier te komen." Kijk, dat vind ik geweldig. Zo eerlijk. We hebben toen tot diep in de nacht zitten praten.’


Alleen


Als ik jou achter mijn masker laat kijken, Dan kun je het gat in mijn hart zien, Wat ik zo desperaat probeer op te vullen, In al mijn wanhoop en pijn. En dat hart heeft jou daarin zo nodig, Je hoeft er alleen maar te zijn. Maar hoe vaak blijkt het al zo moeilijk, Om de brug naar elkaar te slaan, Laat staan er voor de ander te zijn. Het is overleven in plaats van leven, En toch blijven we proberen, Daarin schuilt de kracht …. Eens zullen we er voor elkaar zijn, Voorbij onze eigen pijn.


Karin Giebel


Bespreekbaar maken Haar ervaring van de afgelopen jaren wil Karin inzetten voor anderen, daar- om volgt zij de opleiding tot rouwthera- peut bij Land van Rouw, terwijl ze zelf het woord rouw niet graag gebruikt. Karin: ‘Voor mij staat dat woord voor een bepaalde begrensde tijd.’ De be- moedigend bedoelde uitspraak ‘je moet het een plekje geven’, is haar helemaal een gruwel: ‘Vertel me maar, hoe doe ik dat?’ Karin overweegt ook om work- shops te gaan geven: over omgaan met verlies en om mensen in de omgeving te leren dat ze het vooral bespreekbaar kunnen maken. Dat vragen stellen en praten over het verlies erbij horen, zodat het niet meer ongemakkelijk is. En blijf herdenken, niet alleen op het Ereveld in Loenen, waar haar zoon ligt. Het is een prachtige plek waar zij en de familie regelmatig komen, omdat het rust geeft. Ze wil ook blijven praten over Ernst: ‘Hij heeft zoveel betekend voor zoveel mensen. Hij was voor ons, voor zijn vrienden en collega’s het ce- ment tussen de stenen. Hij leefde intens en haalde iedereen erbij. Het moeilijk- ste is het feit dat zijn leven maar 26 jaar heeft mogen duren.’ Ondertussen klampt zij zich vast aan de gedachte dat er iets is wat het leven overstijgt. ‘Ik wil ook geloven dat ik hem terug ga zien. En dat biedt steun. Ik heb mezelf de opdracht gegeven dat hij door blijft leven in ons leven. Als inspiratie. In die zin zal hij er altijd zijn.’


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76