search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Tekst: Michel van Dijk - Beeld: Mirella Boot


INEEN - ORGANISATIE & VERANDERKRACHT


regio vier ROC’s. Je hebt als RHO niet de menskracht om met alle vier in gesprek te gaan over opleiding, curriculum en stageplekken. Als je als RHO’s de krachten bundelt, dan lukt dat wel.”


Zo wist Dankers een tweejaarlijks overleg te organi- seren tussen de vier ROC’s en de vijf RHO’s. “Zo’n overleg bestond niet, waardoor er geen samen- werking was”, vertelt ze. “Met als gevolg dat de ROC’s alle vier in dezelfde schoolperiode alle stages voor doktersassistenten inplanden. Dat werkt niet. Wij hebben toen voorgesteld om deze stageplekken te spreiden over het jaar. De praktijken worden dan minder belast en de kans is groter dat je jouw stagiaires kunt plaatsen. Zo doen we het nu.”


MBO-4-verpleegkundigen De bovenregionale samenwerking heeft veel ‘bijvangst’ opgeleverd, constateert Dankers. “Het doel was extra stageplekken voor doktersassistenten te genereren, maar er kwam steeds meer bij. Onze boodschap aan huisartsenpraktijken was ook: focus je niet alleen op doktersassistenten, kijk ook naar andere beroepsgroepen. Zoals een MBO-4-verpleeg- kundige die niet langer fysiek zwaar werk in de thuiszorg of het ziekenhuis kan doen, maar wél in de zorg willen blijven werken. En we zetten meer in op Physician Assistants (PA’s) en Verpleegkundig Specialisten (VS’en). Zo zijn we een regionaal leer- netwerk PA/VS gestart. Dat heeft geleid tot een scholingsaanbod voor PA’s/VS’en in de huisartsenzorg.”


Leernetwerk voor doktersassistenten Naast de bovenregionale samenwerking zijn er ook lokale initiatieven. Zo werkt ZGHW sinds enige tijd met een leernetwerk voor doktersassistenten. Ophorst: “Doktersassistenten kunnen elkaar daar ontmoeten, ervaringen uitwisselen, en ze leren ook van elkaar. Bijvoorbeeld over scholing en door- groeimogelijkheden. Zo’n netwerk versterkt jouw positie als doktersassistent.”


Ophorst benoemt daarmee een belangrijke rol van de RHO: bijeenkomsten faciliteren waar eerstelijnsprofessionals in de regio elkaar ont- moeten, ook over arbeidsmarktvraagstukken. “Zo wisselen ook huisartsen tijdens bijeenkomsten ervaringen met elkaar uit. Zo van: ‘Het lukt mij als


‘De arbeidsproblematiek is een te groot onderwerp om als RHO alleen te behappen’


praktijkhouder niet om een doktersassistent te vinden, hoe doe jij dat?’.”


Kleine dingen Goed werkgeverschap gaat niet alleen over werving, maar ook over behoud, tevredenheid en ontwikkeling van alle medewerkers. Praktijkmanagers spelen daarbij in de huisartsen- zorg een belangrijke rol. Zij vullen de praktijk- houder goed aan op HR-gebied. Ophorst: “Dat zit vaak in kleine dingen. Medewerkers willen zich gezien en gewaardeerd voelen. Een bloemetje of kaartje bij je verjaardag is dan vaak voldoende. Praktijkmanagers zijn hier attent op.”


“Daarnaast werken we met een doorlopende leer- lijn”, reageert Dankers. “We beschrijven daarin hoe doktersassistenten zich verder kunnen ontwikkelen binnen de praktijk. Denk aan scholingen voor Spreekuur Ondersteuner Huisarts (SOH) of een opleiding richting HBO-V.” Ophorst: “Met zo’n leerlijn laten we zien hoeveel perspectief het vak heeft. Studenten zullen er dan eerder voor kiezen.”


Beeldvorming Daar ligt wel een pijnpunt, constateren beiden, want de beeldvorming over de huisartsenzorg schiet tekort. Dankers: “Wij geven gastlessen op de opleidingen voor doktersassistenten, en dan is vaak de eerste reactie: ‘Ik ga geen dertig jaar achter de telefoon zitten, ik werk liever in het ziekenhuis’. Dát is hoe studenten naar de huisartsenzorg kijken.” Ophorst: “Onze PR kan beter. Veel dokters- assistenten kiezen voor het ziekenhuis, omdat ze denken dat daar meer kansen voor doorgroei en ont- wikkeling liggen. Dat beeld moeten we veranderen.”


Ook dat lukt het beste door bovenregionale samen- werking, vervolgt ze. “Samen sta je sterker. Ik vind het daarom getuigen van lef dat de vijf RHO’s hebben gezegd: ‘Wij doen het samen.’ Mét steun van zorg- verzekeraars CZ, VGZ en het SSFH. Het is een prachtig partnerschap geworden.”


MAART 2026 - 31


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32