search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Rechtspraak REGIONAAL TUCHTCOLLEGE VOOR DE GEZONDHEIDSZORG AMSTERDAM, 21 NOVEMBER 2025


Y Klacht Klaagster is niet tevreden over de behande- ling van de tandarts, die kortdurend als zzp’er werkte in de praktijk waar klaagster al 25 jaar patiënt was. Zij verwijt de tandarts dat die element 36 op onzorgvuldige wijze heeft gevuld, waardoor klaagster pijn heeft ervaren. Negen maanden later heeft ze de kies boven- dien opnieuw moeten laten behandelen door een andere tandarts, omdat onder de vulling een gaatje zat. De tandarts zou daarnaast de 15 en 25 hebben behandeld zonder een foto te hebben gemaakt. Ook verwijt klaagster de tandarts dat deze vanwege het ontbreken van een klachtenregeling niet (tijdig) heeft gerea- geerd op de klacht.


Geen klachtenregeling “Pas na


het indienen


van een klacht reactie van de tandarts gekregen”


Y Reactie tandarts De tandarts erkent ze dat zij ten onrechte niet was aangesloten bij een klachtenregeling en dat zij niet tijdig heeft gereageerd op de klacht van klaagster. Ze stelt hiervan te hebben geleerd en is nu aangesloten bij een klachten- regeling.


Y Overwegingen Het RTG vindt dat de vulling in element 36 niet volgens de professionele standaard is uitge- voerd. Vooropgesteld moet worden dat een dergelijke vulling als deze volgens de regelen der kunst wordt gezet, onder normale om- standigheden minimaal vijf jaar moet kunnen meegaan. Dat de vulling na negen maanden al problemen gaf, levert een indicatie op dat de behandeling niet goed is uitgevoerd. Omdat het vulmateriaal dat door de tandarts gebruikt is radiopaak is, kan op de foto die op 23 januari 2025 gemaakt is, worden gezien


50 NT DENTZ APRIL 2026


waar door de tandarts wel of geen vulmate- riaal is gebruikt. Dat de foto negen maanden later gemaakt is, doet daar niet aan af. Uit de röntgenfoto leidt het RTG af dat de randen van de vulling zowel mesiaal als distaal niet goed aansluiten. De verklaring die de tandarts daarvoor geeft, namelijk dat dit door chip- ping of een slechte gebitsreiniging kan zijn ontstaan, acht het RTG zeer onwaarschijnlijk. Chipping komt in de regel sporadisch voor en meestal ter hoogte van het contactvlak met de aangrenzende elementen. Doorgaans niet aan weerszijden en ter hoogte van de bodem van de vulling. Ook een slechte gebitsrei- niging, waar het RTG overigens niet van is gebleken, kan het optreden van secundaire cariës reeds na negen maanden niet verkla- ren. Zeker niet nu dit bij de overige vullingen niet wordt gezien. Het RTG heeft daarom geen andere verklaring voor het beeld van de vul- ling van element 36 op de foto van 23 januari 2025 dan dat de tandarts de randen niet goed heeft schoongemaakt alvorens de vulling te plaatsen. In elk geval is de aansluiting van de


vulling mediaal als distaal onvoldoende. Het RTG stelt voorts voorop dat het niet altijd nodig is om voorafgaand aan een behandeling een röntgenfoto te maken. Bijvoorbeeld als er met het blote oog al gezien kan worden dat er sprake is van een gaatje. In het dossier heeft de tandarts genoteerd dat sprake was van cariës in deze elementen. Het RTG gaat er daarom van uit dat dit het geval was, zodat niet kan worden gezegd dat de tandarts deze elementen onnodig heeft behandeld. De tandarts heeft toegegeven dat zij in eerste instantie niet heeft gereageerd op de klacht die zij in januari 2025 van de praktijk ontving. Nadat de tandarts haar adresgegevens in februari 2025 aan de praktijk heeft verstrekt, heeft klaagster haar brief aangetekend naar de tandarts gestuurd. Hierop kwam geen reactie. De tandarts zegt dat de brief haar nooit heeft bereikt. Dat laat onverlet dat de tandarts, nu zij op de hoogte was van de on- vrede, zelf contact op had kunnen nemen met klaagster toen zij niets meer van haar vernam. De tandarts is echter passief gebleven. Doordat de tandarts niet was aangesloten bij een klachtenregeling heeft het klaagster veel moeite gekost om een geschikte ingang te vinden voor haar klacht. Dit valt de tandarts te verwijten, aangezien het op grond van de Wk- kgz een plicht is om als zelfstandig werkend tandarts aangesloten te zijn bij een klachten- regeling. Dat de tandarts dacht dat zij dit – na het beëindigen van haar lidmaatschap bij de KNMT – had ondergebracht bij haar beroeps- aansprakelijkheidsverzekeraar kan haar niet baten. Zij had dit zelf actief moeten navragen. Door het ontbreken van de klachtenregeling en de passiviteit van de tandarts heeft klaag-


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68