Emilie Gordenker uit. Zij koes- tert de charme van het intieme museum en zijn unieke collectie schilderijen uit de Nederlandse Gouden Eeuw. Veel bezoekers uit binnen- en buitenland komen juist af op de intieme sfeer die al eeuwen in dit oude stadspaleis uit 1640 hangt. Tegelijkertijd, consta- teert ze, voldoet het niet meer aan de eisen die museumbezoekers van de 21e eeuw stellen. MET JAARLIJKS meer dan 200.000 bezoekers - waarvan zestig pro- cent uit het buitenland - schippert het Mauritshuis met de ruimte. Bij tijdelijke tentoonstellingen, educa- tieve programma’s of activiteiten van de stichting Vrienden van het Mauritshuis is het steeds passen en meten. “We barsten uit onze voegen”, vat Gordenker de situatie samen. “In deze tijd is het moeilijk om vast te houden aan klein- schaligheid. Mensen verwachten
ruimte, toegankelijkheid en open- heid. Musea zijn geen studie- ruimtes meer. Het zijn plekken geworden waar mensen elkaar ontmoeten, kunst willen beleven en kennis of inspiratie willen opdoen.” OM DEZE AMBITIES waar te maken, zocht het Mauritshuis extra ruimte. Die werd gevonden in een leeg- staande vleugel van de Nieuwe of Littéraire Sociëteit de Witte aan het Haagse Plein, pal tegenover de huidige ingang van het museum. ‘Plein 26’ zoals deze art deco- uitbouw uit 1932 nu nog heet, biedt straks de flexibiliteit die het museum zo hard nodig heeft. Een extra tentoonstellingszaal maakt tijdelijke exposities mogelijk. In een nieuw auditorium zullen lezingen en congressen gehouden worden. Schoolklassen kunnen in een aparte ruimte terecht voor kunstles- sen en practica. Bezoekers én winkelend publiek zijn welkom in
een openbaar toegankelijk muse- umcafé en in een ruim opgezette museumwinkel. MISSCHIEN WEL de meest in het oog springende verandering is de verplaatsing van de hoofdin- gang terug naar het voorplein. Bezoekers hoeven niet meer via de oude dienstingang naar bin- nen. Ze dalen straks met trap of lift af naar een lichte foyer die ‘oud’ en ‘nieuw’ ondergronds met elkaar verbindt - een ontwerp van architect Hans van Heeswijk die ook de Hermitage in Amsterdam ontwierp. Dit ontwerp maakt het mogelijk de goudzwarte hekken op het voorplein open te zetten. “De hekken zijn nu altijd dicht”, zegt Gordenker, “dat maakt een gesloten indruk. Met de nieuwe ingang zetten we ze open en komt er weer leven op het voorplein. Dat is een mooie metafoor voor dit hele project.” SHELL MAG zich vanaf de opening voor zes jaar dus hoofdsponsor noemen van deze uitbreiding. Het is niet voor het eerst dat het Mauritshuis en Shell elkaar treffen. In 1990 en in 2007 sponsorde de energiemaatschappij een tentoonstelling rondom Hollandse meesters in de Gouden Eeuw. En heel recent nog steunde Shell een educatief project rondom de tentoonstelling Dalí tot Vermeer: Moderne meesters te gast. “ONS PARTNERSCHAP met het Mau- ritshuis”, vult Benschop aan, “is niet zomaar een financiële bijdrage - die is er - maar zeker ook een inhoudelijke samenwerking. Met onze onderzoekstechnologie kan namelijk baanbrekend onderzoek naar schilders en schilderijen gedaan worden - met verrassende resultaten.” DE VERBINTENIS tussen Shell en schilderijenonderzoek is niet nieuw. Ook nu zal er onderzoek worden gedaan naar verfmonsters van Hollandse Meesters door het Shell Technology Centre Amsterdam (STCA). Vincent van Gogh hielp een handje bij het leggen van con-
tacten tussen laboranten van Shell en conservatoren van het Maurits- huis. Het Van Gogh Museum en Shell analyseren al langer samen verfmonsters en dat levert nieuwe inzichten op over de werkwijze van Van Gogh (zie kader). In de marge van een bijeenkomst over wetenschappelijk onderzoek naar schilderijen van Van Gogh ontdek- ten Shell en het Mauritshuis hun gedeelde interesse. VOORALSNOG MAKEN de vaste bewoners van het Mauritshuis zich op voor een lange reis. Het Meisje met de parel; de artsen die les krijgen in de Anatomische les van Dr Nicolaes Tulp; maar ook Rem- brandt van Rijn die je vanaf zijn zelfportret al eeuwen aankijkt. Zij en de andere bijna 800 doeken zullen vanaf 2 april voor twee jaar huis en haard moeten verlaten en elders onderdak zoeken. RUIM 100 TOPSTUKKEN zullen vanaf 28 april voor twee jaar onder de titel Meesters uit het Mauritshuis - In het Gemeentemuseum Den Haag in een aparte vleugel te zien zijn - onder andere Vermeers Gezicht op Delft, De stier van Potter en De anatomische les van Rembrandt. Daarnaast gaan zo’n 50 andere werken van de collectie op tour- nee naar Japan, waar ze vanaf juni achtereenvolgens in Tokyo en Kobe te zien zullen zijn. San Fran- cisco en Atlanta in de Verenigde Staten zijn de volgende haltes voor zo’n vijfendertig topstukken. Uiteindelijk zullen er tien doeken te zien zijn in The Frick Collection in New York. “Heel spannend dat ze zo lang en zo ver van huis gaan”, zegt directeur Gordenker. “Ze zijn zo verbonden met het Mauritshuis. Tegelijkertijd zijn het onze ambas- sadeurs. Het is ook heel positief dat we hen aan anderen kunnen laten zien.” In de tussenliggende tijd wordt er hard gewerkt aan het pand van het Mauritshuis. Alle ramen wor- den vervangen, het interieur wordt gerestaureerd, zelfs de houten panelen met voorstellingen van