Precisiezaai in optimale bodem
z Toepassing: Bij deze toepassing gaat het om keuzes die de teler maakt m.b.t. na- oogst grondbewerking en inzaaien van een vanggewas/groenbemester in het najaar, en in het voorjaar zaaien van het gewas in een zaaibed met minimale grondbewerking en relatief veel verse biomassa. Gewassen zijn suikerbieten en uien. De opties en ervaringen worden op een rij gezet en in overleg wordt een im- plementatieplan gemaakt. Het betreft meerdere activiteiten in een seizoen.
z Voordeel voor de teler: 1. Brandstofbe- sparing; 2. Werken aan weerbaarder bo- dem en daardoor betere teelten.
z Voordeel voor milieu: De toepassing sluit goed aan bij kringlooplandbouw, re- source use efficiency en biodiversiteit.
z Status: Voldoende praktijkrijp (6 op schaal 1-10) en systemen staan aan begin van marktintroductie. Uitdaging bij in- passen in bedrijfsverband.
z Waarom nog weinig toegepast?: Moet nog uitkristalliseren in de boerenpraktijk. Hoe de grondbewerking-groenbemes- ter-zaai het beste te doen, is nog zoeken.
z Dit biedt NPPL: Expert-ondersteuning om de perfectie van grondbewer- king-groenbemester-bodemgezond- heid-volgteelt werkelijk te realiseren.
Precisiezaaien in een zaaibed met minimale grondbewerking en relatief veel biomassa. Toepassing sluit aan bij kringlooplandbouw.
Strokenteelten
z Toepassing: Het gaat hier om aanleg van gewasstroken en akkerranden binnen een perceel. Er kan al één en ander met meerdere gewassen per perceel in stro- ken van 20-30 m breed binnen de huidi- ge mechanisatie. Combinatie met krui- denrijke akkerrand. Bij smallere stroken mogelijk aangepaste mechanisatie nodig.
Suikerbieten tussen gerst. Het kan de biodiver- siteit bevorderen. Natuurlijke vijanden vanuit gerst kunnen luizen in bieten aanpakken.
z Voordeel voor de teler: 1. Mindere plaagdruk door natuurlijke vijanden van- uit buurgewas, dus minder gewasbe- scherming nodig; 2. Kans op hogere ge- wasopbrengsten; 3. Nieuwe afzetmogelijkheden/kortere ketens.
z Voordeel voor milieu: 1. Minder gebruik
gewasbescherming. De toepassing sluit aan bij kringlooplandbouw, onderdelen resource use efficiency en biodiversiteit.
z Status: Enige ervaring beschikbaar uit onderzoek en pilots, maar hoe het sys- teem zich in de boerenpraktijk (mecha- nisatie!) houdt, is onduidelijk.
z Waarom nog weinig toegepast?: 1. Nieuw, haaks op de steeds grootschali- ger monoculturen; 2. Twijfel aan uitvoer- baarheid met huidige mechanisatie.
z Dit biedt NPPL: Er wordt een implemen- tatieplan gemaakt o.b.v. kennis en erva- ring van de experts en de mogelijkheden die het bedrijf heeft.
Robottoepassingen in open teelten
z Toepassing: Inzet van robotplatforms in open teelten. Het gaat om machinedra- gers die autonoom over een akker kun- nen navigeren. Op dit moment is een aantal robotplatforms op de markt. Op deze platforms kunnen machines ge- plaatst worden; denk aan sensorge- stuurde mechanische onkruidbestrij- ding, een systeem voor selectief toedienen van gewasbescherming of meststoffen, of een kleine zaaimachine.
z Voordeel voor de teler: 1. Minder (hand)werk, in eerste instantie met name in biologische teelten; 2. Minder bodemdruk.
z Voordeel voor milieu: 1. Minder inzet van middelen; 2. Mogelijkheden om te sturen op meer biodiversiteit.
z Status: De techniek is ver genoeg voor toepassing in de praktijk. Volgens ex- perts zijn met bestaande robotplatforms al praktijktoepassingen mogelijk.
z Waarom nog weinig toegepast?: 1. Twijfel of mechanische of chemische on- kruidbestrijding al echt werkt; 2. Kosten- plaatje robot versus handwerk onbekend.
z Dit biedt NPPL: De opties en ervaringen in akkerbouwteelten worden op een rij gezet. In overleg wordt een keuze- en een implementatieplan gemaakt.
Robotplatforms als de Robotti vormen de basis voor o.a. autonoom wieden, schoffelen, spuiten en monitoren.
BOERDERIJ 104 — no. 52 (24 september 2019) 45
FOTO: WUR
FOTO: KOOS GROENEWOLD
FOTO: CORNÉ KEMPENAAR
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76