991 | WEEK 24-25 15 JUNI 2022
Anneke Kooiman eerste vrouwelijke IVR-voorzitter
7 NOELIA ROMERO CABRERA – VOOYS De nieuwe voorzitter Anneke Kooiman spreekt het congres toe.
ZAGREB Met de benoeming van de Nederlandse Anneke Kooiman heeſt het IVR (binnenvaartregister) voor het eerst in zijn bijna 150-jarige bestaan een vrouwelijke voorzitter gekregen.
Nog geen acht maanden na de voorgaande bijeenkomst in Gent, vond het IVR Congres 2022 voor het eerst sinds het uitbreken van de pandemie weer traditiegetrouw plaats in de week voor Pinksteren. Circa 170 IVR-leden (reders en verzekeraars) uit tien verschil- lende Europese landen waren hiervoor af- gereisd naar het Esplanade Hotel in Zagreb, Kroatië.
Een bijzonder moment tijdens het congres was de aanstelling van de nieuwe voorzitter van het IVR, Anneke Kooiman. Zij treedt na- mens verzekeringsgroep DUPI aan als eer- ste vrouwelijke voorzitter sinds de oprichting van de vereniging in 1874. De voormalige vi- cevoorzitter neemt het stokje over van dr. Philippe Grulois, die al meer dan 35 jaar be- trokken is bij IVR en nu erelid is geworden.
Foto IVR
Klaus Weber zal namens de Duitse delegatie de rol van vicevoorzitter op zich nemen.
Daadkracht en integriteit Met algemeen secretaris Frouwke Klootwijk- de Vries geheel onder vrouwelijk leiderschap, kijkt het IVR uit naar de verdere ontwikkeling van de vereniging, waarin naar eigen zeggen daadkracht, integriteit en een heldere visie voor de toekomst centraal staan. Op donder- dagmiddag werden de IVR-leden na registratie en een lunch naar de Emerald Ballroom be- geleid voor de workshop ‘The future of inland navigation’.
Traditiegetrouw informeerden de voorzitters van de schadepreventiecommissie, Ronald Koops, en de juridische commissie, dr. Martin Fischer, de leden over de talrijke activiteiten op hun vakgebied. Ook sprak de nieuw be- noemde voorzitter Anneke Kooiman de leden toe tijdens de vergadering. Zij had de eer om de locatie voor het volgende IVR-congres be- kend te maken. Op 25 en 26 mei 2023 zal het congres plaatsvinden in Haarlem.
Standaard bijzonder Elke editie van de Scheepvaartkrant vestigen we de aandacht op de nieuwe schepen die onlangs in de vaart zijn gekomen. Elke editie gaat het toch al gauw om minimaal twee op- leveringen en enkele keren brengen we zelfs vijf mooie verhalen over nieuwe tankers, crui- sevaart- of containerschepen – deze keer zijn het er drie. Ik vind het soms wel eens een uit- daging om het allemaal bij te houden en om elk schip het eigen verhaal te laten vertellen. Tegelijkertijd word ik wel altijd blij van de ge- sprekken met de betrokken ondernemers. De trotse CEO van het bedrijf dat de vloot runt, de nuchtere schipper-eigenaar die na vijſtien jaar en drie oudere schepen nu een nieuw schip heeſt of de afbouwers die maar wat graag ver- tellen welke bijzonderheden er met hun nieu- we project gepaard gaan; bij hen allemaal is te merken dat zo’n nieuw schip, het hoe- veelste het voor hen dan ook mag zijn, tóch is waar ze gepassioneerd over zijn. Het zijn dan misschien wel verschillende zaken waar dat enthousiasme op gericht is – de een is blij met de luxueuze inrichting, de ander met de
nieuwe, stille motoren of de nog efficiëntere opbrengst, maar het enthousiasme is er zeker en dat vind ik het mooiste om naar voren te laten komen in de opleveringsartikelen. Juist die passie, die kennis en hart voor het ont- wikkelen van innovaties met elk nieuw schip, dat willen we in de krant graag laten zien. Het leukste vind ik dan misschien zelfs nog wel om de mensen zelf daar op attent te maken. Het gebeurt vaak genoeg dat zo’n gesprek dan be- gint met ‘Ach, maar zo bijzonder is het niet, het is wel een beetje standaard’ en dat ik dan halverwege zeg: ‘Oh, maar dat heb ik nog niet eerder gehoord, daar is uw schip dan het eni- ge in, wat bijzonder’ – ook bij de opleveringen in deze krant weer. Voor ons als redactie is het natuurlijk altijd fijn om iets bijzonders te kun- nen melden over nieuwbouwschepen, maar nog leuker is als we ook de betrokkenen zelf kunnen laten inzien dat hun project lang niet zo normaal is als ze zelf misschien denken. Dat maakt het schrijven van opleveringen van een standaard riedeltje van afmetingen en tech- nische specificaties toch altijd nét even wat meer bijzonder.
Welzijnswerk van De Schroef vzw blijſt draaien
ANTWERPEN Het met gedeeltelijke sluiting be- dreigde Antwerpse binnenvaart-ontmoetings- centrum De Schroef vzw is gered. Het centrum met een kleuterschool, alsmede jeugd- en jon- gerenwerk is gericht op de meer dan duizend binnenschippersgezinnen van Vlaanderen.
Coulance gevraagd rond overgang naar
nieuw vaartijdenreglement op de Rijn ROTTERDAM De Centrale Commissie voor de Rijnvaart (CCR) wil dat er de komende tijd geen boetes worden opgelegd wanneer be- manningsleden aan boord van binnenvaart- schepen kwalificatiecertificaten, dienstboek- jes of vaartijdenboeken hebben die nog niet voldoen aan het nieuwe reglement rondom scheepvaartpersoneel op de Rijn (RSP); in ie- der geval tijdens de overgangsperiode richting de vaststelling van het nieuwe reglement.
Bovendien pleit de CCR er ook voor dat lidsta- ten maatregelen nemen om ervoor te zorgen
dat de ‘verouderde’ certificaten en vaartijden- boekjes ook bij controles buiten de Rijn nog worden geaccepteerd. Die maatregelen zou- den moeten gelden tot de nieuwe richtlijn is geïmplementeerd of tot uiterlijk 30 september als dat dan nog niet het geval is.
Mobiliteit Dat is besloten begin april en bekrachtigd tij- dens de voorjaarsvergadering van CCR op donderdag 2 juni. Het doel van deze coulance- regeling is om de mobiliteit van het personeel in de binnenvaart te vergemakkelijken.
“Voor een havenstad als Antwerpen is dat goed nieuws”, stelt coördinator Marina Willems van De Schroef vzw. Dit is een ont- moetingscentrum aan de Elzasweg - in de schaduw van het Havenhuis - waar schip- pers bijeenkomen, vergaderen, feesten ge- ven, hun kinderen naar de kleuterschool en de jeugdopvang brengen, de ouderen hun ont- moetingsmomenten hebben en waar ook indi- viduele problemen aan bod komen. De uitkomst had ook dramatisch kunnen zijn, zo stelt De Schroef. Lange tijd loerde het gevaar dat de voorziening (de kleuterschool uitgezonderd) zou stilvallen, omdat het Vlaams Departement Binnenlands Bestuur zijn subsidies schrapte en de stedelijke en provinciale Antwerpse instellin- gen geen uitkomst konden bieden.
Willems: “Gelukkig kunnen we nu melden dat er redding is gevonden bij het Vlaams
Departement Welzijn, dat aan Caritas Vlaanderen vzw vraagt om een voorziening op te zetten voor alle trekkende bevolkingsgroe- pen (circussen, kermissen, ambulante hande- laars) en dat voor de binnenschippers te doen, samen met vzw De Schroef.”
Nieuwe behoeſten Daarnaast voerde De Schroef samen met de Karel de Grote Hogeschool een onderzoek uit onder de publieksgroep naar de nieu- we behoeſten. Daar komen enkele opvallen- de conclusies uit naar voren die De Schroef en Caritas meteen gaan oppakken. Zo wordt de behoeſte aan onderlinge contacten bij de binnenschippers steeds dieper gevoeld. Dat wordt samen met de schippersbonden aan- gepakt. De binnenschippers raken bovendien bijna niet meer tot bij de huisarts, de tand- arts, de psycholoog, de kinesist. De Schroef: “Al die diensten werken, zeker sinds Covid, almaar meer op afspraak, terwijl schippers door hun reizende bestaan niet weten waar ze precies zullen zijn volgende week maandag om 15.45 uur, als er nog een plaatsje vrij is bij de huisarts. Daarvoor gaan we oplossingen uitwerken.”
Data delen over onderhoud kademuren en
CCR tevreden over maatregelen voor betere bevaarbaarheid Rijn
ROTTERDAM De Centrale Commissie Rijnvaart (CCR) is ingenomen met de bouwmaatrege- len die dit jaar gepland staan voor de verbe- tering van de bevaarbaarheid van de Rijn. Het gaat dan bijvoorbeeld om de sedimentaanvul- ling bij Iffezheim en op de Duitse Nederrijn, de bodemstabilisatie onder Iffezheim en in Bockum-Krefeld, de uitbreiding van de lig- plaatsen bij Mannheim en een baggerproef in rotsgesteente.
Volgens de CCR veroorzaken deze maatrege- len geen enkele belemmering van de scheep- vaart op de Rijn. “Integendeel, de door de CCR
goedgekeurde maatregelen dragen bij tot de waarborging van de bloei van zowel de Rijnvaart als de Europese binnenvaart alsook van een hoog veiligheidsniveau voor de scheepvaart en het milieu”, zo meldt de CCR na haar voorjaars- vergadering van donderdag 2 juni.
Behalve deze geplande bouwwerkzaamheden, heeſt de CCR nog meer maatregelen op de Rijn goedgekeurd, zoals de bouw van een onttrek- kingsconstructie voor de watertoevoer naar een rietland in Beinheim, de aanleg van een vispas- sage bij de waterkrachtcentrale van Rhinau en de voorgenomen sloop van de Merwedebrug.
damwanden moet beter inzicht opleveren ROTTERDAM De TU Delſt en het Havenbedrijf Rotterdam gaan een nieuw dataplatform voor grondkerende constructies ontwikke- len. Hierdoor moet het in de toekomst ge- makkelijker worden om besluiten te nemen over hoe en wanneer kademuren, damwan- den en delen van kunstwerken moeten wor- den beheerd.
Woensdag 8 juni tekenden Egbert van der Wal en
prof.dr.ir. Stefan Aarninkhof daartoe tijdens de conferentie Ports & Waterways een over- eenkomst waarin de gezamenlijke inzet en sa- menwerking met onder meer DigiShape en SmartPort werden bekrachtigd.
Het eerste project, dat in juni 2022 start, gaat op basis van data van ankerproeven inzicht geven in de bewezen sterkte van kademuren. Hieruit zou bijvoorbeeld kunnen blijken dat kademuren wellicht sterker zijn dan gedacht en juist meer of anders belast kunnen worden. Daarnaast wordt er gewerkt aan een project dat op basis van installatiedata de kennison- zekerheid over de ondergrond kan reduceren.
Ontoegankelijk Data over grondkerende constructies, zoals kademuren en damwanden, is vaak niet goed toegankelijk of moeilijk beschikbaar, door- dat ze over verschillende verantwoordelijke partijen verspreid zijn. Dat maakt het lastig om gedegen analyses te maken van de ‘bewe- zen’ sterkte van deze constructies. Ook is vaak niet bekend hoe zwaar, of op welke manier, ze de afgelopen tientallen jaren zijn belast. Desondanks moeten er wel besluiten wor- den genomen over het moment en de manier waarop ze vervangen of gerenoveerd gaan worden.
Data delen Door het ontwikkelen van een open dataplat- form, waarop het Havenbedrijf Rotterdam en andere beheerders hun data kunnen delen, hopen de samenwerkingspartners meer in- zicht te geven in de feitelijke staat van het are- aal. Ook gaat TU Delſt, op basis van de aange- leverde data, methoden ontwikkelen voor het beter beoordelen, toekomstbestendig vervan- gen en beheren van de infrastructuur.
AVERECHTS
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48