search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Uw mening


65


Vrouwen- namen (1)


Graag wil ik reageren op een artikeltje in CP01 over vrouwennaam voor nieuwe marineschepen. Het zal niet de eerste keer zijn dat schepen van de Koninklijke Marine hebben gevaren met een vrouwennaam. Op 6 augustus 1942 droeg de toen- malige president van de Verenigde Staten Roosevelt op de Navy Yard in Washington de Amerikaanse onder- zeebootjager Queen Wilhelmina aan koningin Wilhelmina over. Koningin Wilhelmina heeft daarna het schip in dienst gesteld bij de Koninklijke Marine als HMS Queen Wilhelmina. Het schip heeft voornamelijk dienst- gedaan in het Caribisch gebied voor konvooi- en escortediensten. Zij heeft daarbij meer dan 79.000 zeemijlen afgelegd, was ongeveer gelijk staat aan drieëneenhalf maal de omtrek van de aarde. De onderzeebootjager was een ge- schenk van president Roosevelt aan Nederland en hij had zelf de naam Queen Wilhelmina voorgesteld en deze werd door de Koninklijke Marine overgenomen. Naast de HMS Queen Wilhelmina zijn er twee Nederlandse veerboten die tijdens de Tweede Wereldoorlog als marineschip dienst hebben gedaan. Dit waren de twee veerboten MS Koningin Emma en MS Prinses Beatrix van De Stoomvaart Maatschappij Zeeland (SMZ). Beide schepen werden in 1939 in dienst gesteld en behoor- den op dat moment tot de snelste en modernste motorschepen ter wereld. Tijdens de Duitse inval in mei 1940 wisten beide schepen naar Engeland te ontkomen. Het British Ministry of War charterde beide schepen die ze om liet bouwen tot Landing Ships Infantry en werden bij de Royal Navy in dienst gesteld als HMS


Queen Emma en HMS Princess Beatrix. Beide schepen werden voor een groot deel bemand door de oorspronkelijke Nederlandse koopvaardijbemanning. Hoewel niet in dienst bij de Koninklijke Marine, maar bij de Engelse Royal Navy, is hier toch sprake van twee Nederlandse schepen omgebouwd tot marineschepen met Nederlandse vrouwennamen. Beide schepen zijn ingezet bij acties in Noorwegen, de Atlantische Oceaan, bij de raid op Dieppe, de invasies op Noord-Afrika, Sicilië en Frankrijk en in de Indische Oceaan. Ik denk dat het een goed idee is om na lange tijd weer vrouwennamen toe te kennen aan marineschepen. Maar dat is natuurlijk aan de traditiekamer van de Koninklijke Marine om hier over te beslissen.


ALBERT SIEGEL


verhaal over dit schip dat is geschreven door Harry Floor die het schip mee mocht ophalen in de USA. Ik was ook aan boord tijdens de aan- varing met de strekdam van Gibraltar, doordat het anker ging krabben tijdens windkracht 11. Dit alles gaf destijds nogal wat commotie.


ROB OTTIGNON ex-matroos 1, Rapp.1


Vergoeding voor kinderen geëxecuteerde Indonesiërs


Vrouwen- namen (2)


In uw artikel over vrouwennamen voor nieuwe marineschepen in CP01 heb ik een toevoeging. Als de naam van Francien de Zeeuw, de eerste vrouwelijke militair en ver- zetsheld, aan een marineschip wordt gegeven, is dat het tweede schip dat onder deze naam zal varen. Het eerste schip met deze naam was Hr.Ms. de Zeeuw, F 910. Vernoemd naar kapitein Lieven de Zeeuw die in de 17e eeuw in dienst was van de Admiraliteit van het Noorderkwartier. Hij was in 1637 onder Tromp com- mandant van de Wapen van Nassau en streed mee in de slag tegen de Duinkerkse kapers. Ondergetekende heeft in de jaren 1962– 1963 op deze oorlogsbodem gevaren en ik ben in het bezit van het volledige


Ik las dat de staat met een regeling komt voor kinderen van geëxecuteerde Indonesiërs. Ik vermoed dat het te maken heeft met mijn leeftijd, maar heb ik het goed begrepen? Gaat dit nu over kinderen van in Indonesië woonachtige Indische Nederlanders of mensen met de Indonesische nationaliteit? Het gaat mijns inziens toch over slachtoff ers met een Nederlands paspoort gedurende de bersiapperiode en niet over door onze militairen standrechtelijke gedode Indonesiërs? Want dan zouden wij eventueel ook een claim neer kunnen leggen bij de Indonesische regering, omdat ook daar de nodige off ers aan de Nederlandse kant zijn te betreuren door een vergelijkbaar feit. Ik, maar daarin sta ik niet alleen, erger me nog steeds aan de excuses die onze koning heeft gemaakt tijdens zijn recente bezoek aan de Gordel van Smaragd. Daar wil ik toch ook nog even aan refereren.


PIET STOUTJESDIJ K


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76