search.noResults

search.searching

saml.title
dataCollection.invalidEmail
note.createNoteMessage

search.noResults

search.searching

orderForm.title

orderForm.productCode
orderForm.description
orderForm.quantity
orderForm.itemPrice
orderForm.price
orderForm.totalPrice
orderForm.deliveryDetails.billingAddress
orderForm.deliveryDetails.deliveryAddress
orderForm.noItems
Ooggetuige


43


Na een aanval door de Japanse luchtmacht vloog zijn schip in brand. Stuurman bij de koopvaardij Berend van Bon vertelt alsof het gisteren was. Op Schiermonnikoog, zijn geboortegrond waar hij als jongen naar de zeevaartschool ging, doet hij zijn verhaal.


Tekst Gijs Wanders Fotografi e William Moore W


‘We zaten veilig in het Verre Oosten, maar de stemming was bedrukt. Nederland was bezet door de Duitsers. We maakten ons zorgen over onze familie. Voor de jappen waren we niet bang. Dat fiksen we wel, dachten we. Daarom voeren we ook niet in konvooi. Maar toen ze kwamen, wisten we wel beter. We waren rond kerst met de Aldegonda in de Chinese Zee. Aan boord hadden we zeshonderd ton brandstof voor Nederlandse gevechtsvliegtuigen bij Pangkalansusu, op Sumatra. Over de radio hoorden we dat in de buurt twee Britse slagschepen tot zinken waren gebracht. Daar keken we wel van op. Een dag voor mijn verjaardag, op 28 december, deed ik een middag- dutje. Ik had alleen een onderbroek aan, het was smoorheet. Ik schrok wakker van een explosie en meteen erna hoorde ik een tweede klap. Ik keek door de patrijspoort en zag bemanningsleden door de vlammen rennen. We waren met zo’n dertig man aan boord. Eén van hen was helemaal verbrand.


We werden aangevallen door Japanse vliegtuigen. Een bom had een tank vol benzine geraakt. Snel trok ik mijn witte ketelpak aan en pakte mijn tasje met papieren en geld. Achter ons schip zag ik de kapitein met de kwartiermeester op een vlot. Ze waren in paniek van de brandende brug gesprongen. Een reddingsboot bungelde aan nog maar één talie. Opnieuw kwamen de jappen mitraillerend over. Ik zag inslagen in het water en dacht: zolang ze op ons schieten ga ik niet in de sloep. Ik rende naar de machinekamer. De motoren liepen nog op volle kracht. Ik gebaarde de machinist dat we het schip stil moesten leggen. Bij de volgende lucht- aanval sprong ik toch van boord. Ik kon zwemmen als een vis en ging naar het vlot van de kapitein. Hij was in shock en gewond door glasscherven.’


Blussen ‘Toen de jappen weg waren, keerden de bemanningsleden in een reddings- boot verderop terug. Dat wilde ik ook. De kapitein verklaarde me voor gek. Ik deed mijn witte ketelpak uit, bang dat haaien erop af zouden komen. Een halfuur later klom ik poedelnaakt aan boord. Ik ging eerst naar mijn hut en trok mijn beste pak aan. Als ik weer van boord zou moeten, had ik in elk geval mijn mooiste kleren bij me. Daarna hielp ik met blussen. De eerste stuurman had de leiding. De stuurhut was helemaal verbrand, gesmolten glas hing als ijspegels naar beneden.


OVER Berend van Bon


Berend van Bon (1917) voer als stuurman bij Shell toen de Tweede Wereldoorlog uitbrak. Ook de koopvaardijschepen moesten een bijdrage aan de oorlogsinspanning leveren. De bemanningen werden vaarplichtig en dus gemilitariseerd. De tanker waarop Van Bon voer, de Aldegonda, werd getroff en bij een Japanse luchtaanval en vloog in brand. Later, bij de invasie van de Japanners in Nederlands-Indië, moest de bemanning het schip als- nog tot zinken brengen. Hij verliet Nederlands-Indië op mijnenveger Hr.Ms. Abraham Crijnssen.


Op het achterdek was het explosie- gevaar gelukkig geweken. Alleen op het voordek was het nog riskant, uit een gat van een vierkante meter kwam een gigantische vlam. Zelfs na uren blussen kregen we het niet gedoofd. “We houden scheepsraad”, zei de stuurman. De kapitein was inmiddels terug op het schip. Samen met de kwartier- meester had hij latten afgebroken van het vlot en gebruikt als peddels. Hij was niet in staat om nog iets te doen, maar zat wel bij het overleg. We namen een borrel. Iemand stelde voor de vlam te doven met een kleed. Ik ging naar buiten en zei tegen de Chinese bemanningsleden dat we de


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34  |  Page 35  |  Page 36  |  Page 37  |  Page 38  |  Page 39  |  Page 40  |  Page 41  |  Page 42  |  Page 43  |  Page 44  |  Page 45  |  Page 46  |  Page 47  |  Page 48  |  Page 49  |  Page 50  |  Page 51  |  Page 52  |  Page 53  |  Page 54  |  Page 55  |  Page 56  |  Page 57  |  Page 58  |  Page 59  |  Page 60  |  Page 61  |  Page 62  |  Page 63  |  Page 64  |  Page 65  |  Page 66  |  Page 67  |  Page 68  |  Page 69  |  Page 70  |  Page 71  |  Page 72  |  Page 73  |  Page 74  |  Page 75  |  Page 76