Dossier
21
Achter of naast de koningin?
Jan Drop heeft 4 mei als herdenkings- dag in 1946 bedacht. Drop was een oud-verzetsstrijder van christelijke huize en hij gebruikte vooral religieuze rituelen om de doden te herdenken. Militairen en veteranen hadden na de Tweede Wereldoorlog hun eigen herdenkingen op 10 mei (de dag van de Duitse inval in 1940) en later in de jaren vijftig ook op 27 december (de dag van de soevereiniteitsoverdracht in Indonesië). Na een jarenlange lobby van Indiëveteranen werden al deze her- denkingen in 1961 samengevoegd tot één nationale herdenking op de Dam, in de middag. Vanaf dat moment werden op 4 mei niet alleen slacht- off ers van de Tweede Wereldoorlog herdacht, maar ook militairen die na 1945 in Nederlandse dienst waren gesneuveld. Dit was zichtbaar op de Dam. Veteranen waren aanwezig met talloze veteranenorganisaties en
J
bijbehorende vlaggen en vaandels. En de erewacht – tegenwoordig erecouloir – bestond uit aan de ene kant veteranen en aan de andere kant oud-leden van de Binnenlandse Strijdkrachten (verzetsstrijders). Achter de schermen bleven er span- ningen bestaan tussen burgerlijke en militaire rituelen op de Dam. Om een voorbeeld te noemen: militairen en veteranen vonden dat je achter de koningin hoorde te staan tijdens de herdenking, uit beleefdheid en respect voor de hiërarchische verhoudingen. Oud-verzetsstrijders vonden juist dat je naast de vorstin hoorde te staan, want tijdens de oorlog was iedereen anoniem en gelijk; rangen en standen deden er niet toe.
‘Opgeblazen plechtigheid’ Pas in 1988 verschoof de Nationale Herdenking naar 20.00 uur ’s avonds op de Dam zoals we het vandaag de dag kennen. De Nationale Herdenking werd daarmee samengevoegd met de lokale Amsterdamse herdenking die tot dan toe om 20.00 uur op de Dam had plaats- gevonden. Dit ging niet zonder slag of stoot. Met name de aanwezigheid van militairen en veteranen ’s avonds op de Dam viel sommigen zwaar. Burgemeester van Amsterdam Ed van Thijn moest er niets van hebben, net als veel andere Amsterdammers. Ze vonden het maar een kille bedoeling: strak, sober, afstandelijk en met te veel militair vertoon. ‘Een opgeblazen plechtigheid, met militaire precisie, een autoritair draaiboek en veel hoogwaar- digheidsbekleders. De aanwezigen op de Dam waren geen betrokkenen, maar toeschouwers’, aldus de Amsterdamse krant Het Parool over 4 mei 1988.
En ook vanuit kringen van veteranen en militairen kwam er stevige kritiek op de nieuwe herdenking. Het aantal militairen en veteranen op de Dam was namelijk fl ink teruggedrongen, ze mochten minder kransen leggen en ze moesten voortaan hun vaandels en vlaggen thuislaten. De studentenweer- baarheden waren helemaal niet meer welkom. Bovendien viel de Nationale Herdenking voortaan samen met de militaire dodenherdenking op de Grebbeberg waardoor militairen en
Cijfers Het erecouloir is opgebouwd uit
• 10 actieve militairen per krijgsmachtdeel
• 60 veteranen via het
Veteranen Platform en het Veteraneninstituut
Er staat er een erewacht opgesteld van de vier
krijgsmachtdelen met in totaal 117 militairen
De kapel die speelt is altijd een militaire kapel
Er zijn gemiddeld
20.000 mensen op de Dam tijdens de herdenking
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72 |
Page 73 |
Page 74 |
Page 75 |
Page 76