This page contains a Flash digital edition of a book.
840 | WEEK 34-35 24 AUGUSTUS 2016


Officier Marco Vink geeſt kano-instructie bij het zeekadettenkorps en slaat zelden een zaterdag over. In het werkende leven is hij servicemonteur bij Alphatron Marine en repareert hij navigatie- en communicatieapparatuur op binnenschepen.


dag alsof er een bom is ontploſt. Je leert hier dus ook naar elkaar te luisteren. Ook al loop je niet op elk schip in uniform – in de binnen- vaart zijn ze niet van de rangen en standen – er is altijd een bepaalde mate van discipline en hiërarchie aan boord. Als de schipper zegt: dít gaan we doen, dan ga je dat niet nog eens eventjes in een Poolse landdag ter discussie stellen”. De gootsteen in de kombuis – “het kloppend hart voor de pannenkoeken, poffertjes, de frikandellen en de kroketten, en natuurlijk de gezonde maaltijd” – is al een tijdje niet meer te gebruiken. De afvoer is kapot en moet gereviseerd worden. “Dat is het grootste probleem wat we op dit moment hebben”, zegt Hagman. “Het schip is oud, en het eerste dat kapot gaat zijn de vloeren, de leidingen en de afvoeren. De drinkwatertank moet worden schoongemaakt en ook in de machinekamer zijn onderdelen aan vervanging toe. Maar pijpfitters zijn in het bedrijfsleven al haast niet te vinden, laat staan dat het lukt om vrijwil- ligers te vinden waaraan ik kan vragen of ze wat leidingen voor mij kunnen vervangen”. Toch ligt daar volgens Hagman de grote uitda- ging. “We hebben eigenlijk mensen nodig die in het dagelijks leven bijvoorbeeld machinist


VAN DE ZEE- KADETTEN KIEST 70 TOT 80 PROCENT LATER VOOR EEN MARITIEM BEROEP


zijn, of mensen die dat leuk vinden, die zeg- gen: ‘Joh, ik wil hier af en toe wel een beetje rommelen in de machinekamer, of één keer in de maand langs komen om de elektronica na te lopen’. Deze vorm van sponsoring is mis- schien wel veel essentiëler dan een som geld. Meer bekendheid met ons werk en wat wij hier doen, maakt uiteindelijk ook dat mensen zich voor ons willen inzetten. Al is het maar om een leiding te verwisselen of een elektro- motor te reviseren”.


Goede spullen Ook tegen tweedehands spullen zegt het zeekadetkorps zeker geen ‘nee’. Hagman: “We hebben iemand binnen het korps die werkt in de scheepselektronica, waar wel eens wat uit de mode raakt, maar wat voor ons nog heel bruikbaar is. Je bent er soms verbaasd over hoeveel goede spullen gewoon weg worden


gegooid of ergens staan te verpieteren, terwijl wij er heel erg blij mee zouden zijn. Deze koelvriescom- binatie hebben we bijvoorbeeld gekre- gen van iemand van wie de kinderen zee- kadet zijn geweest. Zelf werkt hij in die industrie. Voor een grote keuken vol- doen deze spullen niet meer, maar voor ons is deze prima.


Gelukkig heeſt hij aan ons gedacht”.


Van de zeekadetten kiest 70 tot 80 procent later voor een maritiem beroep in de koop- vaardij, de marine, de scheepsbouw of de binnenvaart (zo’n 15 procent), weet Hagman. En een groot aantal komt bij de toeleveran- ciersbedrijven terecht. Zo vaart er iemand van ons als matroos op de binnenvaart, en hebben we een jongen aan boord gehad die nu als kok werkt op de pannenkoekenboot. Wij leiden de jongeren niet specifiek op voor de koopvaardij, de binnenvaart of de marine, we proberen ze enthousiast te maken voor het maritieme leven in zijn geheel. Komt een zeekadet bijvoorbeeld te werken bij de scheepvaartinspectie, het havenbedrijf, of een bedrijf als Alphatron Marine, dan is hij zich al veel meer nautisch en maritiem bewust dan zonder de ervaring hier aan boord. Hij werkt en denkt al zo. Zijn hart ligt er al. Dat is al bewezen. De jongeren zijn hier omdat ze het leuk vinden. Dat is het voordeel. Je hoeſt hier niet te zijn. Je mág hier zijn! En nu is het nog speelterrein”.


Vier dienstvakken Het eerste jaar is het volgens de commandant vaak nog zoeken voor de ketelbinkies die met 9 jaar al lid kunnen worden. “Is dit wat voor mij? Word ik hier wel vrolijk en gelukkig van? Ze moeten even het gevoel erbij krij- gen. Er wordt ook wel wat van ze gevraagd. In het begin is het rondsnuffelen en ze leren spelenderwijs veel nautisch maritieme dingen, zoals de vele scheepsbenamingen, wrikken, de basis van het zeilen of navigeren, roeien, met een motorboot en roeiboot varen, brandbe- strijding, veiligheid, EHBO, maar ook het dek schrobben en de wc schoonmaken horen erbij. Daarna kunnen ze opklimmen tot bijvoorbeeld Zeekadet Tweede Klasse (ZK2). Met die rang


Commandant Rob Hagman laat zien hoe je een reddingspak aantrekt.


in de zak, kun je kiezen voor een van de vier dienstvakken: dekdienst, logistieke dienst, technische dienst of de verbindingsdienst. Vanuit deze specialisatie zijn allerlei certifica- ten en brevetten te halen, zoals het marifoon- certificaat, of het Vaarbewijs. En als je een jaar of zestien, zeventien bent, groei je meestal door naar een onderofficiersfunctie en krijg je ook de verantwoordelijkheid voor een bepaald werkgebied, afhankelijk van waar je ambitie ligt. Zo leren ze ook leiding te geven”. De meeste zeekadetten stromen door naar bij- voorbeeld het Scheepvaart- en Transport Col- lege of de Zeevaartschool. Ze kunnen daardoor een veel bewustere beroepskeuze maken en hebben volgens Hagman een voorsprong op de andere leerlingen. “Eigenlijk zijn ze vanaf hun 11de, 12de al in zo’n omgeving opgegroeid”, weet hij zelf uit ervaring. “Ik ben hier ook in 1974 als zeekadet begonnen. Daarna heb ik de Zeevaartschool doorlopen en tien jaar gevaren als stuurman, en ook op de Zeevaartschool zeggen de praktijkdocenten veel eerder tegen een ex-zeekadet: ‘Help jij mij maar met instruc- tie geven’. Het varen met motorboten, het over- zicht bewaren in situaties, is al gemeengoed. Je weet al wat het betekent om af te meren of met een groep bezig te zijn. Het zijn dingen die je eigenlijk steeds al hebt gedaan”.


Een stukje geschiedenis


Het zeekadetkorps Rotterdam is opgericht in 1959 en maakt deel uit van Zeekadet- korps Nederland, dat bestaat negentien korpsen. Die zitten voornamelijk in waterrij- ke gebieden met een grote concentratie in deze regio. Het oudste korps in Gouda zag in 1949 het levenslicht. “Na de oorlog zijn ze onder invloed van de Koninklijke Marine en de Koopvaardij tot stand gekomen die jon- geren wilden interesseren voor de scheep- vaart, en dat kun je natuurlijk het beste door te doen zoals het er aan boord van een schip ook aan toegaat”, zegt Eijkelenboom die sinds 8 jaar ook de belangen behartigt voor de overkoepelende organisatie. De korpsen maken gebruik van oude bin- nenvaartschepen, koopvaardijschepen of marineschepen. Het zeekadetkorps is een professionele maritieme jeugdvereniging, niet te verwarren met de zeeverkenners, on- derdeel van Scouting Nederland waarbij de nadruk veel meer ligt op het spelelement. “Mensen denken ook wel dat we een soort jeugdmarine zijn, maar ook dat zijn we niet. Hoewel de Koninklijke Marine financi- eel gezien bij de oprichting een rol heeſt gespeeld, zijn er verder geen banden meer. De maritieme traditie leeſt in die zin voort dat er rangen en standen zijn aan boord en dat een uniform wordt gedragen bij officiële gelegenheden, zoals de kranslegging bij het Nationaal Koopvaardijmonument De Boeg


Wereldhavendagen Binnenkort hoopt het zeekadetkorps weer veel kinderen warm te laten worden voor de maritieme wereld en natuurlijk voor het korps zelf. Zoals elk jaar is het korps aanwezig op de Wereldhavendagen. Het zeekadetkorps doet mee aan een speciaal jongerenprogramma in samenwerking met het Scheepvaart- en Transport College en Nederland Maritiem. “We krijgen een tiental schoolklassen aan boord ter lering en vermaak”, zegt Eijkelenboom. “Maar ook voor toevallige passanten is het schip toegankelijk voor een rondleiding”. Donderdag 1 september vaart het schip weer in volle glorie uit naar de voor haar bestemde plek nabij Hotel New York. “Dat is altijd weer een hele uitdaging voor de kadetten”, zegt Hagman. Hoewel veel aan boord aan vervanging toe is, werkt de motor gelukkig nog goed. “Maximaal 300 omwentelingen maakt de hoofdmotor. Maar wij varen er nooit meer dan 220/230. Ms Betelgeuze heeſt een verstelbare schroef die ervoor zorgt dat het schip de hele tijd hetzelfde toerental blijſt draaien en degene die boven aan het manoeuvreren is door de bladstand te wijzigen, voor- en achteruit, of harder en zachter kan varen. Dat werkt als een trein”.


15


Zeekadetten bij De Boeg.


in Rotterdam op 4 mei of het Indisch Monu- ment in Den Haag op 15 augustus. Op die manier laten we zien dat we er zijn”. “Het Gemeentelijk Havenbedrijf doet af en toe een kleine bijdrage aan het Rotterdam- se zeekadetkorps en we zijn dankbaar voor de mooie gratis ligplaats. De Koninklijke Vereniging van Nederlandse Reders (KVNR) is landelijk gezien de hoofdsponsor. Daar hebben we veel contact mee”, aldus Eijke- lenboom. “De binnenvaart is lastiger te be- reiken, omdat die bestaat uit veel verschil- lende clubjes en er geen gemeenschappelijk aanspreekpunt is. Wij leveren veel jongeren die matroos worden. De binnenvaart is hartstikke gebaat bij ons voorbestaan. Dus hallo meneer Binnenvaart”, zegt hij met een knipoog, “wat is uw postadres?”


Page 1  |  Page 2  |  Page 3  |  Page 4  |  Page 5  |  Page 6  |  Page 7  |  Page 8  |  Page 9  |  Page 10  |  Page 11  |  Page 12  |  Page 13  |  Page 14  |  Page 15  |  Page 16  |  Page 17  |  Page 18  |  Page 19  |  Page 20  |  Page 21  |  Page 22  |  Page 23  |  Page 24  |  Page 25  |  Page 26  |  Page 27  |  Page 28  |  Page 29  |  Page 30  |  Page 31  |  Page 32  |  Page 33  |  Page 34