UIT DE DIERENARTSPRAKTIJK HANS VAN LOO
Aan de hand van praktijkvoorbeelden schrijven drie dierenartsen over ziekten in de melkveehouderij. Toon Meesters, werkzaam bij Vee & Arts Veterinaire Diensten uit Roosendaal, Hans Van Loo, verbonden aan de Universiteit Gent (en dierenarts te Merelbeke), en Annemiek Veenkamp van Dierenartspraktijk Flevoland wisselen elkaar af bij een beschrijving van ziekte tot behandeling.
Koudestress bij kalveren zorgt voor daling van de weerstand
naam aandoening koudestress
verschijnselen minder groei, verhoogde gevoeligheid voor infecties van de luchtwegen
oorzaak koude omgevingstemperatuur
behandeling voldoende dik instrooien, kalverjasje, extra melk, hogere concentratie kunstmelk
Enkele weken geleden stond ik tijdens een bedrijfsbezoek met een van onze veehoudsters bij de kalveren. Het was 5 graden onder nul en de kalveren stonden buiten in een iglootje met buitenbeloop. Er was weinig stro als bedding in de iglo’s aanwezig. Ik had hier extra aandacht voor, aange- zien wetenschappelijk aangetoond is dat de dikte van de bedding een belangrijke factor is bij de gevoeligheid voor luchtweginfecties bij kalveren gedurende periodes met koud weer. ‘Wat is dan de optimale dikte?’, vroeg de veehoudster. Kalverhutjes worden tijdens kou het best voorzien van een dikke laag stro, zodat de kalveren hun achterpoten er volle- dig in kunnen verstoppen. Zo krijgt het kalf de kans om rond zijn achterpoten een laagje lichaamswarmte vast te houden, waarbij het stro functioneert als een soort van donsdeken. Wat verderop zag ik een kalf met een natte achterhand als gevolg van een milde voedingsdiarree. Ik gaf advies omtrent de diarree, maar vertelde ook dat een natte vacht de gevoe- ligheid voor koudestress duidelijk verhoogt. Koudestress ontstaat als de omgevingstemperatuur van de kalveren on- der een bepaalde grens zakt, ook wel de laagste kritische temperatuur genoemd. Deze grens hangt af van tocht (wind), vochtigheid, lengte van het haarkleed, zonlicht, dikte van de
bedding en herkauwactiviteit. Voor kalveren jonger dan een maand is de laagste kritische temperatuur 10 à 15 graden boven nul. De kalveren op dit bedrijf hadden dus duidelijk met koudestress te maken. Bij koudestress daalt de alge- mene weerstand, wat gepaard gaat met een sterk verhoog- de gevoeligheid voor ziekte, voornamelijk luchtweginfecties. De veehoudster vroeg of ze nog meer kon doen dan enkel dikker instrooien. Bij kalveren jonger dan drie weken is een kalverjasje een goede oplossing. ‘Zorg ervoor dat de kalve- ren er niet onder staan te zweten, dat de jasjes droog blijven en pas tijdig de afmetingen van de jasjes aan bij snel groei- ende kalveren’, zei ik. Daarnaast spraken we over een extra melkgift, zodat de kalveren extra energie krijgen. Ook kan in geval van kunstmelk de concentratie van het melkpoeder verhoogd worden. ‘Let wel op dat je hierbij niet overdoseert. Kijk op de bijsluiter van het melkpoeder tot welke concentra- tie je kan gaan om de spijsvertering niet in de war te sturen. Zorg ook voor twee tot drie keer per dag warm water’, gaf ik mee. Ten slotte keken we naar de oriëntatie van de iglo’s. De opening was naar het zuidoosten gericht, wat ideaal is. Zo konden de kalveren toch de schaarse zonnestralen opvan- gen, zonder last te hebben van de koude noordoostenwind.
veeteelt JANUARI 2023
31
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60 |
Page 61 |
Page 62 |
Page 63 |
Page 64 |
Page 65 |
Page 66 |
Page 67 |
Page 68 |
Page 69 |
Page 70 |
Page 71 |
Page 72