Mestbassin of zandbak?
Zand en mest is op veel melkveebedrijven moei- lijk te verwerken. Manuel Candamio Folgar werkt met een mestschuif om de met zand vermengde mest naar buiten te trekken. Het valt in een bas- sin dat voor drie maanden opslag heeft. Het zand bezinkt en als de opslag vol raakt, zuigt een mengmesttank de dunne fractie uit het bassin. De drab die achterblijft, wordt met loaders uit de opslag geschept. Een special ontworpen deur biedt toegang naar de opslag. Als het vloeistof- niveau voldoende daalt, kan de gesealde deur open en is de weg vrij om de opslag uit te mesten.
het voer voor een lagere prijs kunt kopen. Voor ons is dat erg belangrijk, ik moet mijn risico managen.’
Scherp break-evenpunt
De melkprijs is daarnaast structureel lager dan elders in Europa. De melkprijs kwam in 2017 uit op 31,7 euro per 100 kilo meetmelk. Manuel levert de melk aan een fa- briek die UTH-melk (langhoudbare melk) verkoopt. Het is een markt waar de melk vooral wordt uitbetaald op volume en niet of nauwelijks op gehalten. Daarmee zijn de lage gehalten op het bedrijf (3,35% vet en 3,27% ei- wit) te verklaren. Maar Manuel denkt wel vooruit en ziet dit op lange termijn veranderen. Daarom gebruikt hij geen stieren meer die de gehalten fors verlagen. De hoge productie per koe resulteert uiteindelijk wel in een scherp break-evenpunt (tabel 1). Het verdunnen van de kosten over meer kilo’s melk is op Spaanse bedrijven een populaire koers. Bij Manuel met succes: ondanks de hogere directe (voer)kosten, kon het bedrijf in 2017 uit de voeten met het uitbetaalde melkgeld. De melkvee- houder ‘wint’ de concurrentie met zijn Europese col- lega’s vooral dankzij scherpe kosten voor land en arbeid.
De vergoeding voor arbeid is met 12,5 euro per uur erg laag. Hoewel weinig jonge mensen aan de slag willen in de melkveehouderij, zijn de uurlonen relatief gezien bescheiden. Het bedrijf hoeft daarom op arbeid niet te bezuinigen en besteedt gemiddeld 58 uur per koe per jaar aan arbeid. Daarin zijn alle werkzaamheden meegenomen. De extra uren maken het mogelijk de productie per koe hoog te houden. Op Spaanse bedrijven is de arbeidsinzet doorgaans royaal vergeleken met Nederland.
Honger naar grond
De Spaanse grondprijzen variëren sterk per regio. Hoe- wel de honger naar grond aanzienlijk is, zijn weinig boeren bereid om er hoge prijzen voor neer te tellen. Voer aankopen is meestal goedkoper door de hoge be- werkingskosten van eigen voederwinning. Met name in Galicië ligt het land erg gefragmenteerd. Manuel ziet vooral mogelijkheden in samenwerking met de buren. ‘Je moet jezelf kunnen aanpassen aan veranderende omstandigheden. Niet fixeren op één methode, maar veranderen als het nodig is.’ l
Een aanschuifrobot zorgt ervoor dat koeien elk moment voer kunnen opnemen Koeien liggen comfortabel in het zand
veeteelt SEPTEMBER 1 2018
37
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56 |
Page 57 |
Page 58 |
Page 59 |
Page 60