THEMABIJEENKOMST
Beschikbaarheid fosfor in graskuil varieert van zeventig tot negentig procent
Dieper de kuil in
Maiskuilen worden sneller verteerbaar naarmate ze langer onder het plastic zitten en de variatie in de beschikbaarheid van fosfor in graskuilen is groot. Dat is voor Eurofi ns de aanleiding om nieuwe kengetallen te introduceren op het kuilanalyseformulier. tekst Jaap van der Knaap
rantsoen past. ‘Bij fij ner hak- selen wordt de verteerbaar- heid, de NDF-fractie, hoger. Dat is gunstig voor rantsoe- nen met weinig mais. ’ In het algemeen geldt dat be- drij ven die minder dan vij ftig procent mais in het rantsoen hebben, beter kunnen stre- ven naar mais met minimaal 38 procent droge stof. Daar- door is er meer bestendig zet- meel en is het verstandig om deze vervolgens op 8 millime- ter te laten hakselen, geeft Abbink aan. ‘Bij een maisaan- deel in het rantsoen van meer dan vij ftig procent is het ad- vies om grover te hakselen bij 35 procent droge stof en een lengte van meer dan 10 mil- limeter. Zo kun je mais aan- passen aan het rantsoen dat voor het voerhek ligt.’
Gerard Abbink: ‘Maiskuil in de zomer anders dan vlak na de oogst’
‘I
s snij mais wel zo’n vaste waarde in het rantsoen?’ Dat Gerard Abbink de vraag stelde
tij dens de Eurofi ns
Expertdag in Wageningen be- tekende dat er reden was tot twij fel. ‘Bij maiskuilen weten we dat de bestendigheid van het zetmeel afneemt gedu- rende de tij d dat het onder het plastic zit. De maiskuil die in de zomer wordt ge- voerd, is een andere kuil dan de kuil zes weken na de oogst.’
De voormalige productmana- ger van grond- en gewasla- boratorium Eurofi ns (het vroegere Blgg) toonde in Wa- geningen de resultaten van 54 maiskuilen, die bij na een
22
Robin Wolf: ‘Fosfor is beter beschikbaar in
snelle najaarskuil’
jaar lang intensief gevolgd waren. ‘Kort na de oogst zagen we fl inke verschillen in de bestendigheid van het zetmeel, maar vooral de eer- ste maanden neemt de be- stendigheid exponentieel af. De kuilen zakken allemaal naar een vaste bestendigheid van ongeveer 15 tot 20 pro- cent.’
Abbink gaf aan dat het uit- wasbare ruw eiwit een goede maat bleek om de afname van zetmeel te voorspellen. Daarom gaat Eurofi ns
ko-
mend seizoen het maisanaly- seformulier uitbreiden met Penskarakter Mais die het percentage bestendig zetmeel drie maanden na de monster-
VEETEEL T MEI 1 2016
Alie Hissink: ‘Zoeken naar betere bepaling kuilopbrengst’
datum en het energieverlies voorspelt.
Abbink toonde ook de in- vloed van mais in rantsoenen op de melkproductie.
‘Het
belang van de mate van be- stendigheid van zetmeel per kilogram droge stof neemt af naarmate er meer mais in het rantsoen zit. Met an- dere woorden: voer je weinig mais, dan is het belangrij ker om te streven naar een hoge hoeveelheid bestendig zet- meel dan in een rantsoen met veel mais.’ Het onderzoek gaf volgens Abbink aan dat er sturings- mogelij kheden zij n om mais in de kuil te krij gen die het beste bij het bedrij f en het
Jong gras: meer fosfor Robin Wolf, productmanager rundvee bij Eurofi ns, was die- per in het onderwerp fos- forgehalte in graskuilen ge- doken. Graskuilen bevatten tussen de 1,5 en 6,5 gram fos- for per kg droge stof, maar dit ‘bruto fosfor’ is niet volle- dig verteerbaar voor de koe. ‘De beschikbaarheid van fos- for varieert van 70 tot 90 pro- cent. Bij een koe die veertig kilo melk produceert, kan die variatie ervoor zorgen dat je 12 procent minder fosfor hoeft aan te voeren om de koe op de fosfornorm te voe- ren’, zo vertelde Wolf. De beschikbaarheid van fos- for wordt onder meer beïn- vloed door de verteerbaar- heid van het gras. ‘We zagen dat in kuilen met jong ge- maaid gras en snelle najaars- kuilen de beschikbaarheid van fosfor het hoogst is’, al- dus Wolf. De beschikbaar- heid hangt ook af van de ge- zondheid van de bodem en de bodemvoorraad. ‘De minera- lisatie komt bij een hogere bodemtemperatuur goed op gang, waardoor fosfor beter beschikbaar is voor de plant. Dat zie je ook terug in de beschikbaarheid in de plant zelf. ’
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56