grote vleesproducent die bijvoorbeeld een Beter Leven Keurmerk kreeg van de Die- renbescherming. Bovendien is de hele ke- ten volledig Track & Trace. Waar ook ter wereld is te vinden van welk dier een stukje vlees is, bij welke veehouder het dier heeft gestaan en welke voeding het heeft gehad. En daar optimaliseren we ook constant onze producten mee.’
Wat betekent de vleeskalverhouderij voor de melkveehouderij in Nederland? ‘Het is goed om te bedenken dat er in Ne- derland geen kalf wordt geboren omdat wij als vleeskalverhouderij dat willen. Wij verwaarden alleen kalveren die niet ge-
wat daar allemaal gebeurt. Maar helaas is niet iedereen zich bewust van de waarde van de vleeskalverhouderij en vaak wor- den er meningen geuit die niet gestoeld zijn op juiste uitgangspunten.’
Is daar het recent niet afnemen van het totale kalveraanbod een voorbeeld van? ‘Precies, de toename van het aantal ge- boorten zorgde voor een hoger aanbod dan wij hadden verwacht en op dat mo- ment konden plaatsen. We hebben wel zeker geanticipeerd op de toename van het Nederlandse aanbod, want afgelopen half jaar importeerden we als sector 75.000 minder nuka’s uit het buitenland.
‘Het is zelfs een
grote wens van ons om ibr- en bvd-vrij te worden’
Maar we hebben ook daar onze afspraken en kunnen niet zonder het buitenland.’ ‘Kalfsvlees is een versproduct en produce- ren voor de vriezer is een verliespost. Wij moeten daardoor constant inschatten wat de marktvraag van vers kalfsvlees over 8 tot 12 maanden is en welke pro- ductkwaliteiten de markt wil. Om aan alle wensen te voldoen hebben we een be- paalde schaal van kwaliteit gekoppeld aan kwantiteit nodig die ons uniek maakt, maar daardoor kunnen we niet zonder de import van kalveren uit het buitenland. Alleen dan zijn de kracht en innovatie in de sector gegarandeerd en dat dient de Nederlandse melkveehouder op de lange termijn.’
Maar de import van kalveren wordt toch gezien als de reden van het niet van de grond komen van ibr- en bvd-bestrijding?
schikt zijn voor het melkveebedrijf en ge- bruiken daarvoor ook nog eens een flinke hoeveelheid weipoeder voor kalvermelk- poeder. Dat draagt allemaal bij aan de to- tale ketenverwaarding van het product melk. In het verleden hebben we eens doorgerekend dat de Nederlandse kalver- houderij drie cent per kilo melk bijdraagt aan het resultaat van de melkveehoude- rij. Zet dat af tegen landen als China en Nieuw-Zeeland waar geen gestroomlijnde oplossingen zijn voor het grote aantal kal- veren. Het is niet aan mij om te vertellen
‘En dat is dus een grote misvatting. Wij zijn als VanDrie Group gek gezegd indi- rect de grootste veeboer van Nederland en zijn, net zoals de gehele sector, gebaat bij een gezonde veestapel. Daarom is het zelfs een heel grote wens van ons om Ne- derland ibr- en bvd-vrij te maken, niet sinds kort, maar al jaren. Het helpt ons ook in het verder terugdringen van anti- bioticagebruik. Daarom hebben we bin- nen de commissie Diergezondheid en Kwaliteit Runderen (DKR) ook sterk mee- gedacht over hoe Nederland vrij kan wor- den. De pech is alleen dat Nederland een
historie met ibr-vaccinatie heeft en dat zit dieper geworteld dan wij denken. Maar er moet wat gebeuren, daar zijn wij van overtuigd, indien nodig met wetgeving.’
Recent is het sectorplan ‘Vitaal, gezond en duur- zaam kalf’ gelanceerd. Was daar behoefte aan? ‘Wat we door de jaren heen zien is dat de nuchtere kalveren steeds lichter worden. Toen ik veertig jaar geleden in de sector begon, wogen de lichte kalveren 42 kilo. Nu is dat 36 kilo, terwijl de grootste vraag naar kalveren van 45 kilo is. Het geeft de noodzaak aan dat een kalf in ieder geval voldoende aandacht moet hebben gehad en op meer dan 90 procent van de bedrij- ven gaat dat ook goed.’
‘Het belangrijkste voordeel van het sec- torplan is het kalfvolgsysteem, waardoor informatie van het dier op termijn ge- deeld kan worden. Nu gebeurt de handel in nuka’s veel op emotie, terwijl dit meer op ratio zou moeten. Via het kalfvolgsys- teem is in de toekomst informatie over groei en antibioticagebruik van het kalf terug te koppelen. Ik zou me daar vervol- gens een bonus-malussysteem bij voor kunnen stellen wat nukaprijzen betreft.’
Op dit moment is er een massaal gebruik van witblauwstieren. Is er op termijn voldoende plaats voor deze kruislingskalveren? ‘Sterker nog, op dit moment is er al een probleem met het plaatsen van de wit- blauwe kalveren. Er is actueel ruim 30 procent aanbod en binnen Nederland is maar ruimte voor 18 tot 20 procent. De rest gaat nu als startkalveren naar landen als Spanje, Hongarije en Turkije. Een kruislingkalf is een heel ander dier, met andere kosten en waarvoor de markt- vraag te beperkt is om het prijstechnisch verantwoord te kunnen verwaarden in dit segment. Een dergelijk overaanbod als nu zie je altijd gevolgd worden door een prijsdaling tot er een nieuw evenwicht in de markt ontstaat.’
Wat verwacht u van de nukaprijs de komende jaren?
‘Vlees lijkt op de lange termijn duurder te worden. Aangezien wij in Nederland in staat zijn om kalfsvlees op de beste ma- nier te verwaarden waar ook ter wereld, is een structureel lagere prijs voor hol- steinnuka’s praktisch uitgesloten. Mis- schien zit er zelfs nog wel een kleine prijs- stijging in. Ook het aanbod kalveren zal, op een incident na, op de lange termijn niet het probleem zijn. Iedere dag van het jaar zetten wij ons in op marktvergroting om het product kalfsvlees maximaal te kunnen verwaarden.’ l
VEETEEL T MEI 1 2016 21
Page 1 |
Page 2 |
Page 3 |
Page 4 |
Page 5 |
Page 6 |
Page 7 |
Page 8 |
Page 9 |
Page 10 |
Page 11 |
Page 12 |
Page 13 |
Page 14 |
Page 15 |
Page 16 |
Page 17 |
Page 18 |
Page 19 |
Page 20 |
Page 21 |
Page 22 |
Page 23 |
Page 24 |
Page 25 |
Page 26 |
Page 27 |
Page 28 |
Page 29 |
Page 30 |
Page 31 |
Page 32 |
Page 33 |
Page 34 |
Page 35 |
Page 36 |
Page 37 |
Page 38 |
Page 39 |
Page 40 |
Page 41 |
Page 42 |
Page 43 |
Page 44 |
Page 45 |
Page 46 |
Page 47 |
Page 48 |
Page 49 |
Page 50 |
Page 51 |
Page 52 |
Page 53 |
Page 54 |
Page 55 |
Page 56